Moorden en verkrachtingen; Twintigduizend moslims uit enclave gezet

SARAJEVO, 14 JULI. De Bosnische Serviërs hebben de 'etnische zuivering' van de enclave Srebrenica voltooid. Ze maakten gisteren duidelijk dat ze nu streven naar inname van de enclaves Zepa en Gorazde.

In Gorazde hebben Bosnische soldaten Oekraïense blauwhelmen omsingeld. ZXe dreigen hun wapens in beslag te nemen.

In de Nederlandse basis in Potocari bevinden zich nog slechts 400 van de 30.000 vluchtelingen uit Srebrenica. Duizenden mannen onder de vluchtelingen worden in het nabijgeleden Bratunac door de Bosnische Serviërs “ondervraagd” over hun gedrag in de oorlog. Ruim twintigduizend moslim-vrouwen en -kinderen zijn in twee dagen met bussen en vrachtwagens naar de bestandslijn bij Kladanj gereden. Na een voettocht van tien kilometer over de frontlijn zijn ze door de VN opgevangen en naar Tuzla overgebracht, waar de meesten nu bivakkeren op het vliegveld. Ze kampen met een tekort aan water en voedsel. Ze hebben bovendien geen dak boven het hoofd. De autoriteiten in Tuzla weigeren de vluchtelingen tot de stad toe te laten met het argument dat de VN-vredesmacht voor de val van Srebrenica verantwoordelijk is en derhalve voor de vluchtelingen moet zorgen.

De Nederlandse blauwhelmen zijn nog in Potocari. Minister van defensie Voorhoeve zei gisteren dat ze daar zullen blijven zolang zich daar nog vluchtelingen uit Srebrenica bevinden.

Bij de evacuatie van Potocari hebben de Bosnische Serviërs zich volgens de vluchtelingen schuldig gemaakt aan moord op mannen en verkrachting van vrouwen. “De Serviërs kwamen de [Nederlandse] basis in Potocari binnen, liepen rond en namen alle mannen, een paar [Bosnische] soldaten en de jongens mee. Ze verdwenen achter een gebouw en we hoorden schoten. Niemand kwam terug”, aldus een van de vluchtelingen in Tuzla. Anderen vertelden dat Servische soldaten bij het vertrek van de vluchtelingen uit Potocari alsnog in de bussen stapten en een aantal vrouwen meenamen. Sommige vrouwen keerden later terug en vertelden te zijn verkracht. De meeste vrouwen keerden niet terug.

Het opperbevel van de Bosnische Serviërs meldde gisteren dat in de enclave Srebrenica nog regeringssoldaten vechten, maar dat ze “spoedig zullen worden geneutraliseerd”. De “drie jaar geleden uit Srebrenica verjaagde” Bosnisch-Servische burgers zijn volgens de mededeling naar de stad teruggekeerd om zich er weer te vestigen.

De televisie van de Bosnische Serviërs meldde gisteravond dat de moslim-bevolking van de twee andere enclaves in Oost-Bosnië, Zepa en Gorazde, “zich bereid heeft verklaard het Servische gezag te accepteren”. Daaraan werd toegevoegd dat de moslims in deze enclaves die dat Servische gezag niet accepteren en weg willen, “in alle veiligheid naar de laatste Servische controleposten zullen worden gebracht”. De melding wordt gezien als een duidelijke aanwijzing dat de Bosnische Serviërs nu deze beide enclaves gaan aanpakken. Hun leider, Radovan Karadzic, zei gisteren dat niet alleen Srebrenica, Zepa en Gorazde maar ook de andere 'veilige gebieden', Tuzla, Bihac en Sarajevo, de Serviërs toebehoren. Overigens liet de regering van Kroatië weten tussenbeide te zullen komen als de Bosnische Serviërs zouden trachten de enclave Bihac in te nemen.

Het Bosnisch-Servische persbureau SRNA maakte gisteren zelf melding van artilleriebeschietingen op een dorp in de enclave Zepa. In Gorazde zou sprake zijn van “een belangrijke hergroepering van moslim-strijdkrachten”. (Reuter, AP, AFP)