Grote steden: fondsen voor economische ontwikkeling te gering

DEN HAAG, 30 JUNI. De gemeenten Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht vinden dat het rijk te weinig geld uittrekt voor de ontwikkeling van de lokale economie.

In een brief aan het kabinet schrijven de wethouders voor economische zaken dat zij “een verdubbeling” van het budget voor ruimtelijke economische beleid “minimaal noodzakelijk” vinden om te kunnen voldoen aan de resultaten die zijn overeengekomen in het convenant over het grote-stedenbeleid, dat binnenkort met rijk moet worden getekend.

Staatssecretaris Kohnstamm (binnenlandse zaken) stelde afgelopen maandag 200 miljoen gulden beschikbaar voor de ontwikkeling van de grootstedelijke economieën. Meer geld voor de steden is er op dit moment niet, aldus Kohnstamm.

Volgens de Amsterdamse wethouder E. Peer betekent dat feitelijk dat het Rijk met slechts honderd miljoen over de brug komt, omdat de andere helft al vaststond. “Een sigaar uit eigen doos dus eigenlijk”, aldus Peer. “Het komt feitelijk neer op een bijdrage van 25 miljoen voor vier jaar per stad, 6,5 miljoen dus per jaar. Dat is veel minder dan wij nodig hebben voor allerlei projecten. Zo wilden wij met het geld bedrijfsterreinen gaan herstructureren en het tweede deel van de Zeedijk opknappen.” Het kabinet heeft volgens de steden geen 'nieuw geld' uitgetrokken voor de stedelijke economie.

In de brief aan het kabinet, gericht aan minister Wijers (economische zaken) doet Peer namens zijn collega's in Rotterdam, Den Haag en Utrecht “een dringend beroep” op Wijers een daadwerkelijke impuls te geven aan de ontwikkeling van de lokale economie.

Het convenant tussen het rijk en de vier grootste steden moet op 14 juli worden ondertekend. Daarin worden onder meer afspraken vastgelegd over de wijze waarop de steden jeugdcriminaliteit, werkloosheid en onderwijsachterstanden in de stadscentra gaan aanpakken.

Staatssecretaris Kohnstamm moet zich de komende maanden ook buigen over een vergelijkbaar convenant met de vijftien overige gemeenten die vorig jaar zijn aangewezen voor het grote-stedenbeleid. De Tweede Kamer nam daarvoor gisteravond een motie aan van het Kamerlid Remkes (VVD). Ook moet het kabinet van de Kamer onderzoeken welke andere gemeenten eventueel in aanmerking komen voor het grote-stedenbeleid.