Tokio klaagt bij WTO over filmonderzoek VS

GENÈVE, 12 JULI. Japan heeft gisteren bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO) geklaagd dat het onderzoek van de Verenigde Staten naar de Japanse markt voor fotopapier en films kan leiden tot een schending van de WTO-regels. De Japanse ambassadeur, Minoru Endo, zei in een rede voor de beleidsbepalende Algemene Raad van de WTO dat zijn regering de Amerikaanse actie, die op 4 juli door de speciale handelsgezant Mickey Kantor was aangekondigd, met “ernstige bezorgdheid” beschouwt.

Kantor zei dat zijn kantoor een onderzoek begin op basis van sectie 301 van de Amerikaanse handelswet naar beweringen van het Amerikaanse fotobedrijf Eastman Kodak dat het miljarden dollars aan omzet in Japan is misgelopen door oneerlijke handelspraktijken. De studie kan een jaar duren. Japan en het belangrijkste Japanse fotobedrijf, Fuji, verwerpen de beschuldigingen van Kodak. Sectie 301, door andere WTO-leden gezien als in strijd met de geest van de WTO-regels, maakt het Washington mogelijk eenzijdige handelssancties te treffen in handelsgeschillen. Vorige maand werd een Amerikaanse sanctiedreiging voor Japanse luxe auto's op het nippertje afgewend door een akkoord tussen Washington en Tokio over import van Amerikaanse auto's en auto-onderdelen.

“De regering van Japan herhaalt dat zulk een beleid niet overeenstemt met de geest van de WTO-overeenkomst die eenzijdige maatregelen verbiedt,” aldus Endo over het Amerikaanse onderzoek inzake de foto-industrie. (Reuter)