'Winnaarsbloed' drijft Chris Boardman tot fatale risico's

LANNION, 3 JULI. Ongeveer drie minuten heeft Chris Boardman deelgenomen aan de Tour de France. In een flauwe bocht naar links gleed zijn achterwiel door een plas en verloor de Engelsman de macht over zijn fiets. Hij schoof over het asfalt naar de rechterkant van de weg en smakte tegen de dranghekken. Heel even probeerde hij de strijd te vervolgen, maar al gauw begreep Boardman dat zijn actie zinloos was. Een droom was in duigen gevallen.

Hij werd weggedragen door zijn ploegleider Roger Legeay, die een dubieuze rol speelde bij het ongeluk. Hoewel Boardman zelf ten val kwam, kreeg hij een fractie van een seconde later nog een dreun van de ploegleiderswagen. In het ziekenhuis van Saint-Brieuc constateerden de artsen een dubbele enkelbreuk en een gebroken pols, zodat de aanrijding niet tot blessures heeft geleid. Het was zijn eigen schuld. “Ik kon niet zien waar de weg glad of ruw was”, verklaarde hij een etmaal later voor de camera's van het Britse tv-station Channel 4.

Het ongeluk van zaterdagavond met Boardman paste aardig in de traditie van de Tour. Vorig jaar eindigde de eerste etappe in een ernstige valpartij, waardoor de Fransman Jalabert en de Belg Nelissen de strijd moesten staken. Dit keer was de proloog de spelbreker voor een bekende coureur. Boardman riskeerde veel, hij wilde het onmogelijke presteren door de winnende tijd van de Fransman Jacky Durand te verbeteren. Die had bij droog weer gereden en mocht zich uiteindelijk een gelukkige winnaar noemen. Terwijl Durand zijn gele trui gisteren met succes verdedigde, was Boardman al naar een ziekenhuis in de buurt van Liverpool gevlogen. Gisteravond werd hij aan zijn enkel geopereerd. Een woordvoerder van het ziekenhuis noemde zijn toestand na de ingreep “bevredigend”.

Als er iemand dit seizoen zijn zinnen had gezet op de Tour de France, dan was het de 26-jarige kopman van de Gan-formatie. Hij trainde in de Schotse hooglanden, compleet met dikke kleding om de hete Franse zomer een beetje na te bootsen. Op die manier hoopte Boardman zijn transpiratie beter onder controle te krijgen. Hij was er achtergekomen dat Zuideuropese klimmers als Indurain en Pantani bij een bergetappe veel minder vocht verliezen en gemakkelijker herstellen van een zware inspanning.

Alles en iedereen werden in werking gesteld om van de geboren baanrenner een goede Tourrenner te maken. Aan de universiteit van Sussex trainde hij met de hulp van zijn privétrainer Peter Keen en de hulp van een computerprogramma. Op advies van de ervaren Schotse coureur Robert Millar ging hij ook op trainingsstage in de Alpen, want nabootsen is wat anders dan de realiteit. In een vraaggesprek met de Franse sportkrant L'Equipe verklaarde Boardman dat hij liever mee zou rijden in de bergen dan dat hij de Tourproloog voor de tweede keer zou winnen.

Als baanrenner won hij in 1992 olympisch goud bij de achtervolging en verbeterde hij in 1993 het werelduurrecord. In de Tour van vorig jaar debuteerde Boardman met een zege in de proloog. Hij baarde opzien met een nieuw snelheidsrecord en nog meer met zijn zogenaamde Lotus-fiets, gemaakt van carbon en vervaardigd uit één stuk. Na negen dagen vertrok hij volgens planning naar huis in Engeland. Met een gele trui op zak en een ervaring rijker.

Intussen had hij zich ontwikkeld tot een redelijke klimmer. Hij won in 1994 een bergetappe in de Dauphiné Libéré en realiseerde zich dat een Alpenrit geen nachtmerrie hoefde te zijn. Met zijn lengte (1.75) en zijn gewicht (68 kilo) heeft hij het ideale lichaam voor een klimmer. Afgelopen maand bewees hij in de Dauphiné dat de ritzege van vorig jaar geen toevaltreffer was. Hij eindigde op de tweede plaats, achter Indurain maar vóór de erkende klimmer Richard Virenque.

Boardman had veel zelfvertrouwen toen hij zaterdagavond aan de start stond voor de proloog. Misschien had hij te veel zelfvertrouwen, zo hard reed hij over het glade wegdek. Terwijl zijn rivalen Indurain en Rominger heel voorzichtig manoeuvreerden, nam hij alle risico's. De Tourfavorieten knepen bij elke bocht in de remmen. Zeker Indurain is bang voor regen. Het was opvallend hoe onrustig de Spanjaard reed, nadat hij in het begin van de proloog bijna uit de bocht was gevlogen. Zijn voorzichtige aanpak werd geïllustreerd door de keuze voor een conventionele fiets. Technische foefjes liet de Spaanse rekenaar doelbewust achterwege.

In tegenstelling tot de laatste jaren verloor Indurain van zijn voornaamste concurrenten. De Zwitser Alex Zülle was acht seconden sneller, ondanks een valpartij. Jalabert was zes seconden eerder over de streep en Rominger was vijf tellen sneller. De Colombiaan Rincon verscheen niet aan de start wegens een steenpuist op het zitvlak.

Voor Boardman was het zaterdag alles of niets. Als rechtgeaarde Engelsman heeft hij te veel winnaarsbloed om een ritzege aan zich voorbij te laten gaan. Zijn gedurfde rijstijl werd door sommige commentatoren bekritiseerd. Hoe kan een man die zo graag de Tour wil uitrijden, zo veel risico nemen in een rit die voor het eindklassement niet van het grootste belang is? Boardman bleek nog niet de calculerende renner, zoals Indurain en Rominger. Hij heeft nog het onbevangene dat zoveel Engelstalige coureurs kenmerkt. Hij praat zoals hij rijdt.

In het blad Wielerrevue toonde hij vorig jaar zijn enorme zelfvertrouwen. “Ik wil de beste van de wereld worden. Als ik het niet probeer, krijg ik er later spijt van. Mijn woorden klinken misschien arrogant, maar ik denk dat je een bepaalde arrogantie moet hebben om de beste te worden. Je moet in jezelf geloven. Ik ben pas 26 en wil tot mijn 32ste blijven fietsen, dus voorlopig heb ik nog tijd genoeg.”

Net als de Australiër Anderson, de Canadees Bauer of de Amerikaan Armstrong waagt Boardman meer dan de gemiddelde Europese renner. Armstrong heeft zich intussen al aardig aangepast aan de typische wielercultuur. Het is de vraag wat Boardman voor ogen staat. De artsen verwachten dat hij over zes tot acht weken voorzichtig op de fiets mag stappen. Hij kan zich nu al weer gaan richten op de Tour van volgend jaar.