Frankrijk: kritiek was niet gericht op optreden Dutchbat

DEN HAAG, 14 JULI. Parijs heeft volledig begrip voor de moeilijke positie van de Nederlandse militairen in Srebrenica. Van kritiek op hun optreden is geen sprake. Dat heeft de Franse ambassadeur D. Bernard gisteravond telefonisch aan minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) laten weten.

Van Mierlo was in woede ontstoken over het feit dat zijn Franse collega De Charette Nederland, volgens een bericht van het persbureau Reuters, verweten zou hebben dat Nederlandse militairen medeplichtig waren aan etnische zuiveringen in Srebrenica. Bernard werd gisteravond op het ministerie van buitenlandse zaken ontboden, nadat minister Van Mierlo zelf het persbericht in twijfel had getrokken.

In een vraaggesprek met het Franse televisiestation France-2 zei De Charette dat de televisiebeelden onverdragelijk en onacceptabel zijn. “We zien blauwhelmen in ex-Joegoslavië, in dit geval Bosnië-Herzegovina. Waarvoor zijn zij daar? Om twee nauwkeurig omschreven taken te vervullen: humanitaire hulp te bieden enerzijds en zich tussen de partijen op te stellen anderzijds.

Interviewer: Maar zij doen noch het één noch het ander?

“Zij doen noch het één noch het ander, en worden uiteindelijk medeplichtigen van wat wij altijd hebben afgewezen. Eerlijk, als dat het geval is, dan kunnen zij beter vertrekken. Dat moeten wij niet aanvaarden. Er zijn dingen die een waardig man niet accepteert. Daarom zeg ik: ik ben niet van plan dat te accepteren. (...)

“Ik wijs u erop dat Srebrenica is gevallen zonder dat er enige verdediging is gevoerd door de aanwezige Bosnische troepen (...), en zonder een werkelijke reactie van UNPROFOR. Dat is een extreem ernstige gebeurtenis.”

In zijn gesprek met Van Mierlo heeft ambassadeur Bernard erop gewezen dat het om het falen van UNPROFOR in zijn geheel ging en dat zijn minister zich met name had afgevraagd waarom de duizenden manschappen van het Bosnische leger geen verzet hadden geboden in Srebrenica.

De woordvoerder van de Franse minister van buitenlandse zaken heeft vanochtend bevestigd dat deze Nederland niet op het oog had toen hij gisteren kritiek uitte op de lijdelijkheid en zelfs medeplichtigheid aan etnische zuivering van de VN-troepen rond de val van Srebrenica.

Volgens een woordvoerder van het Nederlandse ministerie van buitenlandse zaken is de zaak na de uitleg van de Franse ambassadeur afgedaan. “De Nederlandse regering betreurt de aanleiding tot wat kennelijk een misverstand is.”

Pag.3: Veel lof voor Dutchbat

Het grote ongenoegen over de weergave van de kritische woorden van de Franse minister van buitenlandse zaken kwam op een moment dat medewerkers van de afdeling voorlichting van het ministerie op de persconferentie juist een stencil hadden uitgedeeld waarop de loftuitingen van de leden van de Veiligheidsraad waren samengevat.

De Amerikaanse afgevaardigde prees de Nederlandse vredesbewaarders, die een voorbeeld waren voor “dapperheid en toewijding die lang in de herinnering zullen blijven”.

De uitspraken van de Franse minister van buitenlandse zaken zijn in overeenstemming met wat president Chirac, premier Juppé en collega van defensie Millon dezer dagen uitdrukken: ongeduld over het uitblijven van een krachtig Westers antwoord. Daarbij lijkt de irritatie meer gericht jegens de Verenigde Staten en Groot-Brittannië dan tegen Nederland.

Helemaal vrij van kritiek is Nederland niet gebleven overigens. Eergisteren sprak minister Charette in een vraaggesprek met buitenlandse jouranalisten zijn teleurstelling uit over het feit dat de Snelle Interventiemacht zijn rol nog niet kan spelen: “Een aantal UNPROFOR-landen, met name Groot-Brittannië en Nederland, hebben hun toegezegde bijdrage nog niet geleverd.” Frankrijk is met zijn Interventiemacht-aandeel wel aanwezig in voormalig Joegoslavië, maar ondanks sommige toespelingen, lijkt Parijs nog niet van plan die troepen alleen aan de slag te laten gaan.