Jaar cel geëist tegen motorrijder

MIDDELBURG, 29 JUNI. “Een wegpiraat in optima forma”. Officier van justitie M. van Nooijen van de rechtbank in Middelburg had er vanmorgen weinig woorden voor nodig om een 34-jarige inwoner van Middelburg tijdens de zitting te kwalificeren. De man reed op 30 april 1994 met zijn motor het zevenjarig meisje Laura Oomens uit Vlissingen dood. De officier eiste een jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf, vijf jaar ontzegging van de rijbevoegdheid en verbeurdverklaring van de motor.

Het meisje fietste naast haar moeder op een fietspad langs een weg waar maximaal 50 kilometer per uur mag worden gereden. De motorrijder had een snelheid van ongeveer 150 kilometer. Hij verloor op de bochtige weg de macht over het stuur, en raakte van de weg. Zijn zware motor sleurde het meisje mee. Het kind was vrijwel onmiddellijk dood. De motorrijder bleek in zijn omgeving bekend te staan als snelheidsduivel. In 1989 werd hem al tijdelijk zijn rijbewijs afgenomen wegens rijden onder invloed. In 1989 en 1992 bleek hij bekeuringen te hebben gehad wegens forse snelheidsovertredingen.

Hardrijden, zo verklaarde de man tijdens de zitting, bezorgt hem een 'prettig gevoel'. “Bovendien leende mijn motor zich er voor”. Wat zich op die dag precies afspeelde, kon hij zich niet meer herinneren. Hij kende de weg, wist dat er bochten in zaten, en snapt niet wat er mis ging.

Hij zegt berouw te hebben. Tijdens de zitting bood hij zijn excuses aan aan de ouders van het meisje die ook aanwezig waren. “Ik wou dat ik het goed kon maken. Maar dat gaat niet. Volgens een rapport van de reclassering rijdt de man sinds het ongeluk geen motor meer. Hij zit nog wel achter het stuur van een auto, maar zou dan vaak bang zijn. De ouders van het meisje probeerden de man doodslag ten laste te leggen. Immers, door zo hard te rijden, redeneerden zij, nam hij bewust het risico van een fataal ongeluk. Officier van justitie Van Nooijen gaf aan dat vervolging wegens doodslag niet mogelijk is. Zij hield het op 'roekeloos rijden', een van de ernstigste vormen van grove schuld, beschreven in de Wegenverkeerswet. Als de straf in beleving van mensen te licht wordt geacht, vindt de officier, is het een zaak van de wetgever om daar iets aan te doen.