Afgezonken

Het is maar goed dat ik geen enkel aandeel bezit want de effectenbeurs is naarmijn mening een van de eigenaardigste instellingen die er bestaan. Sinds een aantal jaren gaat het weer goed met onze economie en worden wij een paar keer per jaar op de voorpagina verrast met berichten over de groei en de bloei van het Nederlandse bedrijfsleven: 'Beste jaar voor Philips sinds de oprichting', 'Historisch hoogtepunt winst Akzo', 'Jaarwinst Elsevier stijgt naar record-hoogte'. Etcetera. En even vaak lezen wij dan verderop, op de beurspagina, berichten als: 'Beleggers verliezen vertrouwen in Philips', 'Aandeel Akzo fors gedaald', 'Beurs in mineur over resultaten Elsevier'. Etcetera.

Wat een akelig volk moet dat zijn, die beleggers en speculanten, voor wie het kennelijk nooit goed genoeg is en op wier houding in ieder geval geen peil valt tetrekken. Wat moet je dan wèl doen om het ze naar de zin te maken? Verlies lijden? Onrust veroorzaken? Mensen ontslaan? Vroeger leerden wij op school dat de vrouw een grillig en veranderlijk wezen is: Varium et mutabile semper femina. Nu, dat kan van de beleggers ook worden gezegd.

Die grilligheid en onberekenbaarheid verklaren wellicht ook de rust die de afgelopen weken rond het aandeel Shell heeft geheerst. Het is immers niet mis wat er allemaal gebeurd is: een consumentenboycot die in Duitsland niet alleen gesteund werd door de Lutherse kerk en de katholieke CSU, maar ook door enkele ministers en zelfs door kanselier Kohl, evenals in Nederland trouwens, al waren er hier ook pragmatisch ingestelden die het aan hun chauffeur overlieten; een dure maar mislukte perscampagne om 'de feiten' aan het licht te brengen, die echter al snel gevolgd werd door een spectaculaire en onverwachte volte-face, met als resultaat dat Shell koos voor een eerder verworpen oplossing die een kleine honderd miljoen gulden meer zal kosten en - wat misschien erger is - nu al geleid heeft tot een bittere breuk met de in haar hemd gezette Britse regering. Het is allemaal niet niks en je zou verwachten dat in plaats van de Brent Spar de aandelen Shell naar een zeer diep punt zouden zijn afgezonken. Maar nee, niets daarvan. Er viel geen rimpeling in het beurswater te bespeuren.

Hoe Shell tot zijn verrassende beslissing is gekomen, is onduidelijk en dus bestaat er ruimte voor geheimzinnige speculaties. Volgens Der Spiegel zit prins Bernhard erachter. Le Monde zocht het nog hoger op. De Franse kwaliteitskrant meldde op 16 juni op haar voorpagina dat de uitstekende reputatie van koningin Beatrix in Duitsland door de affaire zou zijn geschaad, omdat Shell voor zestig procent eigendom is van de Nederlandse koninklijke familie. Dat zou de koningin inderdaad, zoals de Amerikaanse pers zo graag wil, tot 'de rijkste vrouw ter wereld' maken, want zestig procent van de totale beurswaarde van Shell komt neer op zo'n honderd miljard gulden; en dat zijn dan alleen nog maar de aandelen Shell! De sultan van Brunei is er niets bij.

Hoe iemand in het geheim zestig procent van een onderneming kan bezitten, terwijl iedereen met een belang van 5 procent of meer zich als zodanig moet aanmelden, legt Le Monde niet uit. Misschien ligt hier een taak voor de RVD. Of wordt het tijd voor een consumentenboycot van Le Monde. Voor degenen die geloven in de redelijkheid van de pers zijn het moeilijke tijden, maar ook voor degenen die geloven in de redelijkheid van de ondernemers. Een oude theorie wil dat het kapitalisme een vorm van rationalisme is en dat de ondernemers hun beslissingen baseren op calculaties en redenaties.

Die tijd is kennelijk voorbij. Het is immers van tweeën één. Of de uitvoerige technische en wetenschappelijke rechtvaardiging van Shell voor het 'afzinkplan' is juist, althans in de ogen van de voor de beslissing verantwoordelijken, de Britse regering en Shell, of zij is niet juist. Is het eerste het geval - en ook na de spectaculaire ommezwaai houdt Shell dit vol - dan moet betreurd worden dat men uit angst voor negatieve publiciteit en omzetverlies een gevaarlijke en schadelijke oplossing heeft verkozen boven een verstandige en verantwoorde. Is het tweede het geval, dan heeft Shell ofwel de zaken zeer onzorgvuldig voorbereid dan wel ons bewust misleid en bestaat er aanleiding voor zeer ernstige kritiek of zelfs voor een nieuwe boycot. In geen van beide gevallen is er reden de bekeerde multinational weer in ons hart te sluiten, zoals zelfs Greenpeace nu lijkt te doen. En in ieder geval is er geen reden voor de vreugde over de 'moedige en juiste beslissing' die thans wordt uitgesproken.

Het lijkt er op alsof alle argumenten en redevoeringen van deskundigen in één klap van tafel zijn geveegd door de stroom van emoties die werd voortgebracht door één enkele, even simpele als pakkende, leuze: 'De zee is geen vuilnisbelt'. En natuurlijk door het feit dat sommige regeringen in die leuze politiek voordeel hebben gezien. Zoiets is niet aangenaam 'voor wie de nuance zoekt'. De geschiedenis laat echter zien dat in crisissituaties de dingen wel vaker zo gaan, dat leuzen het dan winnen van redeneringen. Dat is de manier waarop revoluties zich in de geschiedenis nu eenmaal plegen te voltrekken: 'Vrede aan de hutten, oorlog aan de paleizen', 'No taxation without representation', 'Alle macht aan de Sovjets', 'Help de kernwapens de wereld uit, om te beginnen uit Nederland', het zijn allemaal leuzen waar wel wat op aan te merken valt, maar ze hebben miljoenen in beweging gebracht.

Uitspraken als: 'Een zorgvuldige studie, waarbij natuurlijk altijd marges van onzekerheid blijven bestaan, heeft ons tot de conclusie gebracht, dat bij de huidige stand van kennis en techniek het tot zinken brengen van het platform al met al nog de minst schadelijke oplossing voor het milieu is', doen dit niet. Waar het op neerkomt, is dit. Er moest een voorbeeld worden gesteld en een slachtoffer worden gevonden. Beide zijn gebeurd. Hoe het verder moet, weet niemand. Zullen Duitsland of Nederland, blij verrast door de 'moedige en wijze beslissing', het gevaarte aan hun kusten verwelkomen en op hun grondgebied laten demonteren? 'Eerst zien', zei blinde Maupie.

In revolutionaire situaties winnen pakkende simplificaties. Maar misschien kun je dit ook omkeren: als simplificaties het winnen van redenaties, wijst dat op het bestaan van een revolutionaire situatie. Als dat zo is, kan misschien toch nog van een goede afloop worden gesproken, want alles wijst erop dat het milieu alleen door een revolutionaire verandering kan worden gered.