Mobiele communicatie bij politie

DEN HAAG, 18 JULI. Politiemensen krijgen in de toekomst vanuit hun auto toegang tot een landelijk net voor mobiele datacommunicatie. Met dit 'kantoor op straat' krijgen zij sneller toegang tot informatie dan nu het geval is.

Dat schrijven de ministers Dijkstal (binnenlandse zaken) en Sorgdrager (justitie) in een brief aan de Tweede Kamer.

De ministers vinden dat de samenhang in de informatievoorziening van de politie op dit moment onvoldoende is. De informatiestromen die van wezenlijk belang zijn voor de opsporingstaak van de politie zijn onvoldoende uniform, schrijven zij.

Dat heeft volgens hen dagelijks terugkerende problemen tot gevolg, die zij “onaanvaardbaar” vinden. Zij vinden dat er meer samenhang moet komen in de informatie-uitwisseling tussen politiekorpsen onderling en van de politie met andere instanties.

De bewindslieden willen meer gegevens landelijk opslaan en toegankelijk maken voor de regionale korpsen. Daartoe moet meer eenheid worden aangebracht in de informatie-apparatuur. Voor mobiele communicatie van de politie met ambulancediensten en de brandweer wordt al een landelijk netwerk voor mobiele communicatie opgezet.

Voor de financiering van de plannen trekken minister Dijkstal en minister Sorgdrager de komende vier jaar minimaal 80 miljoen gulden uit. Een verhoging van het budget van de korpsen met twee procent, zoals vorig jaar door een adviescommissie is voorgesteld, nemen zij niet over. Het communicatienetwerk tussen politie, ambulancediensten en brandweer dwingt in de toekomst wel tot een extra investering. Hoeveel geld daarvoor moet worden uitgetrokken, weten de bewindslieden nog niet.

Met hun brief aan de Kamer reageren Dijkstal en Sorgdrager op de aanbevelingen die het Adviescollege voor de Politiële Informatievoorziening vorig jaar november deed.