Negentigers

MillenniuM 6, Aan iedere spijker een regel. Prometheus, 165 blz. Prijs ƒ 19,90

Het viermaandelijkse 'tijdboek' van de Lage Landen MillenniuM is zo van deze tijd dat het er per se geen programma op na wil houden. In nummer zes, een inventariserende bloemlezing gedichten van Nederlandse en Vlaamse dichters onder de veertig, heet het: “De bundel is niet samengesteld op programmatische gronden, maar uit interesse voor de variëteit in stijl en thematiek van de verschillende dichters”. Serge van Duijnhoven komt in zijn inleiding tot de volmaakt voorspelbare conclusie dat er zo'n enorme variëteit in stijl en thematiek blijkt te bestaan dat niet valt te voorspellen welke kant de poëzie op aan het gaan is. “Er is momenteel onder jonge dichters geen enkele poëzie-opvatting die de andere probeert te verdringen.” Wel heeft volgens hem de revolutie van Maximaal, De Nieuwe Wilden en andere 'tachtigers' teweeg gebracht dat de autonome en hermetische dichtkunst ('stilte, steen, wit en sneeuw') heel impopulair is geworden. Hij haalt instemmend Herman de Coninck (51) aan, die beweerd heeft dat 'gedichten alleen maar uit van volmaaktheid nooit te evenaren regels zouden moeten bestaan, waarin vijf zintuigen zinderen door zesentwintig lettertekens'. Die zintuiglijkhid viel tot dusverre niet op in MillenniuM, maar wie weet is dit een kentering.

Een reusachtige verbetering is in elk geval dat bij het zesde nummer afstand is gedaan van de onoverzichtelijke, clip-achtige vormgeving die de chaos van het moderne leven van de 'negentigers' moest weerspiegelen. Hoera.

Maatstaf, De Zingende Zaag, Tirade, Nieuw Wereldtijdschrift, Lust & Gratie - welk literair tijdschrift heeft de afgelopen jaren nog géén inventariserende poëziebloemlezing gemaakt, en welk zal later blijken erin geslaagd te zijn de toon des tijds gevangen te hebben? En hoe nieuw klinken de 'Negentigers'? Peter Verhelst toch niet, met zijn “Opwellende vraag: Kan kunst in dit prachtige, want stervende millennium nog voldoen aan de Griekse kalokagathie-gedachte van 'het schone is het goede'?”.