Zweeds honkbalteam telt mee door losers uit VS

Gisteren is in Haarlem en Heemstede het Europees kampioenschap honkbal begonnen. De landen die als eerste en tweede eindigen, plaatsen zich voor de Olympische Spelen van volgend jaar in Atlanta. Titelverdediger Nederland en Italië zijn de grote favorieten, Zweden - een land waar nog geen 3500 honkballers actief zijn - geldt als de voornaamste outsider. 'Outsider? Wij gaan gewoon naar Atlanta!'

HEEMSTEDE, 8 JULI. Afgelopen zondag was een gedenkwaardige dag voor de honkbalsport in Zweden. Daags voor het vertrek van de nationale ploeg naar Nederland zond een nationaal televisie-station beelden uit van de EK-voorbereiding van de Scandinaviërs. Jan Hedlund, bestuurder van de Zweedse honk- en softbalbond en tevens manager van het nationale team, raakt er nog altijd niet over uitgepraat. “Zoiets was nog nooit gebeurd. Een heuse doorbraak voor het honkbal in Zweden.” Gevraagd naar de duur van het item, vertelt de dertiger enthousiast dat het toch zeker om ruim twee minuten ging. Een collega-bestuurder corrigeert hem: “Eerder ruim tweeëneenhalve minuut, Jan.” De ogen van Hedlund stralen.

Het is woensdagavond, op de velden van RCH in Heemstede speelt Zweden tegen Jong Nederland de laatste oefenwedstrijd voor het EK. Op het volle terras van de club bespreekt een groepje jongens onder het genot van een pilsje de misdaadromans van het schrijvers-echtpaar Sjöwall en Wahlöo. Hedlund vangt hun namen op. Natuurlijk kent hij de boeken van zijn twee landgenoten. Net als de hoofdfiguur, rechercheur Martin Beck, is hij in het dagelijks leven werkzaam bij de politie van Stockholm. Als Polisinspektör. “Beck zou mijn chef zijn”, klinkt het lachend.

Door een collega kwam Hedlund in aanraking met de honkbalsport. Dat is al weer zo'n dertien, veertien jaar geleden. Honkbal was toen een nog geheel onbekende sport in Zweden, met hooguit vijftienhonderd beoefenaren. Ook Hedlund snapte aanvankelijk niets van het spel, maar na een paar keer proberen was hij “helemaal verkocht”.

Inmiddels heeft het Svenska Baseboll och Softboll Förbundet een kleine 3500 leden. Circa negentig procent van hen beoefent de honkbalsport, de rest softbalt. Vooral de laatste jaren hebben zich in het land waar ijshockey en voetbal met ieder circa 800.000 beoefenaren de grote sporten zijn, veel nieuwe (jeugd-)leden aangemeld. Volgens Hedlund komt dat vooral door de komst van kabeltelevisie. “Zenders als MTV en ScreenSport hebben veel aantrekkingskracht op jongeren. Zo'n sportkanaal zendt veel professioneel Amerikaans honkbal uit. En op MTV draagt tegenwoordig zo'n beetje iedere popster een honkbalpetje en honkbalshirt. Ook dat komt de ontwikkeling van de honkbalsport in Zweden alleen maar ten goede.”

Die ontwikkeling zou volgens Hedlund nog een stuk sneller gaan als de nationale media eens wat uitgebreider over honkbal zouden berichten. In de landelijke dagbladen worden doorgaans alleen maar de uitslagen van wedstrijden uit de hoogste klasse meegenomen. En bij de televisie had tot afgelopen zondag zelfs nog niemand van honkbal gehoord. Vandaar dat Hedlund hoopt dat de nationale ploeg op het EK voor een verrassing kan zorgen door zich te plaatsen voor de finale. Dan is Zweden niet alleen zeker van een tweede plaats, maar - belangrijker nog - ook zeker van deelname aan de Olympische Spelen van volgend jaar in Atlanta. “Dan moet er wel over ons en de honkbalsport bericht worden”, zegt Hedlund stellig.

Het Europees kampioenschap is sinds de eerste editie in 1954 altijd een onderonsje geweest tussen de huidige titelverdediger Nederland en Italië. Slechts twee keer ging de titel niet naar een van beide landen. De laatste keer dat dat gebeurde, was in 1967. Toen werd België eerste, maar in dat jaar nam zowel Nederland als Italië niet deel. De laatste jaren heeft Zweden zich als voornaamste concurrent van de veelvoudig Europees kampioenen aangediend. Het beste resultaat van de Zweden is een derde plaats op het laatste, in 1993 in eigen land gehouden EK. “Zweden is dit EK de voornaamste outsider”, zei de Nederlandse bondscoach Jan Dick Leurs eerder deze week. Hedlund lacht om die woorden. “Outsider? Niets outsider, wij gaan naar Atlanta!”

De sportieve progressie van de vooral aan slag sterke Zweden is voor een groot deel te danken aan de komst van Amerikaanse spelers en coaches. In de nationale competitie spelen ruim twintig honkballers uit de Verenigde Staten, de technische staf van de nationale ploeg bestaat uit liefst vijf Amerikanen. Omdat honkbal in Zweden nog een pure amateursport is (de internationals hebben net als Hedlund vakantie-dagen moeten opnemen voor het EK), krijgen zij van de Zweedse clubs en bond niet meer dan een onkostenvergoeding en gratis huisvesting.

Waarom komen zij dan toch iedere zomer voor het relatief korte seizoen - door de lange winters kan slechts een paar maanden worden gehonkbald - weer naar Zweden? Volgens David White, de assistent-coach van de nationale ploeg die zich tijdens de oefenwedstrijd van Zweden op het terras van RCH te goed doet aan menig pilsje, omdat “de Zweedse vrouwen de mooiste van de wereld zijn”. De interesse van bondscoach John Tourville gaat meer uit naar de uitgestrekte Zweedse meren, maar hij is dan ook gek op vissen. Een aandachtig luisterende Zweedse official heeft een geheel andere uitleg: “Back home they're losers”, klinkt het lachend.