Nieuwe concentratie dagbladuitgevers verwacht

ROTTERDAM, 19 JULI. De beslissing van Reed Elsevier om de Dagbladunie, met de titels NRC Handelsblad en Algemeen Dagblad, te verkopen, is een stap in de richting van een volgens ingewijden onvermijdelijke concentratie van de dagbladenuitgeverijen. Wie de krantentitels van de Dagbladunie uiteindelijk inlijft, is de grote vraag. Reed Elsevier noemt drie mogelijkheden: een buitenlandse koper, een binnenlandse gegadigde of een beursgang van de Dagbladunie, die daarmee zelfstandig blijft.

Een rondgang langs betrokken en specialisten leert dat zo'n beursnotering een laatste optie is, en dat de kans op een buitenlandse koper gering is. De verkoop van de Dagbladunie wordt volgens waarnemers een Nederlands onderonsje.

Voor buitenlandse partijen is de nieuwe toegang tot de gesloten Nederlandse markt weliswaar in theorie extra geld waard, maar W. Wentges, directeur corporate finance van Kempen & Co, gelooft niet dat buitenlandse uitgeverijen kunnen worden verleid tot een bod. “Daarvoor hebben redacties in Nederland te veel invloed, en bovendien zijn er voor Nederlanders veel meer schaalvoordelen te behalen.” Ook anderen wijzen op de verschillen tussen de Nederlandse en Angelsaksische redactiecultuur. “Voor buitenlandse belangstelling moet je meer naar het oosten kijken dan naar het westen,” denkt een krantenuitgever. “De kans dat een buitenlandse uitgever de Dagbladunie koopt, achten wij nihil,” zegt Betty Ng van de Amerikaanse investeringsbank Goldman Sachs. De bank adviseert Reed Elsevier in Groot-Brittannië bij de verkoop van de boekendivisie. “De Amerikaanse uitgevers niet kapitaalkrachtig genoeg en zijn nog druk bezig met afslanken en reorganiseren,” zegt Ng. “Britse uitgevers willen minder afhankelijk zijn van het krantebedrijf, en ook Duitse uitgevers als Gruner und Jahr en Springer willen diversificeren.”

Een zelfstandige beursgang van de Dagbladunie wordt al evenmin als een waarschijnlijke optie gezien. Als een concentratie in de dagbladsector onontkoombaar is, dan zal het bedrijf op termijn toch deel gaan uitmaken van een groter verband. Waarom de Dagbladunie dan eerst naar de beurs gebracht, waardoor de overnamepremie wordt gemist?

De Dagbladunie brengt bij een beursgang, bij de huidige gemiddelde koers/ winstverhouding van de uitgeverijsector van 15, hooguit 700 miljoen gulden op. Binnen ABN Amro, de bank die Reed Elsevier adviseert bij de verkoop, circuleren berekeningen die niet verder gaan dan 500 miljoen gulden. Veel hangt af van de nettowinst die de Dagbladunie zal laten zien. In het concernverband waarin het bedrijf nu zit, is die nettowinst moeilijk te bepalen. Het hangt af van de rentelasten, en dus van het vermogen dat Reed Elsevier aan haar dochter meegeeft. Een cijfer van 40 tot 45 miljoen gulden is volgens analisten een educated guess. Zowel ABN Amro als Reed Elsevier gaan er van uit dat beleggers zich bij hun beslissing in een zelfstandige Dagbladunie te stappen, zullen willen baseren op de cijfers over 1995, waardoor pas in maart een definitief prospectus kan worden opgesteld.

Als de buitenlandse belangstelling mondjesmaat is, en een beursgang te weinig opbrengt, blijven de vier Nederlandse krantenuitgeverijen naast de Dagbladunie over. De landelijke dagbladen zijn in handen van de Dagbladunie, de Perscombinatie (Volkskrant, Trouw en Parool) en De Telegraaf. De regionale kranten in Zuid-Nederland zijn grotendeels in handen van VNU (onder andere De Stem en Brabants Dagblad), terwijl Wegener in de randstad en in het oosten van het land de dienst uitmaakt.

Een overname van de titels NRC Handelsblad en Algemeen Dagblad is met name voor VNU en Wegener een wenkend perspectief, zo stellen analisten. Beide uitgevers hebben veel ervaring met krantenmaken, maar ontberen titels met een landelijke uitstraling. Een inlijving van de Dagbladunie zal de positie van deze uitgevers op de advertentiemarkt aanmerkelijk versterken. Bovendien zijn er zowel op het gebied van drukken, transport en bezorging kostenvoordelen te behalen.

Een overnamebod door de Perscombinatie of door De Telegraaf wordt door analisten minder waarschijnlijk geacht. De Perscombinatie beschikt niet over voldoende geld om de gevraagde prijs te betalen. Bovendien zijn de verhoudingen tussen de Dagbladunie en de Perscombinatie sinds de mislukte fusiebesprekingen in 1988 verstoord. “We hebben daarvan allebei littekens op onze rug overgehouden”, zegt een ingewijde binnen de Dagbladunie. Voor De Telegraaf zal de financiering geen bezwaar zijn, maar daar is de vraag of een tweede grote ochtendkrant wel aantrekkelijk is.

Voor VNU en Wegener zou een overname aanvullend zijn op de bestaande regionale titels. Bundeling van krachten biedt deze krantenuitgevers bovendien de kans om nieuwe produkten te ontwikkelen en andere informatiekanalen aan te boren. Binnen de uitgeverswereld leven al ideeën om bijvoorbeeld een databank voor advertenties op te zetten. Maar ook de mogelijkheden voor regionale televisie worden door Nederlandse krantenuitgevers nauwlettend in de gaten gehouden.

Dat zowel Wegener als VNU niet over een ruime oorlogskas beschikken, hoeft geen probleem te zijn. Een geïnteresseerde uitgever zou bijvoorbeeld een alliantie met één of meer financiële partners kunnen sluiten om zo aan voldoende geld te komen. Ook is het niet ondenkbaar dat verschillende uitgevers zouden besluiten samen de Dagbladunie in te lijven of dat de nieuwe eigenaar als grootaandeelhouder optreedt en een deel van de Dagbladunie naar de beurs brengt.

De participatiemaatschappij NPM liet vanmorgen bij monde van directeur M. Dekker weten zeker belangstelling te hebben om te investeren in een consortium dat de Dagblaunie overneemt of, na een splitsing, de twee kanten apart. “Het voordeel van een consortium, met een of twee uitgevers en financiële partijen, is dat de pluriformiteit blijft gehandhaafd,” zegt Dekker. “Ik zou het een slechte zaak vinden als de Dagbladunie naar mijn goede vriend Joep Brentjens zou gaan. VNU heeft al meer kranten en dan ga je vanzelf indikken.”

Geen van de potentiële binnenlandse kopers wil zich op dit moment al te veel in de kaart laten kijken. Wegener en De Telegraaf geven geen commentaar op de verkoopplannen van Reed Elsevier, de Perscombinatie liet gisteren weten zich “te beraden op de gevolgen voor ons bedrijf”. Bij VNU is men duidelijk wel geïnteresseerd. “Het zijn activiteiten die zich afspelen in onze markt. We zullen hetgene dat wordt aangeboden bestuderen,” zegt L. Schölvink, secretaris van de Raad van Bestuur van VNU.

Iedere Nederlandse krantenuitgever die de Dagbladunie zou willen overnemen, loopt nog wel op tegen de persfusie-gedragsregels. Die regeling, door de uitgevers intern afgesproken, stelt dat een uitgever maximaal een derde van de Nederlandse krantenoplage mag verzorgen. Voor Wegener en VNU is dit probleem niet al te groot. Bij een overname van de Dagbladunie zou het gezamenlijke marktaandeel hier maar een paar procent bovenuit komen. De Telegraaf en de Perscombinatie zouden wel aanmerkelijk hoger uitkomen. Bovendien betekent een inlijving door de Perscombinatie dat vijf van de zes landelijke dagbladen in een concern terecht komen. De politieke weerstand hiertegen zal groot zijn. Ook de vakbonden zullen zich fel verzetten, uit angst dat dan titels moeten sneuvelen.