Polynesië bang voor gevolgen kernproeven

PAPEETE, 7 JULI. Een stoere, sterke kerel was hij altijd geweest. Een Fransman in hart en nieren die zijn plicht vervulde als 'décontamineur' op het Frans-Polynesische atol Mururoa, een ringvormig koraaleiland in de Stille Oceaan. Hij leefde er gelukkig met zijn Tahitiaanse vrouw en twee kinderen tussen een paar honderd collega's en hielp bij de voorbereiding en uitvoering van de Franse kernproeven die sinds de jaren zestig op dit eiland worden uitgevoerd.

Maar plotseling verzwakte hij. Zijn haren vielen uit, hij werd magerder en klaagde steeds vaker over pijn. Hij stopte met werken en kwam in een ziekenhuis op Tahiti terecht waar hij van top tot teen werd onderzocht. Uit angst voor vragen van collega's en aandacht van de lokale pers, stuurde zijn baas hem voor onderzoek naar Frankrijk. Daar overleed hij een paar maanden later.

Zijn vrouw eiste opheldering bij de Franse autoriteiten. Ze beweerde dat haar man de dupe was geworden van een 'accident de travail', een bedrijfsongeval waarvoor de werkgever, de Franse staat, verantwoordelijk was. Maar de Fransen ontkenden dat. Zij noemden het zijn eigen schuld. Bij het afdalen in een diepe schacht op Mururoa, waarin nucleaire ladingen tot ontploffing worden gebracht, was hij onvoorzichtig geweest. Maar toen de vrouw dreigde de zaak openbaar te maken, waren de Fransen er snel bij om een 'financiële regeling' te treffen en ging alles in de doofpot.

Het trieste einde van de 'décontamineur' van Mururoa is een van de verhalen die dezer dagen de ronde doen op Tahiti, wanneer de lokale bevolking spreekt over de gevolgen van de Franse kernproeven op Mururoa, dat op ruim duizend kilometer van Tahiti ligt. Het verhaal wordt verteld op voorwaarde van anonimiteit. De inwoners vrezen moeilijkheden als de Franse autoriteiten, die nog altijd beweren dat de proeven geen nadelige gevolgen voor milieu en gezondheid hebben, erachter komen wie deze verhalen verspreidt.

De bevolking op de Frans-Polynesische eilanden is de afgelopen dagen wakker geschud, zo lijkt het. Voor het eerst sinds tijden is er weer hoorbaar protest, al blijven de pro-Franse lokale kranten op Tahiti vrolijk doorgaan met verhalen over nut en veiligheid van de kernproeven. Maar de aanwezigheid van Greenpeace, dat hier vier dagen voor anker lag met het schip Rainbow Warrior II, en een horde internationale journalisten heeft veel Polynesiërs de moed gegeven hun angsten, frustraties en vragen naar buiten te brengen. “De Fransen houden alles achter. Ze vertellen ons niets over de gevaren die de testen met zich meebrengen”, zegt een Tahitiaanse vrouw, die niet meer kwijt wil dan dat haar naam Juliette is.

Op Tahiti circuleert dezer dagen ook een kopie van een 'verboden' videoband onder de lokale bevolking. In een bijna twee uur durende documentaire uit 1988 worden slachtoffers van de Franse testen op Mururoa getoond en aan het woord gelaten. Mensen die op het testeiland hebben gewerkt vertellen (vaak half zichtbaar uit angst voor herkenning) over ongelukken en mislukte testen. Zo zou eind jaren zeventig tot tweemaal toe een bom te vroeg tot ontploffing zijn gekomen. En zou in 1980 een cycloon radio-activiteit hebben verspreid over een aantal naburige eilanden.

Bij de explosies betrokkenen kregen kinderen met afwijkingen: ernstige darmstoornissen of met een tumor. Werknemers klaagden herhaaldelijk over pijn in neus, ogen, keel en borst. Eind jaren zeventig zorgde een ernstige vorm van visvergiftiging, 'ciguatera', voor slachtoffers onder de lokale bevolking. Bij barsten in het koraal, ontstaan door de kracht van de nucleaire explosies, komt dit ciguatera-gif los dat door de vissen wordt gegeten en vervolgens bij mensen, die deze vis eten, vormen van kanker kan veroorzaken.

Alles in de film wordt in direct verband gebracht met de Franse kernproeven, al ontbreken in veel gevallen de bewijzen daarvoor. Maar het feit dat de Franse autoriteiten de band op de zwarte lijst hebben gezet doet vermoeden dat de documentaire niet geheel fictie is.

Harde bewijzen voor de schadelijke gevolgen van de Franse testen op Mururoa zijn nog steeds moeilijk te vinden. “Het stikt van de geruchten”, zegt de Nederlandse arts Hans Veeken, project- manager van Artsen zonder Grenzen. Een paar dagen geleden kwam Veeken hier samen met een Belgische en een Australische collega aan om poolshoogte te nemen. Het is voor de eerste keer dat de internationale artsenorganisatie in Frans-Polynesië onderzoek doet.

“Er wordt de laatste tijd veel gezegd over de mogelijke gevolgen van kernproeven. Wij willen de komende dagen via gesprekken met verschillende mensen en instanties hier proberen uit te vinden wat er waar is van alle geruchten. Wat zijn de gevolgen geweest van de bovengrondse proeven die tot 1973 op Mururoa werden gehouden? Zijn er inderdaad mensen weggetrokken van Mururoa de afgelopen jaren? Bestaan er gevallen van kanker die direct verband houden met de proeven? We bekijken de medische kant van het verhaal en proberen te objectiveren wat hier werkelijk aan de hand is”, licht Veeken verder toe.

Veeken zou graag samen met zijn twee collega's naar Mururoa gaan om daar onderzoek te doen en met de lokale bevolking van het eiland te spreken. Maar het is zeer de vraag of de Fransen de artsen toelaten. “Bovendien kost een vliegtrip naar het eiland ruim 20.000 dollar. Dus voorlopig zien we nog even af van dat plan”, aldus Veeken.

In de wilde geruchtenstroom die de afgelopen dagen over Tahiti trok, paste ook het verhaal dat de drie artsen mee zouden varen op de Rainbow Warrior, het Greenpeace-schip dat vier dagen geleden vanuit Papeete vertrok voor een protestreis naar Mururoa. “Ook daarvan is niets waar”, verzekert Veeken. Greenpeace kreeg tot nu toe nooit toestemming om onderzoek uit te voeren in en rond Mururoa naar de gevolgen van de Franse kernproeven. Zelfs een verzoek voor onderzoek door een onafhankelijke groep wetenschappers werd niet gehonoreerd door de Franse autoriteiten. De Franse regering heeft tot nu toe nog nooit volledige gegevens en statistieken vrijgegeven over de gezondheid van de werknemers op Mururoa en de lokale bevolking op het eiland. Er is voor zover bekend ook nooit een onafhankelijk onderzoek gedaan naar de mate van radio-activiteit op en rond het eiland.

De enige wetenschapper die met toestemming van de Fransen onderzoek heeft mogen doen op en rond Mururoa is Jaques Cousteau. Hij voerde in 1987 testen uit. De uitkomsten zijn door de Fransen vrijgegeven en vormden de basis voor een onderzoek van de Amerikaanse natuurkundig onderzoeker Norm Burke, die de plek zelf nooit heeft mogen bezoeken. Via de gegevens van Cousteau toonde hij aan dat er in de lagune van Mururoa een overvloed bestaat aan cesium-134, een radio-actief isotoop dat vrijkomt bij nucleaire reacties. Burke concludeerde daaruit dat door de nucleaire testen op Mururoa vanuit de zeebodem binnen anderhalf tot vijf jaar radio-activiteit in de zee zal lekken.

De Nieuw-Zeelandse onderzoekers Manfred Hochstein en Michael O'Sullivan trokken een soortgelijke conclusie, eveneens op basis van de gegevens van Cousteau. Volgens computermodellen van het duo zal er binnen tien tot honderd jaar sprake zijn van radio-actieve besmetting van het milieu rondom Mururoa. De Franse regering heeft altijd beweerd dat het honderden jaren zou duren voordat radio-actief afval de oppervlakte zou bereiken.

    • Max Christern