Ton smartegeld na fouten van medici bij kind

DEN HAAG, 11 JULI. De ouders van een gehandicapt kind hebben 100.000 gulden smartegeld gekregen wegens medische fouten die in 1986 hun zoontje zwaar gehandicapt hebben gemaakt. De rechtbank in Amsterdam bepaalde eind vorige week dat het Reinier de Graaf-Gasthuis in Delft dit smartegeld moet betalen, bovenop een reeds eerder getroffen schikking voor een schadevergoeding voor het kind.

Volgens de Consumentenbond, die de ouders de afgelopen vier jaar bij het proces heeft ondersteund, is sprake van een juridische doorbraak, omdat tot nu toe alleen slachtoffers in aanmerking konden komen voor smartegeld. De bond vindt dat het ook voor ouders mogelijk moet zijn aanspraak te maken op een vergoeding voor ondervonden leed en smart. De Nederlandse wetgeving leek dat onmogelijk te maken, in tegenstelling tot de meeste andere landen binnen de Europese Unie.

Het jongetje, wiens ouders nu elk 50.000 gulden smartegeld in plaats van de geëiste 100.000 gulden toegekend hebben gekregen, werd in 1986 als baby van vijf maanden met een liesbreuk opgenomen in het Delftse ziekenhuis. Met een routinematige ingreep zou dat verholpen worden. Door een reeks fouten liep het kind uiteindelijk hersenletsel op waardoor hij zijn verdere leven zwaar lichamelijk en geestelijk gehandicapt is. Het jongetje is zwaar spastisch. Hij kan niet zitten, lopen, iets oppakken of praten en heeft een zeer beperkte geestelijke ontwikkeling. De jongen heeft volledige lichamelijke verzorging nodig.

De Consumentenbond legde de zaak voor aan een kinderchirurg. Zijn oordeel was vernietigend, aldus de bond. Er was door het ziekenhuis en de behandelende artsen een reeks verwijtbare fouten gemaakt bij de behandeling van het kind en de ouders. De fouten liepen uiteen van uitdroging tot het te laat doorverwijzen naar een kinderziekenhuis.

In 1991 werd in een schikking met de aansprakelijkheidverzekeraar van het ziekenhuis een schadevergoeding voor het kind overeengekomen. Hoe groot de schadevergoeding toen was willen de betrokkenen niet zeggen, wel dat het om een 'substantieel' bedrag ging. Onderdeel van de schikking was de afspraak dat de ouders de mogelijkheid zouden behouden om voor het leed dat hun was aangedaan een aparte schadevergoeding te eisen. Vervolgens eiste de Consumentenbond een afzonderlijk oordeel van de rechter over een smartegeld voor de ouders. Want ook tegenover de ouders was een wanprestatie geleverd, aldus de Consumentenbond. Daarnaast is hun leven drastisch veranderd als gevolg van de medische fouten.

De rechtbank oordeelde dat de ouders met het ziekenhuis een aantal behandelingsovereenkomsten waren aangegaan. De ouders deden dit niet alleen als vertegenwoordigers van hun minderjarig kind maar ook namens zichzelf, bepaalde de rechter.