Avonturen ter zee (2)

Vaarwel rampzalig oord, misdeeld van elken zegen!

geen voet betreê uw boôm, geen adem waai u tegen!

Blijf onbezocht en woest en afgescheurd van de aard...

Vaarwel, ongastvrij oord, door Heemskerks ramp vermaard!

Zo begint H. Tollens Cz. in zijn Tafereel van de overwintering der Hollanders op Nova Zembla de beschrijving van de terugtocht. Busken Huet kon het niet goedkeuren maar daardoor laten we ons niet van de wijs brengen. We trekken onze Albert van Dalsum-stem uit het register, declameren deze regels en voelen weer de vloek van Nova Zembla. Wie als jongen nooit heeft geprobeerd buskruit te maken zou in staat moeten worden gesteld zijn jeugd over te doen, heeft Rudy Kousbroek geschreven. Hetzelfde geldt voor degenen die zich als kind niet in de Poolreizen hebben verdiept. Hoe merkwaardig dat mag klinken, het heldendicht van Tollens is, mits passend gedeclameerd, niet de slechtste inleiding. Gelukkig bevat het onlangs verschenen boek IJsvermaak - een bloemlezing uit de verslagen van beroemde poolreizen onder redactie van Tracy Metz - ook van Tollens' epos een fragment.

Het verhaal van Heemskerk en Barentsz is mooi, maar in mijn ogen werd er afbreuk aan gedaan door de plaatjes: houterige gravures van het Behouden Huys, het soep koken, het schieten van een beer met een musket, allerlei besognes die me niet aanspraken. In haar inleiding schrijft Tracy Metz: “De illustraties vertellen soms meer dan het verhaal zelf. Begin deze eeuw verdrong de foto de tekening en de gravure. Scott was zo verstandig een vakman mee te nemen, Herbert Pointing, die niet alleen prachtige foto's maakte en met zijn cinematograaf filmde maar ook nog eens zelf een heerlijk boek, Het eeuwige ijs, over zijn belevenissen schreef.”

Dit is het geheim: de verhalen vertellen van de ontberingen, de verschrikkingen, de tragiek. Dat het waar is gebeurd wordt bewezen door de foto's, met de onomstotelijkheid waaraan we in zulke gevallen behoefte hebben. Tollens had een fotograaf verdiend.

Hoe het tegenwoordig met de jeugd is gesteld weet ik niet, maar vroeger hadden veel kinderen hun eigen lievelingsheld onder de poolreizigers. Ik verdiepte me in Shackleton, misschien omdat ik vond dat hij een mooie naam had, misschien omdat ik de Discovery waarop hij heeft gevaren tot de mooiste schepen ter wereld rekende. Het lag ter bezichtiging in de Theems aan het Victoria Embankment. Ik herinner me ongelofelijk dik eikenhout. Je mocht ook in de hutten van de kapitein en de rest van de bemanning. Je keek door de patrijspoorten waarachter zij toen naar de eindeloze en eeuwige watervlakten en de poolzeeën hadden gekeken. Dat gaf de smaak van de werkelijkheid.

Ik was op de hand van Shackleton, de winnaar. Scott was tragisch in die mate dat het niet te verdragen was. Hoewel het niet bij benadering te begrijpen valt probeer je, als de gelegenheid zich weer eens voordoet, je zijn toestand voor te stellen toen hij op 17 januari 1912 aan de Zuidpool gekomen, ontdekte dat Amundsen hem een maand voor was geweest. Hij heeft het dan ook niet overleefd. De eerste die stierf was sergeant Edgar Evans en toen de een na de ander. Omstreeks eind maart stierven dr. Wilson, luitenant Bowers en Scott in hun tent. Daar werden ze in november gevonden, met hun dagboeken en foto's. Bij het lezen van de door Tracy Metz verzamelde en toegelichte fragmenten van reisverslagen en dagboeken komt mijn lectuur van meer dan vijftig jaar geleden terug, zo onbeschadigd alsof alles in een tent op Antarctica bewaard is gebleven.

Is de belangstelling voor poolreizen een hobby, zoals ze in haar inleiding oppert? Het is maar wat je ervan maakt. Als kind heb ik me op de manier van toen afgevraagd hoe die ontdekkers in staat waren, alle ontberingen te trotseren om aan te komen op een plek waar tevoren niemand was geweest. Het ging niet alleen om de avonturen. De drang, de eerzucht die aan al het andere vooraf ging, het onherroepelijk besluit om uit te varen en dan datgene tegemoet te gaan waarvan wij intussen alles wisten, dat was het raadsel en de hoofdzaak. Columbus achtte het niet helemaal uitgesloten dat hij steeds verder varend van de wereld af zou vallen. Die huiver krijg je alleen bij het lezen over de ontdekkingsreizen ter zee.

Veel later heb ik Edmund Hillary's verslag van zijn overwinning op de Mount Everest vertaald. Er zijn drie manieren om iets beter te leren kennen: door het te schilderen, te wassen of te vertalen. Woord na woord heb ik gewogen, maar nooit het gevoel gehad dat ik in zijn leven trad. Het is waarschijnlijk de berg geweest die me niet aanstond. De poolreizen, maar ook de ronding van Kaap Hoorn, Robinson Crusoë, Kapitein Gulliver, de Marie Céleste, Baron von Münchhausen in de Kaspische Zee, de Algerijnse zeerovers, Bulletje en Boonestaak zijn zeer aan me besteed. Als ik weer een van mijn bijna vergeten helden tegenkom, verdiep ik me in zijn avonturen die ik ken als m'n broekzak. Is dat een hobby? Nee, het is de voorkeur voor een bepaalde uitdrukking van het lot.

Vóór het gat in de ozonlaag, in de jaren dertig, had je strenge winters. Sloot en plas vroren dicht. Eerst kwam de vorst en dan de depressie met sneeuw.Ik woonde in een waterrijk gebied en ik speelde Shackleton en Amundsen - niet Scott. Het ijs maakte grote gebieden toegankelijk die anders niet bereikbaar waren; door de sneeuw werden weilanden en water tot een poolvlakte. In de stille dag ging ik over de bevroren sloten en plassen naar de onbetreden oever, het onbewoonde eiland. De sneeuw kraakte onder mijn zolen. Ik zette voet op vreemde bodem. Hier was niemand ooit geweest. Dan ging ik weer naar huis, vertelde mijn moeder van mijn reis en kreeg een kopje thee met een mariakaakje.

Het gedicht van Tollens eindigt als volgt:

't Erkentlijk vaderland, door liefde en vreugd gedreven

Neemt weer zijn kindren op, die uit den dood herleven;

Vergeldt hen, juicht hen toe, strooit lauwren voor hen heen

En rekent d'uitslag niet, maar telt het doel alleen.

PS. De gezagvoerder onder wiens commando de Sirius, schip van Greenpeace, bij de expeditie in de baai van de Seine stond, heet Willem Beekman. Hij heeft me toen terloops verteld dat hij aan wal er weleens iets bijkluste. In werkelijkheid is hij te land architect.

IJsvermaak. De noord- en zuidpoolexpedities. Uitg. Nijgh & Van Ditmar, ƒ 15.