Eenheid Europa mislukt als de traagste het tempo zet; Rechterhand van kanselier Kohl, Wolfgang Schäuble, over Europa en de FDP

BONN, 1 JULI. Een van de geheimen van Helmut Kohl, 23 jaar voorzitter van de woensdag 50 jaar geworden CDU, is zijn kennis van het partij-apparaat en de cultivering van persoonlijke contacten. Wie het in de CDU ver wil brengen moet geen ruzie met Kohl maken en zijn curriculum er zó laten uitzien dat de partijvoorzitter er tevreden over is.

Activiteit bij de CDU-jongeren, geslaagd regionaal politiek werk, gebleken vakmanschap in een deelstaat en/of de Bondsdag, loyaliteit aan de chef en Stehvermögen in lastige situaties acht de kanselier onmisbaar voor een mooie carrière in de CDU, die in de 46-jarige Bondsrepubliek 33 jaar (mee)regeerde. Wij zijn de meest succesvolle actiegroep in Duitsland, zei Kohl bij de jubileum-viering in Berlijn. Wat de 'binnenkant' van de CDU betreft: op opstandigheid jegens de chef of verminderde politieke bruikbaarheid volgt doorgaans straf, zoals een lange rij meer of minder gesneefde politici van de CDU kan bevestigen.

Een CDU-loopbaan uit het politieke Bilderbuch heeft Wolfgang Schäuble, de voorzitter van de christen-democratische Bondsdagfractie, gemaakt. Deze 52-jarige koele jurist, die om zijn soms harde tong wordt gevreesd binnen en buiten zijn fractie, was eerder minister in Kohls kanselarij en op Binnenlandse zaken. Hij voldoet aan alle genoemde voorwaarden, en is al jaren de vertrouweling en kroonprins van Kohl. De in Freiburg geboren Schäuble is de enige actieve politicus die de kanselier woensdag met name prees in zijn jubileumrede, namelijk wegens zijn vermogen de heterogene 294-koppige CDU/CSU-fractie op één lijn te houden.

Op 14 oktober 1990, elf dagen na de Duitse eenwording, waarvoor Schäuble als onderhandelaar met de DDR de verdragsbasis had ontworpen, werd hij slachtoffer van een aanslag die een psychisch gestoorde man op hem pleegde tijdens een verkiezingsavond. Schäuble raakte vanaf de derde ruggewervel verlamd en zit sindsdien in een rolstoel. Kohl kwam hem in de revalidatiekliniek op zijn manier duidelijk maken dat hij niettemin op hem bleef rekenen. Namelijk door hem de biografie cadeau te doen van Franklin Roosevelt, die in een rolstoel langdurig en succesvol president van de VS was.

Meer nog dan daarvoor zijn Kohl en Schäuble sinds die aanslag een politiek duo met een herkenbare rolverdeling. Kohl trekt de grote lijnen, Schäuble houdt de politieke vloer schoon, stuurt de fractie (en disciplineert haar zonodig) en entameert allerlei strategische en andere discussies waarvan Kohl zichzelf als kanselier dan enigszins kan vrijhouden.

U hebt vorig najaar met uw fractiegenoot Karl Lamers een discussienota gepubliceerd, waarin u zich voor een eventueel 'Kern-Europa' uitsprak. Zopas heeft de CDU-fractie in Berlijn een nieuw stuk gepresenteerd waarin het begrip 'Kern-Europa' niet meer voorkomt. Hebt u een nederlaagje geleden?

“Het stuk van Berlijn vormt geen tegenstelling tot wat Lamers en ik vorig jaar hebben voorgesteld. De principes die wij vorig jaar aanhielden zijn dezelfde. Als we in Europa vooruit willen, zowel op economisch als op politiek gebied, moeten we weten dat de weerstanden en moeilijkheden groot zijn. We hebben dynamische elementen nodig - Nederland, Duitsland, andere landen. Zeker, ook Frankrijk, want zonder Frankrijk heeft de Monetaire Unie geen zin. We zullen met de Europese integratie geen vooruitgang boeken als de langzaamste het tempo bepaalt. Maar de landen die vooruit willen moeten er steeds op letten dat zij geen 'closed shop' vormen, dat anderen niet worden uitgesloten.

Op het terrein van een gemeenschappelijke buitenlandse- en veiligheidspolitiek zou het begrip Kern-Europa ook zonder betekenis zijn. Op dat gebied hebben wij tevens duidelijk gemaakt dat een Europese verdedigingsidentiteit voor ons geen alternatief is voor de Navo, maar als element ter versterking van de Navo moet worden gezien. Dat is een belangrijk punt: we willen dat het lidmaatschap van de EU op langere termijn ook het lidmaatschap van de Navo inhoudt. Dat zien nog niet alle landen zo maar onze opvatting daarover moet helder zijn.

Je leest vaak dat uw Kern-Europa voor hetzelfde staat als het begrip “variabele geometrie”, dat wel in Frankrijk wordt gebezigd, of de oude aanduiding “twee snelheden”. Is dat juist?

Nee, variabele geometrie komt voor sommigen neer op een eindtoestand. Wij zien het begrip Kern-Europa als een dynamiserend element om de ontwikkeling vooruit te drijven, met een gelijke integratie van alle landen als uiteindelijk doel. Wat dat betreft voel ik me bij de term “verschillende snelheden” beter thuis. Het begrip Kern-Europa heeft als groot voordeel dat het vele discussies heeft uitgelokt, wat we ook wilden. Maar het heeft als nadeel dat het ook veel misverstanden veroorzaakt.

Als de EMU in 1999 begint zal de Duitse verkiezingscampagne in 1998 als belangrijk thema het opgaan van de D-mark in een Europese munt kennen. Wordt dat dan niet een probleem: zekerheid over het verdwijnen van de mark, maar niet over de stabiliteit van de ECU?

Waarom zou een Europese munt minder stabiel zijn dan de Nederlandse gulden of de Duitse mark? Dat is heus te doen als aan de toetredingscriteria wordt vastgehouden. Met die vooronderstelling, namelijk dat het enigszins lukt om de mensen daarvan te overtuigen, is dat debat met succes te voeren in een verkiezingscampagne, daar ben ik zeker van. Er zijn altijd onzekerheden, maar de grootste onzekerheid voor Duitsers en andere Europeanen zou de mislukking van het Europese eenwordingsproject zijn.

Hoe strict moeten de EMU-toelatingscriteria worden gehanteerd als de politieke integratie goed verloopt maar er te weinig landen zijn, of niet de 'goede', die zich voor de EMU kwalificeren? Zeg, Oostenrijk wel, maar Frankrijk niet?

De toetredingscriteria zijn een voorwaarde dat de EMU goed functioneert. Een EMU zonder stabiele munt zou mislukken. Het gevaar dat zij uiteengescheurd wordt zou dan te groot zijn. Als er een conflict tussen het gedachte tijdpad en de overeengekomen toetredingscriteria in zou treden, hebben die criteria voorrang. Anders zouden we de discussie over de EMU in 1998 niet met kans op succes met de bevolking kunnen voeren.

U wacht voor 1998 nog een ander probleem, namelijk dat de FDP dan misschien de Bondsdag niet meer haalt en U uw coalitiepartner kwijtbent. De FDP heeft begin juni op haar congres de burgerlijk-nationale groep rondom de vroegere procureur-generaal Alexander von Stahl uit de lucht geschoten, terwijl er applaus was de links-liberale opvattingen van Sabine Leutheusser-Schnarrenberger, de minister van justitie. Wat vond u daarvan?

Ik vond dat niet erg verstandig om het ronduit te zeggen. Het probleem van het FDP-congres is dat de afgevaardigden te weinig binding hebben met de potentiële FDP-kiezers. De FDP, het liberalisme in Duitsland, kende altijd een nationaal-liberaal element. Als men dat wegsnijdt geloof ik niet dat het liberalisme voldoende toekomstkansen zou hebben. En ik geloof vooral niet dat degenen in de bevolking die in principe wel bereid zijn op de FDP te stemmen aangetrokken worden door de opvattingen die mevrouw Leutheusser op dat congres liet horen. Ik geloof niet dat de mensen er zich vandaag zoveel zorgen over maken dat de staat te sterk zou zijn of worden en daardoor de persoonlijke vrijheid zou beperken. Ik geloof dat de mensen er zich eerder zorgen over maken dat de staat te zwak wordt om de vrijheid nog te verdedigen. Ik vrees dat het FDP-congres in dat opzicht niet de goede signalen gegeven heeft.

U geldt, meer dan de intuïtieve politicus Kohl, als beredeneerd conservatief, u bent al een tijd doende het met de Duitse eenwording natuurlijk weergekeerde nationaal-burgerlijke debat te kanaliseren. Bent u bang dat er alsnog een Duits-nationale beweging gaat ontstaan die - misschien ook wel doordat zij gebruik kan maken van de angst voor het verdwijnen van de D-mark - gevaarlijk kan worden voor Kohls Europese integratiepolitiek?

Men moet voorzichtig zijn. Als het gevoel bij de bevolking zou groeien...dat de staat zijn beschermende functie niet voldoende vervult, kan zoiets weer komen. We hebben dat enigszins gezien in het asieldebat. Ik heb overigens met enige belangstelling gevolgd dat dat debat in uw land net zo verlopen is als hier, zij met enige vertraging. Dat illustreert wellicht dat het hier niet om specifiek Duitse problemen gaat, maar eerder om wetmatigheden in de huidige Westeuropese sociale werkelijkheid. Als men dat bedenkt is het goed voor zoveel mogelijk stabiliteit te zorgen om daarmee een herhaling van vroegere ontwikkelingen te voorkomen.

    • J.M. Bik