Kabinet strijdt nog over werkloosheid

Vandaag is de laatste vergadering van de ministerraad voor het zomerreces. Traditioneel een zware dag, omdat er knopen moeten worden doorgehakt over de rijksuitgaven. Dat valt dit keer mee. Er zijn andere problemen. 'Paars' op zoek naar 'werk, werk en werk'.

DEN HAAG, 14 JULI. De afgelopen jaren waren in de zomer de discussies in de Trêveszaal over de overheidsuitgaven zo hectisch dat toenmalig premier Lubbers en minister Kok (financiën) besloten de zaterdag als extra vergaderdag te gebruiken. Bewindslieden vertrokken van de Trêveszaal rechtstreeks naar hun vakantiebestemming. Van CDA-minister De Vries (sociale zaken) gaat de anekdote dat hij vanuit de zaal naar huis belde om te zeggen dat hij onderweg was. Aangekomen in Bergschenhoek stond de auto met caravan (en surfplank) startklaar en hoefde alleen het grijs nog maar te worden verruild voor een groen trainingspak. “Bert surfde via de Hangpuntenbrief in één keer door naar de vakantie”, weet een oud-medewerker.

Het is kenmerkend voor het huidige begrotingsbeleid dat minister Zalm (financiën) geen Hangpuntenbrief naar zijn collega's heeft gestuurd. In deze brief inventariseert de minister van financiën de meningsverschillen met zijn collega's, de claims en de niet ingevulde bezuinigingen. Die geschilpunten zijn er dit jaar nauwelijks bij de overheidsuitgaven. De ministers houden zich aan de gemaakte afspraken. Ook de bijgestelde prognoses van het Centraal Planbureau (CPB) geven geen aanleiding “de besluitvorming over de collectieve uitgaven te heropenen”, aldus Zalm in een brief aan zijn collega's.

De VVD-minister streeft ernaar om slechts één keer per jaar in de ministerraad over de begroting te discussiëren. Als CPB-directeur heeft hij de verlammende werking van de permanente discussie over de begroting gadegeslagen. Bij iedere financiële tegenvaller werd de noodremprocedure in werking gesteld. “Wij hijgen van de ene naar de andere bezuinigingsronde”, verzuchtte oud-minister Andriessen (economische zaken) ooit. De voornaamste doelstelling van de huidige minister van financiën is het handhaven van de afspraken die zijn gemaakt over de uitgaven van het rijk en de sociale fondsen. En vooralsnog houden de ministers zich aan de Zalm-norm.

Vorige week kon de premier op zijn persconferentie al melden dat de besprekingen over de uitgaven waren afgerond. Kok erkende dat de meevallende economische groei daar “behoorlijk” aan had bijgedragen. Maar er is geen reden voor euforie. “We moeten alles uit de kast halen om te zorgen dat de relatief goede economische periode van nu een optimale vertaling krijgt in een lagere werkloosheid”, aldus Kok.

De kalme discussie over de uitgaven staat in schril contrast met de politieke strijd in het kabinet over de inkomstenkant van de begroting, over de lastenverlichting en over de koopkracht. In mei bereikte het kabinet een principe-akkoord over de lastenverlichting. Met de introductie van een zogeheten afdrachtskorting (een belastingkorting voor werkgevers) wil het kabinet arbeid goedkoper maken en zo de werkgelegenheid stimuleren. De totale kosten werden geschat op 3,5 miljard gulden, maar hoeveel banen het plan zou opleveren was niet bekend.

Het Planbureau heeft nu berekeningen gemaakt voor een korting van 800 gulden per werknemer en een extra korting van 1.275 gulden voor mensen die een loon verdienen tot 115 procent van het wettelijk minimumloon. Het effect op de werkgelegenheid viel de bewindslieden bar tegen. In april ging het CPB nog uit van 735.000 mensen met een werkloosheidsuitkering, in recente berekeningen wordt een aantal van 775.000 voorspeld.

De introductie van de afdrachtskorting kan een verslechtering van de werkloosheid niet afwenden. De slechte resultaten voor de werkgelegenheid, en voorziene uitvoeringsproblemen hebben er toe geleid dat de afdrachtskorting weer ter discussie staat. De 'beleidscomputers' maken op dit moment overuren om antwoord te vinden op die ene vraag: welke vorm van lastenverlichting leidt tot de meeste nieuwe banen?

En niet alleen de prognoses van de werkgelegenheid vielen tegen, ook de computeruitdraai van de koopkracht voldeed niet aan de verwachtingen. Volgend jaar worden de sociale uitkeringen weer gekoppeld aan de gemiddelde loonstijging in de marktsector. Op verzoek van het kabinet heeft het CPB nog een aantal specifieke maatregelen verwerkt met het doel de koopkracht van de lagere inkomens te verbeteren. Maar de maatregelen kunnen niet verhinderen dat mensen met een uitkering volgend jaar minder te besteden hebben dan dit jaar.

Als gevolg van de complexe fiscale operatie zal volgens het CPB het tarief van de eerste schijf met 1,6 procentpunt stijgen tot 39,25 procent. De lastendruk neemt daardoor toe en dit staat haaks op het beleid om arbeid goedkoper te maken en zo werkgelegenheid te creëren.

De discussie over de lastenverlichting begint op die van vorig jaar te lijken. Ook toen voldeden de computerberekeningen niet aan de 'paarse' verwachtingen en kwam er op de valreep een tijdelijke premievrijstelling in de Ziekenfondswet.

Toenmalig minister De Vries nam de pc wel eens mee op vakantie om wat varianten door te rekenen. “De whizz-kids van dit kabinet zullen dit voorbeeld wel volgen”, schertst een ambtenaar van financiën. “In augustus, wanneer de besprekingen worden afgerond, hebben minister Zalm en staatssecretaris Vermeend zeker een paar scenario's doorgerekend op de privé pc.”