Srebrenica is gevallen, antwoord VN blijft uit; Kabinet vraagt vrije aftocht uit Srebrenica

DEN HAAG, 12 JULI. Kabinet en Tweede Kamer willen dat de Nederlandse militairen toestemming krijgen van de Bosnische Serviërs om na de val van Srebrenica, samen met de tweeënenvijftig gegijzelden en tienduizenden vluchtelingen, uit de enclave te vertrekken.

Vanochtend kwam commandant Karremans van Dutchbat voor Srebrenica een staakt-het-vuren overeen met de Bosnische militaire leider, generaal Mladic.

Tijdens een spoeddebat vanmiddag van de Kamer, die zich eendrachtig achter het beleid van de regering opstelde, zei minister Voorhoeve (defensie) dat de Nederlandse troepen alleen zullen vertrekken als zij alle moslim-burgers die dat willen kunnen meenemen uit Srebrenica alsmede de tweeënvijftig Nederlandse gegijzelde militairen.

Volgens Voorhoeve is er geen sprake van een militaire nederlaag en hebben de Nederlandse militairen binnen hun mandaat alles gedaan wat menselijker wijze mogelijk was.

Hij gaf aan dat er nog twintig Nederlandse militairen op observatieposten zitten en dat de rest zich ongedeerd in het kamp Potocari noordwestelijk van de Srebrenica heeft teruggetrokken. Minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) noemde het risico vanmiddag groot dat het niet bij de val van Srebrenica zal blijven en ook andere enclaves het zullen moeten ontgelden. “Zepa ligt onder vuur”, aldus Van Mierlo. Hij heeft een beroep gedaan op de internationale gemeenschap voor directe humanitaire hulpverlening aan de moslim-bevolking van Srebrenica en op vervoermiddelen voor hun evacuatie.

Gisteravond noemde Voorhoeve de val van Srebrenica “een ramp van grote omvang”. Het kabinet kwam in spoedzitting op het ministerie van defensie bijeen. Premier Kok sprak na afloop de hoop uit dat internationale druk de Bosnische Serviërs tot medewerking dwingt. Hij noemde de situatie benauwend en gaf aan dat de Bosnische Serviërs militair gezien een grote slag hebben geslagen.

Vlak voor de val van Srebrenica vroeg minister Voorhoeve de NAVO een derde luchtaanval af te gelasten omdat de Nederlandse gegijzelden door de Bosnische Serviërs 'op een terroristische manier' met de dood werden bedreigd. Zij worden niet langer als gevangenen, maar als krijgsgevangenen behandeld en hebben hun wapens moeten afgeven.

Voorhoeve zei de inzet van de snelle-reactiemacht niet te verwachten wegens de geïsoleerde ligging van de enclaves. “We mogen geen valse hoop wekken”, aldus Voorhoeve.

De Nederlandse regering wil dat de Nederlandse militairen ondertussen wel zolang mogelijk hulp bieden aan de moslim-vluchtelingen en hen beschermen op weg naar een nieuwe lokatie, vermoedelijk in Centraal-Bosnië. Maar voor de massale uittocht zijn geen transportmiddelen beschikbaar.