Ir. L.W. Lievense; 'De NS heeft mijn plan van A tot Z afgekraakt, want: not invented by us'

Hij werd bekend door het 'Plan Lievense', een waterbekken met windturbines in de Markerwaard. Maar hij heeft tijdens zijn ingenieursloopbaan meer revolutionaire oplossingen bedacht: een tunnel die je onder het water doortrekt in plaats van af te zinken, een dam van zand in een baai die golven van zestien meter weerstaat en de Betuwelijn als 'drijvend' tunneltracé. Hij vindt zichzelf geen uitvinder: 'Het gaat eerder om uitdagingen waarbij je met je vakkennis en een combinatie van technieken nieuwe plannen ontwikkelt.'

Ir. L.W. Lievense houdt met zijn 'raadgevend ingenieursbureau' kantoor in een statig pand in het centrum van Breda. Via een wit marmeren gang en een donkerhouten trappenhuis kom je in zijn werkkamer met een meterslange vergadertafel en leren fauteuils. Hij is een bevlogen man met een zware, sonore stem en in zijn revers steekt een rotaryspeldje.

Zijn revolutionairste idee, het Plan Lievense, bestond uit een waterreservoir van 27 km omringd door 28 meter hoge dijken met 1000 windturbines die energie leveren om het water in het bekken te pompen. Het water loopt op ieder gewenst moment terug en zet waterturbines in werking die elektricteit leveren. Zo vangt dit energiereservoir piekuren in stroomverbruik op, zodat er minder krachtcentrales nodig zijn: 'Ik reisde destijds iedere maand naar Zuid-Afrika. Tijdens de oliecrisis las ik in het vliegtuig een artikel waarin stond dat de windsnelheden boven Texel voldoende waren om heel Nederland van energie te voorzien, maar dat het zo jammer is dat we die energie niet kunnen opslaan. Je kunt energie wel in water opslaan. Ik ging dat uitwerken voor de Markerwaard en er kwamen fantastische cijfers uit. Toen was de vraag: waar ga ik aankloppen, want je zit met het probleem 'not invented by us', dus niet bij energiebedrijven of waterstaat, en ook niet bij Economische Zaken als overkoepelend orgaan van de energiebedrijven. Maar een vriendje van me kende de vice-voorzitter van de Raad van State, dr.M. Ruppert, de onderkoning van Nederland. Hij was, evenals de toenmalige wetenschapsminister Van Trier, wel geïnteresseerd.'

Een commissie die een voorstudie verrichtte, was enthousiast. Time (8-6-1981) meldde: 'Voorstanders stellen dat WESP (Windenergie en Elektriciteit Spaarbekken) tegen het einde van de eeuw jaarlijks een winst van 300 miljoen dollar kan opleveren.' Maar de toen 56-jarige Lievense in datzelfde artikel: 'Misschien maak ik het eindresultaat niet eens meer mee.'

Nu zegt hij: 'De olieprijs zakte en toen ging het, terecht, niet door. De hele wereld dacht dat de olie 40, 50 dollar per barrel zou gaan kosten. Boven de 23 dollar zou je er gigantisch mee verdienen, miljarden. Nu zitten we op een prijs van 18 dollar. Het was dus niet winstgevend geweest. Maar dat het er komt, staat als een paal boven water, want over 20 jaar is er olieschaarste. In 1985 is er een plan gemaakt om zo'n accumulatie-eiland met 70 meter hoge dijken te realiseren voor de kust bij de Brouwersdam. Bij de Markerwaard vond men die hoogte niet acceptabel. Dat plan ligt in de la, maar ik denk dat de aanleg rond 2010 zal beginnen.'

De inmiddels 70-jarige ir. Lievense begon zijn carrière in 1953 bij Rijkswaterstaat. Na de stormramp werkte hij een jaar aan het dichten van de dijken. Hij kreeg de leiding bij de aanleg van de stormvloedkering bij Capelle aan de IJssel en van de Haringvlietdam: 'Je kon niet spreken van nieuwe vindingen, maar wel van koorddansen met bestaande technieken, optimaal toepassen wat op dat moment mogelijk was. Er waren heel wat spannende momenten vanwege die gigantische krachten. Je werkte in een bouwput van dertig meter diep, midden in het water.'

Daarna gaf hij leiding aan de uitbouw van de haven van IJmuiden: 'In 1964 was ik veertig en stond ik voor de keuze: ambtenaar blijven - en dat wordt dan steeds meer kantoorwerk - of zelf iets beginnen.' Hij koos voor een eigen bureau: 'Ik was geen ambtenaar, maar wel specialist in grote zeewerken geworden. Toch valt het tegen als je niet meer de uitstraling hebt van de overheidsman die over miljoenen beschikt.'

Zijn bureau specialiseerde zich als eerste in de aanleg van buisleidingen en -tunnels. In 1965 legde hij buizen van tachtig centimeter doorsnee, met verschillende soorten leidingen, onder de Westerschelde: 'We trokken ze als spaghetti onder het water door.'

De commissaris van de koningin in Zeeland vroeg hem een plan te maken voor een tunnel onder de Westerschelde. 'Ik dacht: als we die buizen kunnen trekken, waarom zou je dan tunnels stukje voor stukje afzinken, want dat kost veel tijd en geeft overlast voor de scheepvaart. De tunnelbuizen zouden in twaalf uur kunnen worden gelegd.' Ze zouden aan kabels onder de zuidelijke helft van de Westerschelde doorgetrokken worden, uitkomen op een kunstmatig eiland en daarna met zand afgedekt en leeggepompt worden. Het eiland zou door een brug worden verbonden met de noordoever.

Maar het project is nooit uitgevoerd. Het bureau maakte nog wel plannen voor een leidingtunnel onder het Haringvliet, die zo groot was dat een man er doorheen kon lopen voor onderhoudswerk. Lievense: 'Die tunnel is gelegd, ons idee is overgenomen, maar hij is wel op de traditionele manier afgezonken.'

Zijn grootste project bevindt zich in Zuid-Afrika: 'Een studievriend belde in 1969 uit Zuid-Afrika op. Er was een prijsvraag voor de aanleg van een haven. Midden in Afrika lag een gigantische berg puur ijzer, maar 860 kilometer van de kust. Er zou een spoorlijn moeten komen en er bestonden geen kaarten van dat gebied. Ik had iets dergelijks, op veel kleinere schaal, al in de Golf van Bengalen in India gedaan. Ik heb eindeloos met Cesna-vliegtuigjes langs de kust gevlogen om een geschikte plek te vinden.'

Hij wijst naar de muur, waaraan een grote luchtfoto van de Saldanha Baai in Zuid-Afrika hangt. 'We wonnen de prijsvraag. In de baai legden we een 2,5 kilometer lange pier aan en de opening van de baai moest over 1600 meter lengte - tussen een landengte en een klein eilandje - worden gedicht.'

Hij steekt een sigaartje aan, pakt een vulpotlood en maakt schetsjes: 'Het probleem was dat je er 16 meter hoge golven had. Ik liet in Pretoria een laboratorium bouwen van 2000 m met golfsimulaties. Men dacht aan gigantische rotsblokken, maar ik herinnerde me het adagium van Andreas Vierling, die na de St. Elisabethvloed Zeeland heeft drooggemaakt: 'Je kunt de natuur alleen begeleiden, je moet geen vuist maken.' We maakten een dam in de vorm van een banaan met 25 miljoen kubieke meter zand. Het was voor het eerst dat in zo'n situatie bij zee zand werd toegepast. Maar hij ligt er al sinds 1974 zonder enig onderhoud. Prachtig!'

Ook bij een project in Israel kwam hij met een creatieve oplossing. Omstreeks 1980 moest tussen Tel Aviv en Haïfa een kolenhaven komen vanwege de olieboycot tegen Israël. Amerika garandeerde olie-aanvoer als Israël na vijf jaar zou overschakelen op kolen: 'Er lagen plannen voor een haven met strekdammen of een 800 meter lange aanlegpier parallel aan de kust, maar de bouw daarvan zou vijf jaar kostten. Ik koos voor een verbindingsbrug vanaf de kust, hoog boven de golven, die uitliep op een steiger met een systeem waarmee schepen bij storm direct losgekoppeld werden.' Dit bleek 75% goedkoper te zijn dan het oorspronkelijk geraamde bedrag voor de haven.

Op het bureau werken nu ruim dertig mensen; er zijn naast hem nog twee directeuren. Hijzelf is er nog twee dagen per week: 'Op het bureau heb ik nu geen projecten meer om handen. Ik heb jarenlang 12 uur per dag gewerkt en 600.000 kilometer per jaar gevlogen; mijn gezin is er weleens bij ingeschoten, vooral als je zoveel op reis bent, maar ik heb mijn kinderen, drie dochters en twee zonen, wel zelf leren schaatsen en zeilen.'

Hij woont in een villa vlak over de Belgische grens bij St. Job in 't Goor: 'Ik heb het huis zelf ontworpen. Ik wilde van de slaapkamer zo het zwembad in kunnen duiken en uit mijn stoel de tuin kunnen zien. Ik vind de Noordhollandse stolpboerderijen erg mooi en de eerste verdieping van het huis heeft dan ook zo'n puntvorm gekregen, haaks op de benedenverdieping. Ik zwem dagelijks 20 rondjes, want zes jaar geleden kreeg ik vijf bypasses.'

Lievense is geboren in Nieuwerkerk, een agrarisch dorpje op Schouwen-Duiveland: 'Ik was een waterrat, bouwde havens en bootjes met mijn neefjes langs de Oosterschelde en ving met mijn handen tongetjes in het zand. Mijn vader was timmerman-aannemer. Ik hielp met rekeningen schrijven. De hoofdonderwijzer zei: 'Die jongen moet doorleren'. Op mijn eindexamen van de HBS had ik vier negens en een tien voor de wiskundevakken.' Na de HBS diende hij van 1944 tot 1946 bij het Canadese leger in België en Duitsland. Hij kreeg een motorongeluk - wijst naar een lang litteken op zijn voorhoofd - en ging vervolgens als werkstudent in Delft civiele techniek studeren. Hij trouwde en via een professor kwam hij bij Rijkswaterstaat: 'Ik ben een natte praktijkman, geen technicus pur sang en ik doe het ook allemaal niet uit maatschappelijke bewogenheid. Ik word geprikkeld door een probleem en wil dat oplossen. Ik ben bang dat ik een solist ben. Pas als ikzelf de zaken in grote lijnen heb vastgelegd, moeten er anderen bij komen. Als ik gedreven wordt door een visie en ik weet dat die goed is, ben ik een terriër; dan ga ik met een looien kop door een deur.'

Ir. Lievense is nog steeds actief en hij maakt zich nu druk over twee uiteenlopende, actuele problemen: de Betuwelijn en een kliniek voor Parkinson patiënten. In 1991 werd hij gevraagd in de jury van een prijsvraag over de Betuwelijn. De prijsvraag was georganiseerd door De Gelderlander. De jury vond geen van de ingediende plannen geweldig. Lievense zei hoe het volgens hem moest: één lange tunnel, waarvan de twee buizen 'drijven op het grondwater' en ingebed worden in een dijklichaam. Zijn idee sloeg aan.

Hij vertelt: 'Een dijk is een natuurlijk gegeven in Nederland, je hebt zo geen geluidshinder en geen funderingsproblemen. Bovendien las ik in die tijd dat Zwitserland al bezig is een buizennet van 600 kilometer aan te leggen voor toekomstig vacuümtransport met treinen. Daar heb je hier dan ook al de infrastructuur voor liggen.' Zijn plan zou ruim 1 miljard meer kosten dan de geplande 7,3 miljard. Lokale groeperingen en D'66 waren enthousiast. Lievense: 'Alleen de NS heeft het van A tot Z afgekraakt, want: 'not invented by us', maar ze zijn er nog niet. De mensen uit de omgeving van die spoorlijn blijven knokken voor een goede oplossing.'

Naast de Betuwelijn is er persoonlijk leed dat hem aanzet tot daden: 'Mijn vrouw ligt al zes jaren comateus in een verpleeghuis vanwege Parkinson en mijn oudste dochter heeft die ziekte ook.' Hij praat bewogen over de zware ziekteverschijnselen, de bijwerkingen van medicijnen en het gebrek aan goede zorg: 'In Duitsland hebben ze al dertig jaar klinieken, speciaal afgestemd op Parkinson, maar hier zijn we nog lang niet zo ver. Zo'n kliniek zou een grote bijdrage kunnen leveren aan de kwaliteit van het leven van de patiënt. Er is nu gelukkig een initiatiefgroep die overlegt met allerlei instanties, zoals het ministerie. Maar ook op dit gebied krijg je alleen iets gedaan als je er werkelijk tegen aan gaat.'