Zeemanspoëzie over heimwee en hoeren

Voorstelling: De zee van twijfel, door Theatergroep Hollandia. Tekst liederen: Jeroen Zijlstra, tekst toneel: Hein van der Heijden, Ids van der Krieke, Don Duyns. Regie: Peter Paul Muller; spel: Hein van der Heijden, Ids van der Krieke, Jeroen Zijlstra, Marc Zijlstra. Gezien: 6/7 Munitiedepot, Gesterweg 14, Den Oever. T/m 15/7 aldaar. Vervoers-info & res: 075-31 02 31.

Hoeren, drank en heimwee - dat zijn de cliché's van het zeemansbestaan. Al die clichés duiken op in De zee van twijfel, een nieuw Hollands vissersdrama. En toch, ondanks de gemeenplaatsen, klinkt de tekst authentiek. Hier geen vals sentiment, kitscherige romantiek of stoer visserslatijn. De mens en de rauwe natuur, daar gaat het Hollandia om, in al haar produkties, dus ook in deze.

Niet dat we zoveel natuur te zien krijgen. We zijn voor deze locatievoorstelling weliswaar helemaal naar Wieringen gereisd, een voormalig waddeneiland, maar de Noordzee wordt overal aan het zicht onttrokken door een hoge dijk. Bovendien moeten we naarbinnen, naar een zolder met houten balken en een oergezellig strooien dak. Wat deze ruimte met wind en zee te maken heeft wordt niet onmiddellijk duidelijk. Hoofdzaak is dat we ons op een stukje land bevinden waar vast veel vissers wonen. Twee van de spelers zijn Wieringers. Jeroen Zijlstra is ook nog eens visserman. Vandaar die authentieke toon: Zijlstra schreef op zee gedichten en die krijgen we nu te horen, gezongen door een ruig vierstemmig mannenkoor.

'Wie eens op zee geweest is keert er weer', zingen de heren, die er op Zijlstra na net als vissers uitzien: oliejassen, tatouages, pakjes zware sjek bij de vleet. Maar hun fascinatie voor het Noordzeewater begrijpen deze vissers zelf niet helemaal. Kennelijk is het naast de economische noodzaak vooral de doodsdrift die hen steeds weer die gammele kotter op jaagt. Eenzaam voelen zij zich op zo'n schuit, met boven hen het pekzwarte zwerk en onder hen de grijze zee die nooit eens vriendelijk lacht. Ter compensatie dromen de mannen van lichtekooien met heerlijke 'strekdammen van vlees'.

Deze zeemanspoëzie, getoonzet door Onno Krijn en Wim Boor, wordt afgewisseld met monologen. Acteur Ids van der Krieke vertelt de verhalen van een visser die wel schik in 't vissen heeft. Hein van der Heijden daarentegen speelt een zeeman die altijd bang en misselijk is. De 'zee van twijfel', dat is hij, de zwartkijker, de morbide fantast, de jongen die telkens roept dat hij nooit meer gaat varen en die toch steeds weer vertrekt omdat hij als landrot evenmin aan zijn trekken komt.

De enscenering van Peter Paul Muller is statisch. Actie serveert hij alleen in gestileerde vorm en dan vooral op de trap van het denkbeeldige schip. Want de knusse zolder is in de loop van de avond toch akelig veel op een wild schommelende kotter gaan lijken, met die trap als blikvanger en een minuscule rookspuwende schoorsteen als het enige werkelijk theatrale accent.