Een feest met 18.000 goede vrienden; Donald Spoto over Liz Taylors leven tussen mooie dingen

“We leiden een simpel leven,” zei een van de acht echtgenoten van Elizabeth Taylor ooit. “Mijn vrouw schenkt haar eigen champagne en ik maak mijn eigen kaviaar-sandwiches.” Donald Spoto schreef een biografie over de 'star goddess' die even beroemd werd door haar leven als door haar films. “Wat Spoto schrijft over de tijd die Burton en zij samen doorbrachten, biedt stof voor een handboek van twintigste-eeuwse buitensporigheden.”

Donald Spoto: Elizabeth Taylor. Uitg. Little, Brown and Company, 401 blz. Prijs ƒ 53,50.

Michael Todd stond al jaren bekend als een man van het grote gebaar, maar ditmaal wilde hij zichzelf overtreffen. Het feest dat de filmproducent zou geven, moest eens en voor al duidelijk maken dat hij in zijn vak aan de top stond. Plaats van handeling was de Mexicaanse villa van Cantinflas, een van de sterren in zijn filmspektakel Around the World in 80 Days. Dagenlang voerde Todd daar als een veldheer de leiding over de voorbereidingen. Hij huurde een legertje bedienden en zag persoonlijk toe op de aanvoer van voedsel en drank, waaronder 25 kisten champagne plus enorme hoeveelheden kaviaar, kreeft, krab en gerookte kalkoen. Geen detail ontging hem. Nadat het huis was voorzien van 15.000 witte gladiolen, toonde hij zich geschokt over de rood-witte anjers die de tafels sierden. Op zijn aanwijzing werden ze onmiddellijk vervangen: voor een gelegenheid als deze kwamen slechts witte bloemen in aanmerking.

Op de dag zelf, 2 februari 1957, bleek dat het hoogtepunt zich in de open lucht afspeelde. Op een met toortsen verlicht terras trad Mike Todd om 9 uur 's avonds in het huwelijk met Elizabeth Taylor, volgens velen de mooiste vrouw ter wereld. Terwijl het paar elkaar kuste, begonnen twee orkesten te spelen en schoten de eerste bundels vuurpijlen de lucht in. Tegen de ochtend trok de bruid zich uitgeput terug; om haar pols droeg zij een armband vol diamanten, een huwelijkscadeau dat Todd 90.000 dollar had gekost.

Kort daarvoor was Taylor de echtgenote geweest van acteur Michael Wilding en nog korter ervoor de minnares van Kevin McClory, een assistent van Todd. Aan die relatie maakte zijn werkgever een radicaal eind. In de MGM-studio's pakte hij de actrice bij de arm om haar vervolgens een lege kamer in te duwen. Daar kreeg zij te verstaan, vertelde ze later, dat hij een besluit had genomen: “I love you and I'm going to marry you, and from now on you'll know nobody but me.” Hoewel Taylor zich naar haar zeggen voelde als een muis in gezelschap van een cobra, vond ze Mike Todd onweerstaanbaar. Zij zocht een dominerende partner, legde ze uit: een wat oudere man die, overeenkomstig de regels van de elementaire psychologie, een substituut kon zijn voor de vader die zich indertijd niet om haar bekommerde.

In dit opzicht voldeed Todd volkomen. Hij speelde een leidende, soms tirannieke rol, maar tegelijkertijd verwende hij Elizabeth als een kind. Er ging geen dag voorbij zonder dat ze een cadeau kreeg. De ene keer was het een bos bloemen of een bontjas, een andere keer een sieraad, een auto of een jacht. Eenmaal achtte hij het nodig zijn eigen grenzen te verleggen. Ter bespoediging van haar herstel na een operatie kocht hij zowel een gouden ketting als vier schilderijen van Utrillo, Cézanne, Monet en Cassatt (gezamenlijke waarde 315.000 dollar). “Ik ben graag omringd door mooie dingen,” erkende Liz tegenover derden.

Rolls Royce

In Donald Spoto's goed gedocumenteerde biografie Elizabeth Taylor, de nieuwste uitgave in zijn reeks boeken over bekende kunstenaars en sterren, maakt Spoto duidelijk dat de jaren met Todd Elizabeth Taylor vormden. Zij conformeerde zich volledig aan zijn levensstijl, die was verankerd in het idee dat wensen er zijn om te worden bevredigd. “Het zou leuk zijn als iedereen een Rolls Royce had,” zei ze in alle ernst tegen een journalist. “We leiden een simpel leven,” stelde Todd in diezelfde periode. “Mijn vrouw schenkt haar eigen champagne en ik maak mijn eigen kaviaar-sandwiches.” Zo vormden ze samen, zolang het duurde, het boegbeeld van de toen nog jonge consumenten-cultuur. Een karikaturale uitwas daarvan, zelfs naar hun eigen normen, was een festijn in Madison Square Garden te New York, waar 18.000 'goede vrienden' vierden dat Around the World een jaar geleden in roulatie was gegaan. Aan de ene kant van de ruimte stond een Oscar van twaalf meter en aan de andere kant een 4,5 meter hoge taart die Elizabeth, glinsterend van de diamanten, robijnen en parelsnoeren, staande op een ladder moest aansnijden. Daarna verschenen er vijftig jeeps met helpers die de aanwezigen voorzagen van frankfurters, pizza's en donuts. Het resultaat hield het midden tussen een straatrel en, aldus Spoto, een Romeinse orgie.

Zijn feesten gaven aan dat Mike Todd brutaliteit paarde aan een vorm van gecultiveerde platheid. Volgens Taylors vriendin Debbie Reynolds leidde dat tot pijnlijke momenten. Tijdens etentjes, herinnert zij zich, kwam het soms voor dat Todd naar zijn vrouw keek en zei: “I'd like to fuck you as soon as we finish this.” Liz vond zo'n opmerking prachtig: ze kwam er graag voor uit dat ze net als Todd van nature vulgair was. Om deze reden zag het paar er geen been in om in het openbaar te ruziën. Befaamd is het incident op een vliegveld waar zij zich, woedend over een gemiste vlucht, uitleefden in wederzijdse verwensingen. In eigen kring bleef het daar niet bij. Debbie Reynolds zag eens hoe ze elkaar mepten, schopten en aan de haren over de grond trokken om het daarna, zoals steeds, gepassioneerd goed te maken. Zo'n happy end was niet mogelijk zonder het voorspel en aan de combinatie daarvan gaven beiden zich graag over.

Hun ongewone relatie, een prelude voor wat later in Taylors leven zou volgen, bevestigde haar idee dat zij niet was voorbestemd binnen de gebaande paden te blijven. Zo wierp zij zich op als een goodwill-ambassadeur die begin 1958, tot ontsteltenis van de regering, naar Moskou trok om de verhouding met de Russen te verbeteren. Inderdaad kwam het tot een ontmoeting met Chroesjtsjov bij wie zij, achteraf gezien niet verwonderlijk, een gevoel voor humor ontdekte. Daarna volgde een missie naar Joegoslavië, maar slecht weer en slecht voedsel maakten het nodig uit te wijken naar de Rivièra.

Begrafenis

Even later, 414 dagen na haar bruiloft, maakte het noodlot een eind aan deze periode. Op 21 maart kwam Mike Todd om het leven toen zijn privé-vliegtuig, vernoemd naar zijn vrouw, boven New Mexico neestortte. Nadat Elizabeth Taylor was ingelicht, huilde zij zo hard dat het buiten was te horen, berichtte columniste Sheilah Graham later. SHE THROWS HERSELF ONTO COFFIN meldde een krant zelfs na de begrafenis, maar zover kwam het niet. Integendeel - ze hield het hoofd koel en zette al gauw haar werk voort aan Cat on a Hot Tin Roof, een film naar Tennessee Williams' toneelstuk waarin zij een van haar beste rollen speelde. Hoewel ze uitgeput leek, wilde ze voldoen aan haar verplichtingen. Tenslotte was ze in de periode met Todd van een bekend actrice getransformeerd tot een internationale beroemdheid, zelfs tot meer dan dat. In Who's Afraid of Elizabeth Taylor?, een oudere biografie, stelt Brenda Maddox dat Taylor was geëvolueerd tot een 'star goddess', een archetype dat het publiek in de ban hield. Het duurde niet lang voordat dit beeld werd vervangen door dat van de 'fatal beauty', de laatste femme fatale van de film.

Elizabeth Taylor werd in 1932 geboren in Londen. Haar vader was een kunsthandelaar, haar moeder Sara (evenals haar man afkomstig uit Kansas) had een tijd lang geacteerd. Kort voor de oorlog verhuisde het gezin naar Los Angeles, waar Sara Taylor alles op alles zette om haar kinderen voor de camera te krijgen. Met haar zoon Howard, een uitzonderlijk mooie jongen, lukte dat niet: Donald Spoto vermeldt dat hij op zijn auditie verscheen met een kaal geschoren hoofd. Meer succes had ze met haar dochter, een zo mogelijk nog mooier kind dan haar broer. Na een mislukt jaar bij Universal kwam 'Little Miss Gorgeous' op elfjarige leeftijd onder contract bij MGM. Hiermee was haar jeugd, zoals ze zelf constateerde, ten einde. Er stond tegenover dat ze optrad in een serie films, variërend van National Velvet in 1944 tot, zeven jaar later, een volwassen rol in A Place in the Sun van George Stevens.

Het verschil tussen het leven in de studio's en dat daarbuiten bleef voor haar al die tijd vaag. Nadat ze als Miss Junior America had mogen paraderen met een tiara van 22.000 dollar, vroeg zij of het sieraad nu haar eigendom was. Ook uit andere incidenten sprak een naïveteit die Taylor parten speelde in haar liefdesleven. Als een onervaren teenager trouwde ze in 1950 met Nick Hilton, een playboy met wie zij een voorkeur gemeen had voor sweaters, hamburgers en de zanger Ezio Pinza. Niettemin was het huwelijk, mede door Hiltons drank- en gokzucht, binnen een jaar gestrand. Na een gastoptreden van regisseur Stanley Donen werd Hiltons plaats ingenomen door Michael Wilding, een 39-jarige Brit die haar nog bescheiden collectie juwelen aanvulde met een ring voorzien van saffier en diamant. Ondanks de geboorte van twee zonen, werd ook dit huwelijk een mislukking. Deze keer was het struikelblok Wildings gebrek aan passie, een manco dat Michael Todd kort daarop ruimschoots wist te compenseren.

Ontredderd

Na Todds voortijdige dood bleef de weduwe, inmiddels moeder van een derde kind, ontredderd achter. Troost vond ze bij zanger Eddie Fisher, Todds vriend en navolger. Ook ditmaal werd al snel aangestuurd op een huwelijk, maar haar hang naar conventie oogstte geen waardering: de actrice kreeg zakken vol 'hate mail' van mensen die het opnamen voor Fishers vrouw Debbie Reynolds. En daarbij bleef het niet. Spoto schrijft dat Elizabeth Taylor op morele gronden in 1959 geen Oscar kreeg voor Cat on a Hot Tin Roof (twee jaar later werd deze onderscheiding haar alsnog toegekend voor Butterfield 8, een film die zij zelf een van haar minste vindt).

Alle negatieve publiciteit kon haar positie als Amerika's topster niet ondermijnen. Om die reden kreeg zij in 1961 de hoofdrol in Cleopatra, een gedoemde produktie waarin 20th Century Fox met maniakaal masochisme absurde bedragen pompte. Taylor vroeg 'voor de grap', zoals ze later zei, een salaris van een miljoen dollar, een bedrag waarmee ze president Kennedy ver achter zich liet; niemand kon toen nog bevroeden dat ze vanwege vertragingen in werkelijkheid meer dan het zevenvoudige zou verdienen.

Een bron van problemen vormde Liz Taylor zelf. Al meteen nadat de opnamen in Londen waren begonnen, was ze zo ernstig ziek dat haar leven in gevaar leek. Pas een half jaar later werd de produktie voortgezet in Rome, maar ook daar ging het moeizaam. Regisseur Joseph L. Mankiewicz moest peppillen slikken om 's nachts, na afloop van zijn dagtaak, verder te kunnen werken aan het onvoltooide scenario. Zijn situatie werd nog moeilijker doordat de liefdesscènes van Marcus Antonius (Richard Burton) en Cleopatra (Taylor) een vervolg kregen als de camera's waren uitgeschakeld. Dit vormde het begin van een uitputtend beschreven romance, waarop Donald Spoto (evenals Brenda Maddox indertijd) toch een verhelderend licht werpt. In hun visie werd Burton niet alleen gedreven door liefde, maar ook door de gedachte dat een relatie met de superster zijn faam en status zou verhogen. Dit bleek ook zo te zijn: nadat hij eenmaal met haar de nacht had doorgebracht, was zijn waarde volgens Maddox met vier miljoen dollar gestegen. Taylor had andere drijfveren. Zij viel voor Richard Burtons agressieve en extravagante inslag, kwaliteiten die ze ook al in Mike Todd had gewaardeerd. Daarbij was ze onder de indruk van zijn ontwikkeling, waarbij zij naar haar idee ver achterbleef. Burton dacht daar hetzelfde over. “Poor Elizabeth,” zei hij tegen vrienden, “she was educated at MGM.”

Dumb tart

Bij een dergelijke verhouding pasten geen geijkte troetelwoorden. Burton noemde Taylor lumpy of fatty, zij hem pockmark en in een latere fase fuckface. Deze liefdesbetuigingen ontaardden snel in uitvallen als 'You shit-faced bastard' (dan wel 'dumb tart'): meestal het sein voor hevige explosies van woede die, naar zij zelf zeiden, de muren deden schudden. Ze vormden een bron van inspiratie voor hun optreden in Who's Afraid of Virgina Woolf?, een film die Elizabth Taylor een tweede Oscar opleverde plus de zekerheid dat ze inderdaad kon acteren.

Wat Spoto schrijft over de tijd die zij samen doorbrachten, biedt stof voor een handboek van twintigste-eeuwse buitensporigheden. De 88 miljoen dollar die het paar in de jaren zestig verdiende, werd grotendeels gespendeerd aan huizen, hotels, juwelen (waaronder de Krupp-ring en de Taj Mahal-diamant) en onvoorstelbare hoeveelheden drank en delicatessen. Liz Taylor nam daarnaast nog grote aantallen pillen tot zich. Ze werden haar voorgeschreven door bereidwillige artsen, maar het effect was nihil: het aantal keren dat zij in allerijl naar het ziekenhuis moest, grenst aan het ongelooflijke. Al dit onverzettelijk zwelgen en lijden, samengevat in enkele hoofdstukken, verleent de Burtons een zekere heroïek. Aangrijpend is vooral het verslag van hun poging om twee jaar na hun scheiding tot een verzoening te komen. In 1975 werden ze in een Afrikaans wildpark, ten overstaan van twee nijlpaarden en een luipaard, opnieuw in de echt verbonden. 'Sturm has remarried Drang' schreef een Amerikaanse krant, maar tien maanden later waren ze opnieuw uiteen.

Donald Spoto's biografie, een voorbeeld van superieure journalistiek, eindigt met een tragi-komisch naspel. Een bijrol is hierin toebedeeld aan de ex-Nederlander Henry Wynberg, een handelaar in tweedehands auto's met wie Taylor enige tijd optrok. Daarna volgen nog de ijdele senator John Warner (echtgenoot nr. 7) en Larry Fortensky, een bouwvakker die zij had ontmoet in een ontwenningskliniek (echtgenoot nr. 8). Meer indruk dan deze relaties maken de activiteiten die ze nu al tien jaar ontplooit ten bate van het onderzoek naar AIDS. Deze finale bewijst haar soepelheid van geest: zij mag dan, zoals haar latere films aantonen, langzamerhand een anachronisme zijn, buiten de studio's is Elizabeth Taylor nog steeds een kind van deze tijd.