De schijn van veiligheid

DE VAL VAN SREBRENICA betekent het faillissement van de 'veilige VN-gebieden' in Bosnië. Een aantal rekeningen worden vereffend en discussies afgerond. Voor wie nog twijfelt: de Serviërs hebben opnieuw hun niets en niemand ontziende machtswellust getoond en hun cynische bereidheid daaraan hele bevolkingsgroepen op te offeren. De tienduizenden vluchtelingen die nu uit hun laatste schuilplaats worden verjaagd, vormen een diepsnijdende aanklacht jegens een internationale gemeenschap die haar belofte van veiligheid niet heeft kunnen waarmaken. De zoveelste Bosnië-resolutie die sinds gisteravond ter beoordeling voor de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties ligt, kan onder de gegeven omstandigheden niet anders zijn dan een povere schaamlap waarachter het internationale onvermogen zichtbaar blijft.

Hoewel het Nederlandse contingent in de omgeving van Srebrenica niet veel anders kan doen dan uit een positie van ernstige zwakte onderhandelen over een vrije aftocht van de vluchtelingen, van zichzelf en van de dertig kameraden die zich in handen van de Serviërs bevinden, wil dat niet zeggen dat aan de UNPROFOR-taak in Bosnië nu een einde is gekomen. Weliswaar mag iedere gedachte aan herovering van Srebrenica dan wel aan verdediging van de overige oostelijke enclaves als gevaarlijk dagdromen worden bestempeld, de nu weer op gang komende 'etnische zuivering' veroorzaakt zoveel menselijk leed dat een algehele terugtrekking van de blauwhelmen op dit moment immoreel zou zijn. Alle resterende humanitaire mogelijkheden dienen te worden benut om dat leed zoveel mogelijk te verzachten. De bemanning verlaat niet als eerste het zinkende schip.

NIET BIJZONDER DUIDELIJK is hoe de laatste uren van Srebrenica als 'veilige plaats' zijn verlopen. In ieder geval kwamen de NAVO-vliegtuigen te laat en kon de al aanwezige voorhoede van de snelle interventiemacht geen rol spelen. Wie ook het besluit heeft genomen om van verdere luchtacties af te zien dan wel daartoe heeft geadviseerd, heeft van gezond verstand blijk gegeven. De enclave was niet langer te houden en de levens van de circa dertig gevangen genomen Nederlandse blauwhelmen kwamen in direct gevaar. Met de aanvankelijke beslissing tot luchtsteun was in dit opzicht al een onberekenbaar risico genomen. De dertig zouden nu de status van krijgsgevangenen hebben, maar het is hoogst onzeker wat dat in de Servische militaire vocabulaire betekent.

Zoals de interventie in Somalië heeft bewezen dat de VN de taak van 'nation building' niet aankunnen, zo toont het verloop van de gebeurtenissen in Bosnië dat de Volkerenorganisatie niet opgewassen is tegen de taak om in een verscheurd land de vrede te herstellen. Oorlogvoeren is een ernstige zaak. De VN-hiërarchie is daarop niet berekend. En hoewel formeel kan worden volgehouden dat het mandaat van UNPROFOR lange tijd bescheiden genoeg was, heeft de internationale gemeenschap met de instelling van de snelle interventiemacht opnieuw geprobeerd de Serviërs te imponeren. Daarin is zij niet geslaagd, evenmin als dat destijds al het geval was met het te hulp roepen van de NAVO.

DE ALGEMENE AANDACHT is vanzelfsprekend gericht op de actuele noodsituatie. Maar toch kunnen al lessen worden getrokken. Ook door regering en parlement in Den Haag. Minister Voorhoeve heeft zich de laatste dagen genuanceerd uitgelaten over de veiligheid in de 'veilige gebieden' in Bosnië. Dat is goeddeels wijsheid achteraf. Nederland heeft tot gisteren bereidwillig meegewerkt aan het instandhouden van de fictie dat UNPROFOR zoiets als veiligheid in de aanbieding had. Daarover moet ook de Haagse politiek rekenschap afleggen. Internationale interventies hebben door de ervaringen van de laatste jaren aan geloofwaardigheid en vanzelfsprekendheid ingeboet. Meedoen scheen een probaat middel om de internationale aandacht op Nederland gericht te krijgen, en inderdaad de internationale media is de benarde positie waarin Dutchbat is komen te verkeren niet ontgaan. Maar de prijs daarvoor blijkt in geen verhouding te staan tot het resultaat. Dat moet voor de toekomst te denken geven.