Vrijstelling premies bij seizoensbaan werklozen

DEN HAAG, 28 JUNI. Uitkeringsgerechtigden die tijdelijk werk verrichten, kunnen voor maximaal vier weken per jaar vrijstelling krijgen van de premieplicht voor de werknemersverzekering. De vrijstelling geldt ook voor de werkgever.

Dat blijkt uit een wetsvoorstel dat staatssecretaris Linschoten (Sociale Zaken) gisteren naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De wettelijke regeling moet een oplossing bieden voor 'piekperioden' in de agrarische sector.

Voor uitkeringsgerechtigden geldt als voorwaarde voor de premievrijstelling dat zij als werkzoekend staan ingeschreven bij het arbeidsbureau. Bij vrijstelling blijven zij verzekerd voor de werknemersverzekeringen. De bedrijsvereniging in de landbouwsector wijst de groepen aan die in aanmerking kunnen komen voor teruggave van betaalde premies voor de werknemersverzekeringen. De terugave van naar schatting 50 tot 75 miljoen gulden wordt uiteindelijk gefinancierd uit een opslag op de wachtgeldpremie.

De vrijstelling en de teruggave van premies hebben volgens Social Zaken een positief effect op zowel het netto-loon van werknemers als op de loonkosten van de werkgevers.

Het Tica (Tijdelijk instituut voor coördinatie en afstemming) presenteerde eerder deze week een oplossing voor de kosten van de zogenoemde marginale arbeid, het inhuren van tijdelijkse seizoenwerkers door werkgevers.

Tica stelt voor dat werkgevers die seizoenarbeiders inschakelen een korting krijgen op de loonbelasting. Deze aparte regeling compenseert de sociale premies die worden afgedragen voor seizoenwerknemers. Met de compensatie wordt beoogd dat werkgevers eerder verzekerde arbeidskrachten zullen inhuren dan goedkopere, niet-verzekerde werknemers. Ook wordt volgens het Tica verdringing van reguliere arbeid voorkomen.