Justitie en Orco Bank praten over schikking van 3,5 ton

ROTTERDAM, 29 JUNI. Justitie en Orco Bank bespreken een minnelijke schikking over de beschuldiging dat de bank in 1993 op de beurs heeft gehandeld met voorkennis. De schikking is op een haar na gevild en volgens betrouwbare bronnen betaalt Orco het Openbaar Ministerie een bedrag van omstreeks 350.000 gulden om de zaak buiten de rechtszaal te houden.

Directeur C. Broere van de op de Nederlandse Antillen gevestigde Orco Bank erkent dat de besprekingen gaande zijn, maar wil niet ingaan op het stadium waarin de onderhandelingen zich bevinden. Het Openbaar Ministerie in Amsterdam wil geen commentaar geven. Volgens ingewijden is het bedrag gebaseerd op het behaalde voordeel. Een rechter kan een privé-persoon vanwege handel met voorkennis twee jaar gevangenisstraf en een boete van een ton opleggen.

Advocaat mr. R.A. Fibbe die samen met zijn collega mr. C.P. Bannier Orco bijstaat, laat in het midden of er met de schikking bewust gewacht is op de uitspraak van de Hoge Raad in de voorkenniszaak van oud-Begemann-topman Joep van den Nieuwenhuyzen. “Ik heb mij gerealiseerd dat de Hoge Raad nog uitspraak moest doen, ” aldus Fibbe. “Bij een schikking wordt het tempo door twee partijen bepaald.” Dinsdag vernietigde het hoogste rechtscollege de veroordeling van Van den Nieuwenhuyzen vanwege de verkoop van 4,1 miljoen aandelen HCS in 1991.

De Orco-zaak stamt uit 1993. Toen kocht de bank eigen aandelen op de beurs, vlak voordat er een gunstig bericht over de halfjaarresultaten werd gepubliceerd. Broere heeft altijd ontkend dat er daarbij sprake was van misbruik van voorkennis. De aandelen werden gekocht om de koers te ondersteunen, een activiteit waarvan Orco zelf gewag maakte in haar jaarverslagen en ook aan aandeelhouders werd meegedeeld.

Fibbe vindt het jammer dat de Hoge Raad in de HCS-affaire geen uitspraak heeft gedaan over de strafbaarheid van zaken die in de effectenhandel gebruikelijk zijn. De adviseur van de Hoge Raad, mr. J. Fokkens, suggereerde in zijn advies aan de Hoge Raad dat de wetsgeschiedenis uitwijst algemeen erkende gebruiken in de effectenhandel (zoals het ondersteunen van de koers) niet tot misbruik van voorwetenschap kunnen leiden.

Voor de Orco-zaak is ook de bepaling van de Hoge Raad over een geheimhoudingsplicht van belang, zo zegt Fibbe. De rechtbank in Amsterdam stelde in april vorig jaar bij de HCS-zaak dat er alleen van misbruik van voorwetenschap sprake kan zijn als er met betrekking tot de koersgevoelige informatie geheimhouding is afgesproken. De Hoge Raad heeft die visie niet overgenomen maar onderschreef op dit enkele punt het vonnis van het Amsterdamse gerechtshof, dat zich later over de zaak boog. Er hoeft geen geheimhoudingsplicht te zijn opgelegd, zo vindt de Hoge Raad.

De op handen zijnde schikking met justitie moet ook worden gezien tegen de achtergrond van de verkoop van Orco aan ABN Amro. Die transacties is ingefluisterd door de centrale bank van de Nederlandse Antillen omdat Orco Bank vrijwel onbestuurbaar is geworden. Er is een machtstrijd gaande tussen beide oprichters, Broere en president-commissaris W. Guis. ABN Amro doet een bod op Orco en zal de activiteiten in delen doorverkopen. Het zou voor ABN Amro lastig geweest zijn een overname te doen op een onderneming die is verwikkeld in een slepende juridische procedure met een onzekere (financiële) afloop. Overigens ontkent ABN Amro dat ze een schikking met justitie als voorwaarde voor de transactie heeft gesteld.

Een schikking met Orco betekent het eerste succes voor officier van justitie mr. J. Wortel die sinds november beursfraudes onder zijn hoede heeft en in maart een onderzoek startte naar mogelijke beurshandel met voorkennis door bestuurders van het Haagse handelshuis Borsumij Wehry. Het Openbaar Ministerie ligt de laatste maanden onder vuur ondermeer omdat Wortel in een interview verklaarde dat de capaciteit ontbrak om nog meer aangiftes van misbruik van voorwetenschap te behandelen. Minister Zalm van financiën moest zich twee weken geleden nog in de Tweede Kamer vanwege die uitspraken verantwoorden.