Brazilië/Colombia besluiten prijzen koffie te steunen

BOGOTA, 10 JULI. De twee belangrijkste koffieproducerende en -exporterende landen, Brazilië en Colombia, zijn overeengekomen de koffieprijzen te ondersteunen door de export te drukken. De Colombiaanse president Ernesto Samper maakte zondag bekend dat hij het met zijn Braziliaanse collega, Fernando Enrique Cardoso, eens is geworden over maatregelen om de markt te ondersteunen.

Onduidelijk blijft echter of Brazilië bereid is om net als Colombia de export op te schorten om de vrije val van de prijzen te stoppen.

De Latijns-Amerikaanse landen hebben zich dit weekeinde gebogen over de prijzencrisis. Liepen de prijzen vorig jaar als gevolg van vorst in Brazilië op tot meer 200 dollar per baal (60 kg), vorige week zakten ze tot onder de 130 dollar.

Volgens een anonieme zegsman zullen de betrokken landen de aanvoer in het tot 1 oktober lopende seizoen met 3,5 tot vier miljoen balen beperken.

Jorge Cardenas, voorzitter van de nationale Colombiaanse Koffie Federatie, zei dat Brazilië ook wil wil meewerken aan beperking van de export. Volgens hem zullen Brazilië, Colombia, Honduras, El Salvador, Costa Rica en Nicaragua deze week voorstellen doen om de aanvoer van koffie op de wereldmarkt te reguleren.

De voorstellen, die verder zouden gaan dan de bestaande, zouden deze week op een vergadering van de vereniging van koffieproducerende landen (APCP) in New York besproken worden. “We zullen de markt laten zien, en de koffiebranders en consumenten, dat we samen sterk staan en de produktie en aanvoer kunnen reguleren,”, aldus Cardenas.

Begin dit jaar besloten Colombia en de Middenamerikaanse landen al om 20 procent van de export in te houden. Guatemala onttrok zich later aan die afspraak en is nu ook tegen een exportstop. Volgens Cardenas doet Brazilië intussen mee aan de actie en heeft de afzet met 12 procent verminderd.

President Samper wees zondag met een beschuldigende vinger naar internationale ondernemingen, die zich schuldig zouden maken aan speculatieve handel in New York door te doen voorkomen alsof er overaanbod is.

Handelaren in Londen zeggen ook dat de prijzen geenzsins de reële situatie qua vraag en aanbod weerspiegelen. De voorraden zouden met twaalf miljoen balen juist kleiner zijn dan normaal. De speculatie op de wereldmarkt is volgens sommigen een spel geworden tussen consumenten en producenten. (AFP/DPA/Reuter)