Catalanen zeggen steun aan regering Felipe González op

CADIZ, 18 JULI. De Catalaanse nationalistische partij CiU heeft gisteravond officieel verklaard haar steun aan de minderheidsregering van premier Felipe González op te zeggen. González sprak vanochtend in een radiogesprek zijn voorkeur uit algemene verkiezingen te vervroegen naar begin volgend jaar. González staat onder nieuwe druk nu beschuldigingen naar buiten komen over betrokkenheid van zijn regering bij het organiseren van doodseskaders.

De steun van de CiU was de afgelopen twee jaar een garantie voor de politieke overleving van het kabinet van González, dat in de verkiezingen in 1993 zijn absolute meerderheid verloor. De Catalaans-nationalistische leider Jordi Pujol wijt het opzeggen van zijn steun aan González onder meer aan de aanhoudende stroom schandalen waarmee de regering geconfronteerd wordt. Daarnaast is volgens Pujol de daadkracht van de regering sterk afgenomen. De Catalaanse nationalisten kunnen zich tevens niet verenigen met de liberale abortuswetgeving die door de regering van González is aangenomen.

Volgens Pujol beschouwt zijn partij zich niet langer gebonden aan de afspraken met González, die overigens tot dusver nooit openbaar zijn gemaakt. De CiU zal de komende maanden per onderwerp besluiten in hoeverre zij haar steun aan de regering verleent, bijvoorbeeld aan de begrotingsvoorstellen voor het komende jaar.

Pujol - zelf geen parlementslid, maar president van de regio Catalonië - sprak zijn voorkeur uit dit najaar vervroegde verkiezingen in zijn gebied te houden. Omdat de CiU deze onder geen beding wil laten samenvallen met de nationale verkiezingen, sprak ook Pujol zijn voorkeur uit voor het houden van landelijke verkiezingen in het komende voorjaar. Samen met de regerende sociaal-democraten houdt de partij daarmee vast aan het eerdere voornemen om de vervroegde landelijke verkiezingen pas te organiseren na afloop van het voorzitterschap van de Europese Unie, dat Spanje tot eind december bekleedt.

De affaire rond de GAL, de doodseskaders binnen het Spaanse politie-apparaat die in de jaren tachtig verantwoordelijk waren voor een twintigtal moorden op veronderstelde ETA-aanhangers, is gisteren opnieuw opgeleefd. Na maanden van voorarrest verscheen de voormalige politiechef van Bilbao, Miguel Planchuelo, voor de onderzoeksrechter Baltasar Garzón om op eigen verzoek een verklaring af te leggen. Volgens de ex-politieman was de vroegere minister van binnenlandse zaken José Barrionuevo - op dit moment parlementslid voor de regeringspartij - persoonlijk betrokken bij een ontvoeringsactie door de GAL. Ook de voormalige staatssecretaris voor staatsveiligheid Rafael Vera zou hebben geholpen bij de organisatie van de GAL, aldus de getuigenverklaring. Twee andere verdachten in de GAL-affaire - onder wie de ex-gouverneur Julián Sancristóbal - hebben inmiddels via hun advocaten laten weten de beschuldigingen aan het adres van de ex-minister te ondersteunen.

González herhaalde vanochtend dat zijn regering nooit betrokken is geweest bij de GAL. De premier weigerde evenwel op de details van de nieuwe verklaringen in te gaan. Volgens González is er sprake van een georganiseerde campagne om zijn persoonlijke integriteit af te breken.