Turkse premier bevriest werk aan democratisering

ANKARA, 7 JULI. De Turkse premier, Tansu Çiller, heeft gisteren de parlementaire behandeling van haar democratiseringspakket bevroren nadat het parlement een clausule over vakbondsrechten voor ambtenaren had verworpen. Democratisering in Turkije is een belangrijke voorwaarde van het Europees Parlement voor goedkeuring van de door Turkije zo zeer gewenste douane-unie met de Europese Unie.

Het semi-officiële persbureau Anadolu, dat Çillers besluit bekendmaakte, gaf niet aan hoe lang de schorsing zal duren. In principe kan het parlement, dat gewoonlijk in deze tijd met reces is maar zijn zitting speciaal had verlengd om het democratiseringspakket te behandelen, nu tot 1 september gaan vakantie vieren. Turkije heeft echter maar tot oktober de tijd om vooruitgang te tonen op het gebied van democratie en mensenrechten, aangezien het Europees Parlement dan van plan is te gaan stemmen over de douane-unie. Volgens parlementaire bronnen kan de schorsing ook een tactiek van Çiller zijn om de orde in het parlement te herstellen en de resterende democratiseringsvoorstellen te laten aanvaarden. In dat geval zou de zitting op korte termijn worden heropend.

Çillers pakket omvat amendering van 20 artikelen van de grondwet, die in 1982 onder het militaire regime werd afgekondigd. Ze betreffen met name vakbondsrechten voor ambtenaren, het recht voor (vak)organisaties politiek te bedrijven en verlaging van de stemgerechtigde leeftijd. Elke grondwetswijziging vereist een tweederde meerderheid (300 van de 450 parlementariërs) om automatisch van kracht te worden. Aanvaarding met tussen de 270 en 300 stemmen betekent dat een referendum ter bevestiging nodig is. Bij minder dan 270 stemmen is de wijziging verworpen.

De vorige week haalde de premier tot haar teleurstelling in eerste lezing voor geen van haar wijzigingsvoorstellen 300 stemmen. Woensdag begonnen de stemmingen in tweede, definitieve lezing. Het belangrijke voorstel ambtenaren het recht te geven zich te organiseren en te staken kreeg gisteren 225 stemmen en was daarmee verworpen. Volgens het particuliere tv-station ATV was dit voor Çiller aanleiding haar hele project op te schorten.

Çiller gaf gisteren de oppositionele conservatieve Moederlandpartij (ANAP) alle schuld van het echec. “Lange tijd heeft de ANAP niet alleen gezegd de wijzigingen te steunen, maar ook daarin een leidende rol op zich te nemen. Maar vandaag is de ANAP gedeserteerd.” (Reuter, AFP)