'De Britten verraden opnieuw hun trouwste bondgenoten'; 'Oranjemarsen zijn een test voor het vredesproces'

Na een reeks van incidenten en drie dagen wachten heeft een protestantse optocht gisteren toch door een katholieke wijk in het Noordierse stadje Portadown mogen trekken. De buurtbewoners gingen akkoord op voorwaarde dat de stoet de wijk in alle stilte zou doorkruisen. Maar vanmorgden dreigden in Noord-Ierland nieuwe confrontaties toen naar schatting 80.000 protestanten voor de traditionele 12 juli-viering de straat op gingen.

BELFAST, 12 JULI. De protestanten in Noord-Ierland vieren vandaag dat ze de katholieken 305 jaar geleden hebben verslagen. Maar zelden hebben ze zich zo in de verdediging gedrukt gevoeld.

Ze zitten zo in de verdrukking, dat ze zelfs in hun culturele uitingen worden bedreigd, zegt Noel Liggett, secretaris van de Ballynafleigh Oranje Loge. Zijn loge volgt op 'de glorieuze twaalfde juli' al 98 jaar lang dezelfde route door de binnenstad van Belfast. Zo heeft zijn vader gemarcheerd. Zo heeft zijn opa nog gelopen. Maar vanmorgen moesten de Oranjelieden onder politiebewaking door de Ormeaustraat trekken, terwijl de directe omgeving met grijze Landrovers en eenheden van de Mobiele Eenheid gebarricadeerd was. En de supporters werden bij de Ormeau-brug tot een omweg gedwongen. Omdat de katholieke buurtbewoners de protestantse optocht te intimiderend, te aanstootgevend, te veel een triomfantelijke praaltocht van overwinnaars vinden. Vroeger hadden de protestanten het langs de route voor het zeggen: de stoet trok over protestantse bodem. Maar ook in de buurt langs de Ormeaustraat zijn de protestanten op hun retour.

Liggit had zijn Oranjemannen vanmorgen nog gemaand tot waardigheid en kalmte. Maar tijdens hun martelgang door de Ormeaustraat stond de verontwaardiging op strakke gezichten te lezen. “Het incasseringsvermogen van de meeste protestanten kan onmogelijk verder opgerekt worden”, weet Liggett. “De frustratie is groot.”

Dat katholieke protesten hen van hun historische marsroutes verjagen, is niet meer dan een laatste manifestatie van de protestantse neergang. Eerst hebben ze de laatste 25 jaar hun politieke en economische dominantie zien verdwijnen. Door intimidatie en terreur zijn ze uit de Iers-Noordierse grensstreek en uit grote delen van Belfast verdreven. Ze moesten verdragen dat bij de diploma-uitreiking op de Queen's Universiteit in Belfast het spelen van het Britse volkslied werd afgeschaft.

En sinds het staakt-het-vuren van het Ierse Republikeinse Leger ruim tien maanden geleden - 'de publiciteitsstunt van de eeuw' - zijn ze alleen maar verder teruggedrongen. Tandenknarsend moesten ze toezien hoe de katholieke nationalisten de ene na de andere concessie in de schoot geworpen kregen, zegt Liggit. Hoe in het Anglo-Ierse raamwerkdocument voor een vredesregeling in Noord-Ierland nauwelijks verhuld op een verenigd Ierland werd aangestuurd. Wat de protestantse meerderheid wenst, dat doet er kennelijk niet meer toe.

De 32-jarige Liggitt, bakker van beroep, verbaast zichzelf met zijn tirade. Hij staat bekend als een pacifist met een grote weerzin tegen krachttaal. Maar zijn kaken spannen en zijn vuisten ballen zich als hij vloekt “over het onrecht van Ulster”. “Protestanten kunnen nog zo gloedvol hun aanhankelijkheid aan de Britse Unie en de Britse kroon betuigen”, zegt hij schamper, “intussen willen de Britten alleen maar af van Ulster. Ze verraden hun trouwste bondgenoten, zoals ze in het verleden altijd hebben gedaan.”

Dominee Warren Porter, assistent-grootmeester van de Oranje Orde, heeft de autoriteiten gewaarschuwd dat ze in dit eerste protestantse marsseizoen na het staakt-het-vuren de historische routes moeten respecteren. “Anders zal dat worden uitgelegd als toegeven aan politieke machinaties”, zegt hij in het hoofdkwartier van de Oranje Loges, gevestigd boven Ho Ho Fast Food Bar aan de Dublinstraat in Belfast. De ramen zijn met zwarte jalouzieën verduisterd. De muren zijn behangen met relikwieën uit een roemrijk protestants verleden: veel herdenkingsplakkaten, een schilderij van Willem van Oranje, een aquarel van de Slag van de Diamant.

Porter zegt dat autoriteiten met vuur spelen door de protestanten in hun culturele uitingen te fnuiken. “Mensen zullen zich gediscriminineerd voelen en dat zal in een verlies van respect voor de wet culmineren. “Het is makkelijk genoeg om de Oranjemannen belachelijk te maken als ze komen langsparaderen met hun bolhoeden op en hun oranjelinten om, begeleid door de Lambeg trom. Porter weet dat ook wel. Maar geldt niet hetzelfde voor de katholieke processies? Is het niet voldoende dat de tienduizenden deelnemers er betekenis aan hechten? Katholieke republikeinen schilderen de Oranje Orde graag af als een instituut dat zichzelf overleefd heeft, als een broedplaats voor sektarische ideeën. Ook dat weet Porter. Gerry Adams, president van Sinn Fein, de politieke vleugel van de IRA, noemt de Oranjemannen doorgaans neo-fascisten. Maar zulke kwalificaties zijn een belediging voor de liberale traditie van de loges, zegt Porter. Weliswaar herdenken de loges vandaag met hun parades, dat Willem III van Oranje in 1690 de katholieke Jacobus II bij de Slag om de Boyne heeft verdreven. Maar de Oranje Orde heeft zijn wortels in het tijdperk van de Verlichting. Tweehonderd jaar geleden werd ze door boerenwevers opgericht, niet alleen om het protestantse geloof te verdedigen, maar ook om de ideeën van vrijheid en gelijkheid te verbreiden. Ze is de oudste politiek-emancipatorische beweging in de Ierse geschiedenis.

De Oranje orde is een mengelmoes van vrijmetselarij, protestantse heroïek en bijbelteksten. Leden kunnen verschillende graden bereiken waarbij verschillende initiatierites horen. Daarbij staat het geven van het juiste woord, het maken van het juiste gebaar voorop.

Van oudsher bestaan er nauwe banden tussen de Oranje Orde en de Unionistische partijen. Oranjemannen hebben de Unionistische partijen opgericht. Grootmeester van de Oranje Orde van Ierland is dominee Martin Smyth, Brits parlementslid voor de Ulster Unionisten. James Molyneaux, fractieleider in het Lagerhuis van de Ulster Unionisten, is grootmeester van de Royal Black, de hoogste logegraad. De Orde telt bijna 100.000 broeders: één op de negen protestanten in Noord-Ierland is lid.

Voor Noel Liggitt, secretaris van de Ballynafeigh Oranje Loge, zijn de 12 juli-parades vandaag een test voor de geloofwaardigheid van het vredesproces. “Kunnen de katholieken het respect opbrengen om onze tradities ongemoeid te laten? Of willen ze ons hun wil opleggen? Zoals ze in een verenigd Ierland zullen doen.”