Bondscoach Leurs verwijt honkbalbond amateurisme

HAARLEM, 4 JULI. Slechts dagen voor het Europees kampioenschap bekruipt honkbalcoach Jan Dick Leurs een tweeslachtig gevoel. Hij is tevreden over de vorderingen van het nationale team. Ontevreden is hij over de honkbalbond, waar hij een verregaande vorm van amateurisme constateert.

Gisteravond had Leurs een gesprek met het bondsbestuur van de KNBSB. Hij legde zijn grieven op tafel. “Ik ben coach”, zei de coach. “Daar ben ik voor ingehuurd.” Maar intussen werd zijn takenpakket ongewild uitgebreid. Leurs moest zelf een veld regelen om deze week zijn laatste trainingen met de nationale selectie te kunnen houden. “Er was nergens iets beschikbaar, dat hoor ik dan twee dagen van tevoren.”

Honkbal is volgend jaar een officiële olympische sport. Bij het EK, dat vrijdag in Haarlem begint, plaatsen de beste twee landen zich voor de Spelen van Atlanta. Dat zou voor Nederland, de regerend Europees kampioen, geen probleem mogen zijn. “Maar de bond is zo amateuristisch bezig”, zei Leurs. “Ik word daar soms gek van. Ik heb een heel boek vol met probleempjes. Daar moet iets aan gedaan worden.”

Zo niet, dan heeft Leurs - sinds 1992 in dienst - zijn langste tijd als bondscoach gehad. Het EK doet hij als honkballiefhebber graag, de Spelen zijn het summum. Maar zonder steun van bondszijde krijgen de irritaties de overhand.

Een ander punt van kritiek van Leurs is dat het Europees kampioenschap op drie verschillende velden in Haarlem en omgeving wordt gespeeld. Nederland speelt steevast in het Pim Mulier-stadion in Haarlem, maar ook de velden van Kinheim (eveneens in Haarlem) en RCH (in Heemstede) worden gebruikt. “Als je de honkbalsport wilt promoten, ga dan ook elders in het land spelen”, meent Leurs.

Nederland begint vrijdag op het EK tegen Oekraïne. Maar Leurs kijkt nu al vooruit naar de kruisfinales, waarin waarschijnlijk Zweden de tegenstander zal zijn. “Dat land kan een lastige outsider zijn. Ze zijn sterk aan slag, maar gelukkig hebben ze geen echt goede werpers. Anders zou het een heel gevaarlijke ploeg zijn. De kruisfinale is eigenlijk de belangrijkste wedstrijd van het toernooi. Want als je die wint, sta je in de finale en ben je al zeker van deelname aan de Spelen.”

Italië is de beoogde tegenstander in de finale-serie, een best-of-five. Al jaren gaat de eindstrijd om het Europees kampioenschap tussen de beide rivalen. Twee jaar geleden trok Nederland aan het langste eind, maar in 1992 was Italië en niet Nederland present op de Olympische Spelen van Barcelona. Naast gastland Spanje werd Europa toen maar door één ander land vertegenwoordigd.

Leurs is tevreden over de voorbereiding van zijn ploeg op het EK. De afgelopen anderhalve week nam Oranje deel aan het World Port Tournament in Rotterdam, waar het zeven keer in actie kwam. Daardoor weet Leurs wat zijn spelers kunnen. De bondscoach wil nog graag een wijziging in zijn selectie aanbrengen, maar gisteren mislukten alle toenaderingspogingen tussen Leurs en de niet met name genoemde speler. Waarschijnlijk gaat het om een werper. “Want over mijn werpers-selectie ben ik nog niet geheel tevreden”, vertelde Leurs gisteravond.

Jacques Reuvers, voorzitter van het organisatiecomité van het EK-honkbal, zei dat 70 procent van de begroting van 800.000 gulden al is gedekt door de bijdragen van sponsors. “Als we 20.000 toeschouwers trekken, spelen we quitte”, aldus Reuvers.