Onderzoek fiscaal verleden minister Wijers afgewezen

DEN HAAG, 30 JUNI. De fracties van PvdA, VVD en D66 in de Tweede Kamer hebben geen behoefte aan een nader onafhankelijk onderzoek naar het fiscaal verleden van minister Wijers (economische zaken).

Dat bleek gisteren tijdens een debat in de Tweede Kamer naar aanleiding van een tv-uitzending van Nova over het belastingdossier van de D66-minister.

“De in het programma Nova aangegeven punten behoren tot de categorie zakelijke verschillen van inzicht, die bij het normale contact tussen belastingdienst en een belastingplichtige kunnen voorkomen”, zei premier Kok in een verklaring.

Net als Wijers woensdagavond al had gedaan, maakte Kok melding van een rapport van de Belastingdienst dat kort na de formatie op verzoek van de minister zelf was opgesteld. De Dienst concludeerde daarin dat er in Wijers' fiscale dossier geen zaken voorkomen die afwijken van het normale verkeer tussen de belastingdienst en de belastingplichtige. Volgens Kok bood de televisie-uitzending ten opzichte van dat rapport geen nieuwe feiten. “De uitzending bracht niets nieuws maar was door zijn presentatie spekkie naar het bekkie”, aldus de premier.

Volgens Kok was een nader onderzoek alleen gerechtvaardigd als uit de televisie-uitzending zou zijn gebleken dat Wijers in het verleden betrokken zou zijn geweest bij “bijvoorbeeld frauduleuze handelingen”. Nu daar geen sprake van is, zou een nader onderzoek slechts “een premie stellen op suggestieve, niets nieuws toevoegende journalistiek”. Kok: “Ik kom tot de conclusie dat er geen feiten zijn die het goed functioneren van minister Wijers als bewindsman in de weg staan.”

Voor de drie regeringsfracties was deze verklaring afdoende, temeer daar PvdA-staatssecretaris Vermeend (financiën) eerder op de dag al had aangekondigd dat er een onderzoek komt naar de vraag hoe gegevens uit Wijers' belastingdossier op straat zijn gekomen.

De oppositionele fracties van CDA, RPF, GPV, SGP, GroenLinks, SP en CD zagen wel aanleiding tot een onafhankelijk onderzoek, met name om elke schijn van verdenking tegen de bewindsman weg te nemen. “Komt de minister van economische zaken dan niet sterker uit de strijd naar voren? Is dat ook niet de grootste afstraffing van suggestieve journalistiek? Heeft het geen sanerende werking?”, vroeg GroenLinks-fractievoorzitter Rosenmöller zich af.

Premier Kok wees deze suggestie resoluut van de hand en vroeg de Kamer “haar vertrouwen uit te spreken en mij te volgen in mijn oordeel, niet omdat ik partij ben, maar juist omdat ik onpartijdig ben en hierover naar eer en geweten mijn oordeel formuleer”. Geen van de fracties diende een motie in om een onderzoek af te dwingen.