Wet maakt einde aan 'kartelparadijs'

DEN HAAG, 4 JUNI. De nieuwe Mededingingswet die de ministerraad vrijdag heeft goedgekeurd, zal volgens minister Weijers (economische zaken) leiden tot “meer dynamiek, meer economische groei en meer werkgelegenheid”.

In een gisteren gepubliceerde verklaring concludeert de D66-minister dat met de invoering van de nieuwe wet “definitief kan worden afgerekend met het stigma dat Nederland een kartelparadijs is”.

De werkgeversorganisatie VNO-NCW constateert een aanscherping in vergelijking met voorstellen van de oud-staatssecretaris van economische zaken, de CDA-er Van Rooy. “Daar zijn we niet gelukkig mee”, aldus VNO-NCW.

De kern van de nieuw mededingingswet is een verbod op alle concurrentiebeperkende afspraken en onderling afgestemde feitelijke gedragingen tussen ondernemingen en op misbruik van economische machtsposities. De nieuwe wet verbiedt ook misbruik van machtsposities door bedrijven bijvoorbeeld als het marktaandeel van een onderneming zo groot is dat het concurrenten en levenciers min of meer de wil kan opleggen. Zowel horizontale mededingingsafspraken (tussen ondernemers die met elkaar concurreren) als verticale (tussen bijvoorbeeld leverancier en afnemer of producent en detaillist) worden verboden. Het verbod sluit volgens Weijers aan bij de systematiek die de Europese Commissie en vrijwel alle lidstaten van de Europese Unie hanteren. VNO-NCW bestrijdt dit en vindt dat Wijers met de nieuwe mededingswet meer aansluiting had moeten zoeken bij het Europese gemiddelde.

Conform de voorstellen van Van Rooy zal de uitvoering van de nieuwe wet worden opdragen aan een bij wet ingestelde zelfstandige ambtelijke dienst met wettelijk vastgelegde bevoegdheden.

Aanleiding voor een nieuwe wet is vooral de noodzaak het aanpassingsvermogen en de reactiesnelheid van de Nederlandse economie te vergroten, aldus Wijers. Concurrentiebeperkingen zijn over het algemeen economisch schadelijk en moeten daarom worden verboden. Ook de toenemende internationale concurrentie als gevolg van globalisering van economische relaties, technologische ontwikkelingen en het slechten van handelsbelemmeringen maken een meer op de Europese leest geschoeide mededingingswet noodzakelijk.

De nieuwe Mededingingswet voorziet ook in nationaal toezicht op concentraties, zoals fusies en overnames. Op dit moment bestaat een dergelijke vorm van toezicht in de Nederlandse wetgeving niet, waarmee Nederland in Europa een uitzonderingspositie inneemt.

Het zal bij het nationale concentratietoezicht uitsluitend gaan om concentraties die een “aanzienlijk effect” kunnen hebben op de Nederlandse markt. Daarbij is bepaald dat concentraties alleen hoeven te worden aangemeld wanneer de gezamenlijke omzet van de betrokken ondernemingen meer bedroeg dan 250 miljoen gulden, waarvan door tenminste twee van de betrokken ondernemingen ieder tenminste 30 miljoen gulden in Nederland is behaald.