Privatisering van Renault in versneld tempo

PARIJS, 14 JULI. De Franse regering wil zo snel mogelijk de privatisering van automaker Renault en het aluminium- en verpakkings-concern Péchiney uitvoeren. Electronica-fabrikant Thomson, die ook op de nominatie stond, moet 'eerst zijn strategie bepalen'.

De Franse regering heeft dit jaar nog geld nodig. Verwacht wordt dat de verkoop van de resterende staatsaandelen Renault en Péchiney en die van de Compagnie Générale Maritime in totaal 40 miljard franc (13 miljard gulden) kunnen opleveren. Officieel heeft de nieuwe regering van premier Juppé zich voorgenomen de opbrengst alleen te bestemmen voor verlaging van het begrotingstekort.

Renault is nog voor 51 procent in staatshanden, Péchiney voor 57 procent. De automobiel-fabriek heeft vorig jaar 3 miljard franc winst gemaakt en is volgens president-directeur Schweitzer al enige tijd gereed helemaal de vrije markt op te gaan.

De voorgenomen fusie met Volvo ketste vorig jaar mede af omdat de Zweden geen zekerheid kregen over de datum waarop de Franse staat zich definitief uit het bedrijf zou terugtrekken. De vakbonden zijn nog steeds tegen verdere privatisering, al wijst de directie er graag op dat bij de eerste tranche van de verzelfstandiging het personeel flink aandelen heeft gekocht.

Péchiney is bezig met een grootscheepse sanering en hoopt nu onder zijn nieuwe president-directeur Rodier te kunnen profiteren van een opwaartse markt. In 1994 verloor het concern nog 3,5 miljard franc. Onder meer door grote belangen in de Verenigde Staten af te stoten probeert men de schuld (die groter is dan het eigen vermogen) te reduceren.

Elektronica-maker Thomson (van consumenten tot defensie, waar onder Hollandse Signaal) blijft in de etalage liggen. Directeur Gomez voelde niet veel voor directe privatisering. Het bedrijf maakt moeilijke tijden door, zowel op de consumentenmarkt als op het gebied van de defensie-elektronica, waar veel overheidsbudgetten onder zware druk staan.