Schaken op Internet

Nu deze krant zich met een teen voorzichtig in de oceaan van het Internet heeft begeven, is het misschien het juiste moment om iets te vertellen over de schatten die de schakers daar kunnen opduiken. Wie ben ik dat ik u rond mag leiden? Misschien niet geheel analfabeet, maar wel een kind met ernstige leermoeilijkheden, voor wie de populaire serie boeken 'computers voor domoren' al te hoog gegrepen is. Maar zo zijn er velen. Voor de slimmen op het net is het volgende niet geschreven, zij weten het al lang. Erg slim hoef je ook niet te zijn om de schaakadressen te vinden, want waar je ook bent, er wordt voortdurend verwezen naar andere plekken.

Ik begon met het adres van de nieuwsgroep news:rec.games.chess en maakte net de periode mee dat vijf nieuwe subgroepen zich hiervan afsplitsten, zodat de liefhebbers van bijvoorbeeld computerschaak zich niet meer hoeven te begeven onder de schakers die vooral in openingsanalyses geïnteresseerd zijn. Bij de groep news:rec.games.chess.play-by-email vinden we de organisatie IECG, die correspondentiepartijen per e-mail organiseert, nu ongeveer 1200 leden heeft en ongetwijfeld op den duur het traditionele schaken per brief zal verdringen. Dit is alleen maar een technische verbetering (overigens wel een grote en belangrijke) ten opzichte van iets dat vroeger ook al bestond, maar interessanter zijn de dingen die vroeger niet mogelijk waren en nu wel. De nieuwsgroepen zijn in principe discussiegroepen. Zoals verwacht vinden wij er de verbeten gelijkhebbers: “Het is waarschijnlijk niet nodig dat ik commentaar geef op het type idioot dat dit soort rotzooi post, maar ik heb in het aas gebeten. Ga terug naar je stomme speelgoed!“ Blij verrast treffen we ook hoffelijke objectiviteit: “Point taken. I stand corrected.“ De voertaal is Engels en slechts één keer heb ik gezien dat iemand het met een andere taal probeerde, een arme Fransman die aan het eind van zijn brief in gebroken Engels beloofde dat hij snel lessen zou gaan nemen, omdat hij wel besefte dat hij geen reacties zou krijgen als hij zich met Frans behielp.

Er wordt vaak geklaagd over het oeverloos gebabbel op de elektronische prikborden, maar bij de schakers valt dat erg mee, het meeste is ter zake. Schaaktechnisch is het peil niet altijd hoog. In de nieuwsgroep analysis zijn oproepen te vinden in de trant van: “Hi, ik kan niets vinden over de opening 1. Pa3 f5 2. b4, kan iemand mij helpen?“ Nu overdrijf ik. Er zijn ook altijd echte analytische discussies te vinden, zoals die over de partij Kasparov-Joesoepov, waar ik een paar weken geleden over berichtte.

De belangrijkste rubriek in de nieuwsgroep is The Week in Chess, samengesteld door de Engelsman Mark Crowther, die met behulp van een wereldwijd net van informanten iedere week een overzicht van de belangrijkste schaakgebeurtenissen geeft, vaak met alle partijen die in een toernooi gespeeld zijn. De rubriek, samengesteld door een onbetaalde liefhebber, staat nog in de kinderschoenen. Een papieren weekblad als Schachwoche behandelt meer toernooien dan Crowther. Maar nu al heeft de rubriek veel voordelen boven een papieren tijdschrift: het kost een paar dubbeltjes aan lokale telefoonkosten om The Week in Chess binnen te halen. Er is veel meer ruimte voor partijen. De partijen kunnen niet alleen gelezen worden, maar ook makkelijk worden ingevoerd in de meest gangbare computer-databanken. De actualiteit is veel groter.

Het belangrijkste nieuws van deze week was de verhuizing van de wereldkampioenschapsmatch tussen Kasparov en Anand van Keulen naar New York. Hadden de organisatoren in Keulen het geld niet bij elkaar kunnen krijgen? Crowther gaf enige argumenten waaruit dat zou kunnen blijken, maar hij citeerde ook uit de Sunday Telegraph van afgelopen zondag de doorgaans uitstekend ingelichte Malcolm Pein, die van mening was dat Kasparov's organisatie PCA de mensen in Keulen eenvoudig hadden laten stikken toen er een mooiere locatie beschikbaar kwam, het 'observation deck' boven op het World Trade Center in New York.

Wie niet een week op Crowther wil wachten, kan wat de evenementen van de PCA betreft elders op het net terecht, want de sponsor, chipsfabrikant Intel, is natuurlijk juist op het Internet graag opvallend aanwezig. De partijen uit hun laatste toernooi, dat in Novgorod, waren een dag later alle gratis beschikbaar, en wie bereid was om iets te betalen kon ze zelfs live volgen. In alle hoekjes van het net zijn mensen te vinden die eigen pagina's produceren met schaaknieuws. Soms duidelijk als voorbereiding tot een toekomstige commerciële exploitatie, maar meestal uit pure schaakliefde en hulpvaardigheid.

Maar het leukste is natuurlijk het schaken zelf. Over zijn avonturen in de Internet Chess Club (ICC) heeft Tim Krabbé, specialist in het spannende schaakverhaal, in New in Chess no 3 1995 geschreven. In de eerder genoemde nieuwsgroep woedt een hevige discussie over de vraag of het fatsoenlijk was dat ICC sinds kort abonnementsgelden aan de deelnemers vraagt. Overdreven. Voor $49 per jaar wordt veel geboden. Je kan 24 uur per dag voor lokaal telefoontarief spelen met tegenstanders uit de hele wereld, kijken naar de partijen van anderen, een archief raadplegen waarin alle partijen zijn opgeslagen die door grootmeesters, meesters en spelers met een hoge rating in het verleden in de ICC zijn gespeeld, en elektronisch babbelen met iedereen die op de club aanwezig is. Bovendien is het nog altijd mogelijk om als gast gratis te spelen, maar dan heb je geen rating en is het moeilijk om sterke tegenstanders te vinden. De ster van de club is Roman Dzindzichashvili, die onder het doorzichtige pseudoniem Roman speelt. In een van de nieuwsgroepen ging afgelopen woensdag het gerucht dat hij tijdens het World Open in Philadelphia gearresteerd was, omdat hij tijdens een spelletje backgammon een tegenstander op zijn gezicht zou hebben geslagen, maar als het al waar is hebben ze hem in ieder geval niet lang vastgehouden, want even later zag ik hem al weer in volle glorie vluggeren op de ICC, bewonderd door toeschouwers op alle continenten, die buiten adem korte commentaren gaven als: “Niet te geloven!“ of “Roman is geweldig!“ Er is ook nog een schaakclub die geheel gratis is, de Free Internet Chess Server (FICS), maar daar schijnt het leven minder bruisend te zijn.

De partijstelling die ik deze week laat zien, komt uiteraard ook uit het Internet. Hij deed zich voor in het beslissende vluggertje van een wedstrijd die de fraaie naam Global Interaction '95 kreeg. Een landenwedstrijd voor tweetallen, die gespeeld werd tijdens de economische topconferentie in Halifax. Daar werd de prijs voor het winnende land uitgereikt aan Boris Jeltsin, de spelers zelf waren uiteraard niet ter plekke. Zie diagram

Wit Barejev (Rusland)-zwart Lutz (Duitsland). Zwarts laatste zet was 30...Lg4-d7, een winnende zet, want de dreiging 31...La4 is moordend, bijvoorbeeld 31. Tb3 La4 32. Ta3 Lxc2 33. Txa5 Lxe4 met groot voordeel voor zwart. Helaas, de Globale Interactie was in '95 nog niet feilloos, de zet van Lutz werd niet door het computernet opgepikt en Lutz verloor op tijd. Achteraf werd de partij als een 'technische remise' geteld, wat voor Rusland genoeg was voor de eindoverwinning. De schaakclub ICC heeft overigens allerlei technische snufjes beschikbaar waardoor de kans op dit soort ongelukken geminimaliseerd wordt.

Tenslotte nog een paar nuttige adressen. Bijna alle schaakpagina's op het net verwijzen naar andere, maar de meeste verwijzingen, tot in de verste en kleinste hoekjes, zijn te vinden bij de Nederlander Herbert Groot Jebbink, die te vinden is op het http-adres: www.xs4all.nl/ hgj/chess.html ICC is te bereiken op telnet chess.lm.com 5000 of telnet 192.231.221.16 5000

    • Hans Ree