Kok: uitstel WAO laat plannen intact

DEN HAAG, 8 JULI. Het uitstel van de WAO-plannen van het kabinet heeft geen enkele consequentie voor de kern van het beleid. “De inhoud van de voorstellen blijft gelijk”, aldus premier Kok gisteren na afloop van de ministerraad.

Tijdens de besprekingen over de begroting voor volgend jaar bleek dat de ministerraad “een sterke voorkeur” heeft om de nieuwe WAO-aanpak per 1 juli volgend jaar te laten ingaan. Maar als dat niet lukt wordt het 1 januari 1997. De premier bestreed met klem dat er tussen de bewindslieden politieke onenigheid bestaat over het uitstel.

De bedoeling was dat per 1 januari 1996 in de WAO verschillende premies zouden gelden, waarvan de hoogte per bedrijf en bedrijfstak afhankelijk wordt van het aantal werknemers dat zij naar de WAO afstoten. Bedrijven krijgen daarbij de mogelijkheid het risico bij een particuliere verzekeraar onder te brengen. De WAO-premies zijn nu voor iedere werknemer procentueel gelijk en het risico op arbeidsongeschiktheid moet bij een bedrijfsvereniging worden verzekerd.

Volgens Kok is uitstel van deze operatie om diverse redenen noodzakelijk. Ten eerste moet staatssecretaris Linschoten (sociale zaken) nog een invoeringswet indienen, waarin allerlei technische kwesties worden geregeld. Bovendien moeten het TICA (Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming) en de Raad van State nog over de WAO-voorstellen adviseren. Deze adviezen worden op zijn vroegst in september verwacht. Daarna volgt behandeling in Tweede en Eerste Kamer. Afhandeling van het wetsvoorstel vóór 1 januari zou dus al een “heroïsche prestatie” zijn, aldus Kok.

Volgens de premier is de beoogde invoeringsdatum van 1 januari 1996 niet realistisch. De premier onderstreepte dat het kabinet wel vasthoudt aan het goeddeels afschaffen van de Ziektewet per 1 januari 1996. Bedrijven worden dan verplicht hun personeel bij ziekte maximaal één jaar 70 procent van het loon door te betalen. Nu is het eigen riscio voor kleine bedrijven nog twee weken en voor grote zes weken.

Tijdens zijn persconferentie deelde Kok ook mee dat de besprekingen over de uitgaven van de begroting 1996 zijn afgerond. Dat is een week eerder dan gepland. In de brief die de basis was voor het begrotingsoverleg van gisteren schrijft minister Zalm (financiën) dat er geen aanleiding is de “besluitvorming over de collectieve uitgaven te heropenen”. Volgens Kok is het financieringstekort dit jaar 3,6 procent van het bruto binnenlands produkt en volgend jaar 3 procent.