'Bij uitzetting worden we soms gebeten'

ROTTERDAM, 29 JUNI. De uitgeprocedeerde asielzoeker ontstak in woede toen militairen hem beetpakten om hem op het vliegtuig naar zijn geboorteland Ghana te zetten. Hij zat dan weliswaar niet comfortabel, hier in het gevangeniscomplex Nieuwersluis, maar alles was beter dan een enkele reis naar huis. In zijn drift beet hij een 35-jarige sergeant-eerste-klas in zijn pink. De asielzoeker verdween in het vliegtuig, de sergeant naar het academisch ziekenhuis in Utrecht.

Na enige tijd voelde de militair zijn vingers aan de rechterhand niet meer, daarna viel het gevoel weg uit zijn hele rechterarm. Een half jaar later functioneert ook zijn rechterbeen niet meer en zit de sergeant-eerste-klas in een rolstoel: posttraumatische distrofie.

In Nieuwersluis verblijven enkele tientallen criminele illegalen en uitgeprocedeerde asielzoekers in afwachting van de vlucht die hen Nederland uit moet brengen. De sfeer is gespannen, het regime relatief hard. Hier wonen mensen die niets meer te verliezen hebben. In Nieuwersluis praat de landmacht liever niet over de collega in rolstoel. Maar op Schiphol, waar de marechaussee wekelijks kampt met vreemdelingen die Nederland moeten verlaten, wordt het verhaal met schrik doorverteld. “Natuurlijk hebben we ervan gehoord en hopen we niet dat het iemand overkomt”, zegt een marechaussee. Volgens het ministerie van justitie moesten vorig jaar in totaal 31.185 vreemdelingen het land verlaten. Een deel van hen werd onder begeleiding uitgezet. Hoeveel daarbij verzet pleegden, is onbekend.

Deskundigen ontkrachten de wilde geruchten dat de Ghanees een virus bij zich zou dragen. Er is volgens prof.dr. R.J.A. Goris van het Nijmeegse academisch ziekenhuis Radboud geen causaal verband tussen de afkomst van degene die bijt en de ontsteking. Iedere willekeurige beet van een mens kan leiden tot posttraumatische distrofie. De ziekte kan ook ontstaan na een operatie, of zelfs nadat iemand simpelweg zijn elleboog flink heeft gestoten, zo zegt Goris. “De infectie die daardoor ontstaat, zorgt dan voor een ontsteking in een ruimer gebied.”

De oorzaak van posttraumatische distrofie is niet duidelijk, evenmin als het feit dat problemen ontstaan in ledematen waar de eerste infectie zich niet heeft voorgedaan. Zodat de sergeant-eerste-klasse een 'speciaal geval' is. Meestal beperken de verlammingsverschijnselen zich tot het gebeten lichaamsdeel. De geneeskundige commissie heeft zich deze week over de zaak gebogen en de sergeant een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid gegeven. Volgens de commissie is aangetoond dat er een verband bestaat tussen de uitoefening van zijn beroep en de posttraumatische distrofie.

De gevolgen van de beet zijn dan uitzonderlijk, de beet zelf is dat volgens de marechaussee op Schiphol minder. “Bij uitzettingen worden we soms gebeten”, reageert woordvoerder A. van Pelt laconiek. “Dat hoort bij het werk.” De geneeskundige dienst, die 24 uur per dag aanwezig is op Schiphol, behandelt een mensenbeet direct. De dienst houdt zich aan het 'protocol bijt en prikincidenten', waarin staat wat er moet gebeuren als een marechaussee zich bij een fouillering bijvoorbeeld aan een naald prikt of wordt gebeten. “Bij een beet is wassen met water en zeep en daarna jodium erop vaak voldoende”, stelt stafarts W. Frankenmolen van de marechaussee.

Hij wijst erop dat het besmettingsgevaar met bijvoorbeeld het HIV-virus dat aids veroorzaakt, uitermate klein is. “Het HIV-virus wordt alleen overgedragen bij direct bloed/bloed-contact. En dat vindt in de mond nauwelijks plaats. Bovendien leeft het HIV-virus niet lang in de mond.” Besmetting met hepatitus-B is daarentegen makkelijker op te lopen - een zakdoek met opgedroogd bloed kan de bacteriën met zich mee dragen. De meeste marechaussees zijn echter ingeënt of krijgen, als vaccinatie ontbreekt, binnen 24 uur na de beet een anti-virus toegediend.

Beten komen dan niet erg vaak voor, van trekken en duwen is bijna altijd wel sprake. Stafarts Frankenmolen kan dat wel begrijpen. “Die mensen zijn zo vertwijfeld, dat ze zich vaak op deze manier verzetten.” De marechaussees raken er volgens Frankenmolen niet van ondersteboven. “Duwen, trekken, schoppen en slaan zijn zaken die binnen het verwachtingspatroon van het werk vallen.” Veel meer moeite hebben de marechaussees met vreemdelingen die hen in het gezicht spugen. “Dat ervaren ze als een grove belediging. Helaas komt spugen regelmatig voor.”