Pleidooi voor versneld regime in civiel geschil

DEN HAAG, 5 JULI. Rechtbanken kunnen civiele geschillen aanmerkelijk sneller behandelen dan nu het geval is. Het komt regelmatig voor dat civiele procedures twee tot drie jaar in beslag nemen. Die termijn kan terug tot zes a acht maanden.

Dit concludeert een gemengde commissie uit de rechterlijke macht en de advocatuur in een rapport dat vanochtend is aangeboden aan minister Sorgdrager (justitie). De Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (NVvR) en de Nederlandse Orde van Advocaten berekenden dat bijna veertig procent van de rechtszaken kan worden bekort.

De commissie geeft de minister in het verslag voorstellen om te experimenteren met een 'versneld regime' voor procedures in kleine, minder gecompliceerde geschillen. De rechtbanken in Almelo, Assen, Den Haag, Leeuwarden, Middelburg, Roermond en Zwolle hebben zich bereid verklaard vanaf 1 januari 1996 met de adviezen van de commissie te willen experimenteren. Bij deze civiele procedures gaat het in de meeste gevallen om geldvorderingen.

Eén van de onderdelen van het voorstel is dat de rechtbanken vonnis gaan wijzen binnen een termijn van zes weken. Maar ook de procedures zelf kunnen sterk worden verkort, menen rechters en advocaten. Zo zou in de dagvaarding al direct het hele geschil moeten zijn weergegeven en niet alleen de vordering van de eisende partij. Partijen hebben volgens de commissie veelal de neiging om dagvaardingen “zeer summier” te houden - men houdt zijn kruit liever droog. De eiser schrijft meestal alleen dát de gedaagde bijvoorbeeld niet wil betalen voor een geleverd produkt, en niet de reden waarom deze dat nalaat. Vaak is daaraan echter al de nodige correspondentie voorafgegaan, die de rechter direct inzicht kan geven in de zaak. De eisende partij zou het standpunt van de gedaagde samengevat in de dagvaarding moeten opnemen, aldus de commissie. Ook moet de advocaat van de eisende partij al in de dagvaarding aangeven welk bewijsmateriaal hij op de zitting wil gebruiken en welke getuigen hij wil horen.

Aanleiding voor het onderzoek is de oude klacht dat gerechtelijke procedures te veel tijd in beslag nemen. Volgens de commissie is één van de oorzaken van de lange termijnen een onderbezetting bij de rechterlijke colleges. Een andere oorzaak is de vaak langdurige schriftelijke behandeling waarmee de zaak voor de rechter begint. Rechtbanken trekken voor die eerste fase van het proces al snel twaalf weken uit. Dat is veel te lang, vindt de commissie. Ook wordt voor zittingen te snel uitstel gevraagd en door de rechter verleend. Dat hangt samen, aldus de commissie, met een “wijd verbreide aardigheidscultuur” die op gespannen voet staat met de efficiëntie.

Minister Sorgdrager zei vanmorgen in een reactie op het rapport het “van groot belang” te vinden dat het experiment met het versnelde regime bij de rechtbanken op korte termijn begint.