Oorlogsheld Israel dreigt aureool kwijt te raken

TEL AVIV, 13 JULI. Nog een paar dagen geleden was het 'zeker' dat premier Yitzhak Rabin de voormalige chef-staf generaal Ehud Barak begin augustus in zijn regering zou opnemen. Wat was er immers aantrekkelijker voor Rabin, zelf chef-staf tijdens de Zesdaagse Oorlog, om met zo'n vijf maal gedecoreerde oorlogsheld in zijn regeringsploeg het vredesproces, ondanks het steeds feller wordende verzet van de nationalistische oppositie en van rabbijnen, voort te zetten?

Israels grootste krant, Yedioth Achronoth, heeft afgelopen vrijdag echter roet in het eten gegooid. In een uitzonderlijk diepgaande en uitgebreide reportage wordt Barak, de held van gisteren, van zijn aureool beroofd. De chef-staf zou een van de meest fundamentele wetten van de militaire ethiek hebben geschonden.

Israelische militairen krijgen vanaf het begin van hun loopbaan in het leger ingeprent dat het onaanvaardbaaris om gewonden op het slagveld achter te laten. Wie die hoogste militaire norm negeert, maakt in de achting van de Israelische samenleving een diepe val. Als Yedioth Achronoth het bij het rechte eind heeft, staat Ehud Barak op het punt die te maken.

Om kwart over zes 's morgens op 5 november 1992 werd bij een van de geheimste militaire oefeningen die ooit in Israel zijn gehouden, per ongeluk een raket afgeschoten op een groep soldaten van de elite-eenheid van de landmacht. Als de raket een paar meter verder was ontploft zou Israels militaire top zijn weggevaagd. Nu lagen er dode en stervende soldaten aan de voeten van de opperbevelhebber, Ehud Barak. Volgens getuigenissen die door Yedioth Achronoth werden aangehaald, bleef deze met zijn armen gekruist naar dit verschrikkelijke tafereel kijken. “Zoon van een hoer, kom helpen”, werd er volgens de krant naar hem geroepen. Opperbevelhebber Barak zou zich echter niet hebben verroerd en vertrok, aldus de krant, zelfs zonder gewonden te hebben meegenomen met zijn helikopter. Later zou hij tegen militaire commissies van onderzoek tegenstrijdige versies van zijn gedrag hebben gegeven, hetgeen ook generaal Levin, de huidige commandant van Noord-Israel, zou hebben gedaan. De huidige opperbevelhebber, generaal Lipkin-Shahak, zou zo door het drama dat zich voor hem ontvouwde, zijn aangegrepen dat hij moest overgeven.

Waarom was op die bewuste ochtend de hele militaire top op de basis in Tse'elim ? De militaire censuur staat slechts toe vanuit Israel te melden dat er een geheime militaire actie in Irak werd voorbereid. Het was de laatste oefening daarvoor. Volgens buitenlandse bronnen ging het om een spectaculaire actie om de Iraakse president, Saddam Hussein, te vermoorden. Aan het ongeluk dat de politieke carrière van Barak kan breken, heeft de Iraakse dictator misschien zijn leven te danken.

Dat laatste interesseert de ouders van de bij het ongeluk omgekomen vijf soldaten overigens volstrekt niet. Zij rusten niet totdat een hoge officier de verantwoordelijkheid voor de “ramp” op zich neemt. De ouders beschuldigen het leger, en generaal Barak er in het bijzonder, ervan hen “te misleiden en te bedriegen”. Zij eisen een onderzoek door een onafhankelijke commissie omdat ze geen vertrouwen hebben in de bevindingen van militaire commissies.

De ouders zitten achter het artikel in Yedioth Achronoth. In hun verontwaardiging zouden ze zelfs in het geheim video- en bandopnamen hebben gemaakt van officieren die hen kwamen condoleren of moed in wilden spreken. Dat is kennelijk een deel van het materiaal waarop de krant zich baseert en dat wellicht, als het op een rechtszaak uitdraait, boven water komt.

Socialistische politici geloven dat de Likud-oppositie achter de publikatie in Yedioth Achronoth zit om zo Ehud Baraks opname in de regering-Rabin te blokkeren. Binyamin Ze'ev Begin, een Likud-parlementariër, heeft Yedioth Achronoth echter van “karaktermoord” beschuldigd en zich afgevraagd hoe het mogelijk is dat een man die op het slagveld vijf van de hoogste militaire onderscheidingen in de wacht heeft gesleept, zo door het slijk wordt gehaald.

Barak komt, kennelijk op aanraden van premier Rabin, met spoed uit China naar Israel terug om zich tegen de aantijgingen te verdedigen. Chef-staf Lipkin Shahak heeft het voor Barak opgenomen en gezegd dat deze de militaire basis niet verliet voordat alle gewonden met helikopters naar ziekenhuizen waren vervoerd.

Op de achtergrond van deze affaire speelt de snelle verandering van de status van de Tshahal, het leger, in de Israelische samenleving. Een paar jaar geleden was het ondenkbaar dat een krant met zo'n diepte-reportage over een militair ongeluk zou komen. Nu worden voormalige en zelfs nog in functie zijnde generaals als leugenaars bestempeld. Aan uitspraken van woordvoerders van het leger wordt geen geloof meer gehecht. Ouders van soldaten spreken op de radio over de legerleiding als over een stelletje criminelen.

Het door zijn legendarische zege in 1967 roemvolle Israelische leger heeft zijn glans verloren. De Yom Kippur-Oorlog, de strijd in Libanon en de intifadah hebben aan de reputatie van het leger geknaagd. Daarnaast tornt het steeds sterker wordende materialisme in de welvaartsmaatschappij die Israel is geworden, aan de zionistische waarden die jongeren er lange tijd toe brachten voor het leger te kiezen.

Door een scherpere selectie en doordat de maximale hoeveelheid rekruten die het leger kan verwerken is bereikt, wordt een derde van iedere lichting dienstplichtigen niet meer opgeroepen. Het vervullen van de dienstplicht is niet langer het 'ere-diploma' dat nodig is om in Israel iets te bereiken. Wie niet heeft gediend, om welke reden ook, staat niet meer buiten de maatschappij maar kan er zijn plaats in vinden. Als het vredesproces doorzet, voorzien militaire analisten dat Israel misschien over enkele jaren al van de dienstplicht leger zal overschakelen op een beroepsleger. Dat zal dan het einde zijn van een heel bijzonder hoofdstuk van de rol van het volksleger in de vorming van de Israelische samenleving. De affaire-Barak is een schakel in die ontwikkeling.