Zalm: beurs moet spelregels wijzigen

DEN HAAG, 30 JUNI. Minister Zalm van Financiën geeft de Amsterdamse Effectenbeurs en de Veuo (waarin beursgenoteerde ondernemingen zich hebben verenigd) nog een laatste kans om betere spelregels te ontwerpen over de gang van zaken bij vijandelijke overnames. Daarvoor geeft hij de partijen die in mei een door Zalm bekritiseerd compromis bereikten tot 1 oktober de tijd.

Binnenkort zal Zalm een brief sturen met minimum-eisen waaraan de regeling moet voldoen. De minister kreeg gisteren tijdens het overleg met de vaste commissie voor financiën in de Tweede Kamer brede steun voor zijn kritische opstelling. Regering en Kamer hebben grote problemen met het idee om een 'onafhankelijk' panel te laten beslissen over de vraag of een overname waartegen de directie van een bedrijf oppositie voert door mag gaan.

Het is de vraag of een dergelijke instantie niet indruist tegen de wet of tegen Europese regels. Bovendien vindt Zalm die bekend staat als pleitbezorger van grotere zeggenschap voor beleggers de constructie veel te ingewikkeld. De beurs en de Veuo hebben een hele lijst van criteria vastgesteld op grond waarvan het overnamepanel tot een beslissing moet komen.

Vanuit de Kamer werd gisteren de mogelijkheid geopperd om de Ondernemingskamer van het Amsterdamse gerechtshof de taak te geven over overnames te beslissen, in plaats van een speciaal overnamepanel.

Zalm heeft geen bezwaar tegen de door de beurs en de Veuo voorgestelde afkoelingsperiode van anderhalf jaar voordat een overnemer een beslissing mag verlangen. Ook de minimum-eis dat de overnemer 70 procent van de aandelen in het bedrijf moet bezitten voordat hij kans maakt op de afbraak van beschermingsconstructies en toegelaten wordt in de directieburelen, vindt in de ogen van Zalm genade.

Zalm kondigde gisteren aan dat hij met pensioenfondsen gaat praten over hun ideeën rond het vraagstuk van de beschermingsconstructies. Pensioenfondsen zijn grote beleggers in Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen.