Leurs ziet perspectieven voor honkballers op Spelen

HAARLEM, 13 JULI. Met een filtersigaret in de mondhoek en een blikje fris in de hand toonde bondscoach Jan Dick Leurs zich meteen na afloop van het duel tegen België een opgelucht man. Dankzij een 10-0 overwinning in de halve finale van het Europees kampioenschap verzekerde de Nederlandse honkbalploeg zich gisteravond in Haarlem van deelname aan de Olympische Spelen van volgend jaar in Atlanta. Door de zege verdedigt het team vanaf vanavond bovendien in een best of five-serie ook de Europese titel tegen Italië, dat zich gistermiddag door een eenvoudige overwinning in de andere halve finale tegen Spanje eveneens kwalificeerde voor de Spelen.

xpDrie weken geleden was Leurs met zijn selectie begonnen aan de voorbereiding op het EK. Sindsdien is eigenlijk maar naar één dag toegewerkt, de dag van gisteren, woensdag 12 juli, waarop de halve finales van het EK op het programma stonden. Want meer nog dan het prolongeren van de twee jaar geleden in Zweden veroverde Europese titel, stond winst in de halve finale centraal. Dat zou immmers automatisch kwalificatie voor de Spelen betekenen, omdat de beste twee landen van dit EK Europa mogen vertegenwoordigen in Atlanta. “En vier jaar geleden ben ik aangesteld om olympische kwalificatie voor elkaar te krijgen”, zei Leurs.

Sinds het eerste EK-honkbal in 1954 in Antwerpen werd gespeeld, hebben Nederland en Italië altijd de dienst uitgemaakt. Slechts twee keer ging de titel niet naar een van beide landen. De laatste keer dat dat gebeurde, was in 1967. Toen werd België bij afwezigheid van zowel Nederland als Italië eerste. Alle dertien finales daarna gingen tussen de traditioneel sterkste honkballanden van Europa. Het had daarom wel heel vreemd moeten lopen als de eindstrijd in Haarlem niet opnieuw een treffen tussen Nederland en Italië had opgeleverd.

Maar de afgelopen weken had Leurs zo zijn twijfels over een dergelijk vertrouwd scenario. Landen als Zweden en Frankrijk hebben een enorme progressie gemaakt, zei hij steeds. Als Nederland een keer een slechte dag heeft en Zweden of Frankrijk een goede, dan is alles mogelijk, meende Leurs. De bondscoach moest er niet aan denken dat zoiets zich uitgerekend voor zou doen op 12 juli.

Om eventuele verrassingen tot een minimum te beperken, had Leurs zijn beste werpers daarom in de groepswedstrijden voor het EK zo veel mogelijk gespaard. Tegen de Belgen, die ten koste van het tegenvallende Zweden verrassend tot de halve finales waren doorgedrongen, stond Eelco Jansen op de heuvel. De werper speelde een uitstekende wedstrijd: hij stuurde zeven Belgen met drie-slag terug naar de dug-out.

Leurs liet de 26-jarige en internationaal nog vrij onervaren Jansen de volle acht innings zijn werk doen. “Misschien had ik Eelco tegen het eind van de wedstrijd moeten wisselen om hem nog een beetje te sparen voor de duels tegen Italië”, zei de bondscoach. “Als coach was dat ook de enige juiste beslissing geweest. Maar niet als mens, want ik heb hem de afgelopen dagen steeds verteld dat het zijn wedstrijd zou worden. En het werd zijn wedstrijd. Hij was superklasse. Dan moet je zo'n jongen ook gewoon tot het eind laten staan.”

Aan slag kwam Nederland moeizaam op dreef, mede omdat aanvankelijk vrijwel geen van de slagmensen raadt wist met de vreemde, erg trage curve-ballen van de Belgische pitcher Lucas van der Linden. Bij het begin van de zesde inning was de stand daardoor niet meer dan een benauwde 2-0. De opluchting bij de Nederlandse spelers en begeleiders was dan ook groot toen man of the match Eddy Dix - met twee honken bezet - een homerun sloeg. In dezelfde inning sloeg vervolgens ook Edsel Martis - met opnieuw twee honken bezet - de bal over de hekken van het met circa vierduizend toeschouwers goed gevulde Pim Mulier-stadion. In de achtste inning kwamen Dix en Jeffrey Cranston nog over de thuisplaat (10-0), waarna het duel was beslist.

Leurs sprak even later van een historische dag voor het nationale honkbal. “De kwalificatie voor de Spelen is een absoluut hoogtepunt. Voor mij, voor de andere coaches, voor de spelers en voor de honkbalsport in Nederland.” De nationale ploeg nam één keer eerder deel aan de Olympische Spelen, in 1988 in Seoul. Honkbal was toen echter niet meer dan een demonstratie-sport. Vier jaar later, in Barcelona, had honkbal de status van officiële olympische sport, maar op de Spelen van '92 ontbrak Nederland omdat het zich niet had weten te kwalificeren.

Leurs kon gisteravond nog niet zeggen of hij de nationale ploeg als bondscoach naar Atlanta zal vergezellen. Volgende week heeft hij een gesprek met het bondsbestuur van de honkbalbond over een verlenging van zijn contract. De oud-speler meent dat Oranje op de Spelen zeker niet kansloos is voor een plaats bij de laatste vier, maar dan moeten er volgens hem wel volop mogelijkheden zijn voor een gedegen, professionele voorbereiding. In de aanloop naar dit EK is daar onvoldoende sprake van geweest, vindt Leurs. Twee weken geleden verweet hij de bond nog “amateurisme”.

Vanaf vanavond wacht echter eerst nog de confrontatie met Italië. In een best of five strijden beide landen om het Europese kampioenschap. Nu deelname aan de Spelen een feit is, is prolongatie van de Europese titel het volgende doel, zei Leurs.