Referendum in Amersfoort niet geldig

AMERSFOORT, 6 JULI. Het eerste referendum van Amersfoort is mislukt. De 86.120 kiesgerechtigde Amersfoorters konden hun mening geven over de vraag of de winkels in de stad voortaan acht in plaats van vier zon- en feestdagen per jaar open mogen zijn. Maar het vereiste opkomstpercentage werd niet gehaald, de uitslag is niet geldig.

Het onderwerp was volgens de voorstanders van de ruimere winkelopenstelling een 'non-issue'. Tegenstanders vonden het onderwerp wel belangrijk: ze vreesden voor de zondagsrust en werknemers zouden voortaan gedwongen kunnen worden om ook op zondag en de traditionele feestdagen te werken.

Er waren 34.616 stemmen nodig - veertig procent van het aantal uitgebrachte stemmen van de laatste gemeenteraadsverkiezingen - om de uitslag van het referendum geldig te laten zijn. Van degenen die kwamen opdagen (dertig procent), stemden 6.770 voor uitbreiding van de winkelopenstelling en 19.597 tegen, maar dat was dus niet genoeg. Op 11 juli neemt de gemeenteraad een definitief besluit over de winkelopenstelling.

De Amersfoortse gemeenteraadslid T. Haasdijk (GPV) stelde begin dit jaar een referendum voor. De meerderheid van de Amersfoortse gemeenteraad was voor uitbreiding van de winkelopenstelling. Het voorstel om een referendum te houden kreeg in de gemeenteraad dan ook weinig steun, slechts van de CDA-fractie. Dus pikten andere organisaties Haasdijks idee op: de dienstenbonden van de FNV en CNV, de Raad van Kerken en de niet daarbij aangesloten kerken zetten een handtekeningenactie op touw.

Haasdijk is niet boos, wel teleurgesteld over de opkomst van het referendum. Volgens hem is er een 'anti-campagne' gevoerd: “Door de Amersfoortse Courant en door de Jonge Socialisten. Een ieder die bij hen zijn stemkaart kwam inleveren kreeg een pilsje. Door dit soort acties zijn de ja-stemmers thuisgebleven. Voor de inspanningen van de gemeente niks dan lof. Die hebben echt alles gedaan om mensen naar de stembus te krijgen.”

Hoewel het college van burgemeesters en wethouders van Amersfoort voor het voorstel is om de winkels op zon- en feestdagen vaker open te houden, is burgemeester Brouwer wel teleurgesteld over de opkomst. “Wij hebben een heel neutrale voorlichtingscampagne gevoerd via de lokale televisie, voor- en tegenstanders aan het woord gelaten”, aldus Brouwer. “Sommigen vonden de vraagstelling van het referendum een 'non-issue', maar het was wel voor het eerst dat Amersfoorters zich over iets konden uitspreken. Ik betreur dat dat niet is gelukt.”

De secretaris van de dienstenbond van het FNV, afdeling Oost-Utrecht, E. Eggers, is “zonder meer” teleurgesteld. “Het stemmen als zodanig is niet populair.” Eggers steekt de hand in eigen boezem over het mislukken van het referendum: “Wij zijn niet in staat geweest om het werkelijke thema flexibilisering van arbeid aan de orde te brengen. Men vindt het prachtig om op zondag met familie te gaan winkelen, maar men realiseert zich onvoldoende dat men in de toekomst wellicht ook zelf op zondag zal moeten gaan werken.” Eggers vindt “duidelijk dat er anti-campagne is gevoerd”. Ook hij wijst naar de Amersfoortse Courant. “Die heeft stemming zitten maken en heeft de relevantie van de vraagstelling belachelijk gemaakt.”

“Flauwekul”, vindt W. Ten Brink, chef van de redactie stad en regio van de Amersfoortse Courant. “Wij hebben gewoon bericht over het referendum, wij hebben een onderzoek laten uitvoeren hoe de opkomst zou zijn en hoe de stemverhoudingen zouden liggen, wij hebben een beschouwing gepubliceerd van een collega dat een referendum voor een dergelijk triviaal onderwerp misschien niet het geëigende middel is en niet in relatie staan de kosten: 250.000 gulden.”

Ook volgens E. Kraan van de Jonge Socialisten was de vraagstelling voor een referendum “veel te eng en bovendien te duur”. De oproep van de Jonge Socialisten om de stemkaart in te leveren in ruil voor een pilsje had overigens weinig succes. Stemmen of een pilsje: beide oproepen vonden gisteren bij de Amersfoorters nauwelijks gehoor.