Au pairs en padvinders

De Belastingdienst heeft als motto gekozen: 'Leuker kunnen we het niet maken, wel gemakkelijker'. Op een enkel terrein geldt het omgekeerde. De loonbelasting levert navrante voorbeelden. Alleen werkgevers hebben met die ingewikkelde heffing te maken. Maar men kan onverwacht tot werkgever gebombardeerd worden. Bijvoorbeeld als gastgezin dat een au pair in huis heeft genomen. De fiscus is de laatste tijd een aantal keren naar de rechter gestapt om daar te verdedigen dat een gastgezin als werkgever aangemerkt moet worden. Daarin hebben de belastingrechters de inspecteur gelijk gegeven, zij het dat ze hun uitspraken niet openbaar maakten. Alleen de fiscus en het betrokken gastgezin kenden de rechterlijke opvatting. Toch is er één zo'n uitspraak via een omweg in de Staatscourant terecht gekomen. Nieuwkomers in de Tweede Kamerfracties van D66 en CDA beten zich vervolgens in de zaak vast. Staatssecretaris Vermeend (Financiën) werd bestookt met vragen: waarom kon hij voor dit soort gevallen geen uitzondering maken? Vermeend reageerde evenwel afwijzend en in zijn antwoorden klinkt de verbazing door over de drukte die om dit mini-probleem wordt gemaakt.

Inderdaad treft de hardere opstelling van de fiscus hooguit een paar honderd mensen; vooral degenen die proberen hun au pair als fiscale aftrekpost (kinderopvang) op te voeren. Toch leggen de Kamerleden trefzeker de vinger op een zere plek en is het terecht dat ze Vermeend morgen in de Kamer aan de tand voelen over zijn weigerachtige houding.

In 1985 en 1990 regelden de toenmalige bewindslieden Koning en Van Amelsvoort wel degelijk zo'n belastingvrijstelling voor de met au pairs vergelijkbare vrijwilligers van de Duitse 'Aktion Sühnezeichen Friedesdiensten'. Wat is er in vijf jaar veranderd? Financiën lijkt minder dan toen op te kunnen boksen tegen de sociale zekerheidssector. Die vindt het prachtig dat nu vaststaat dat voor de meeste au pairs sociale zekerheidspremies betaald moeten worden; hoezeer dat ook kan uitwerken als een bom onder het au pair-systeem. Voor de au pairgezinnen is er nog een steen des aanstoots. De vreemdelingendienst heeft hen indertijd indringend duidelijk gemaakte dat de au pair in Nederland niet als werknemer geldt. Ze kreeg dan ook slechts een verblijfsvergunning en geen werkvergunning. Bovendien moest elk gastgezin zelf een ziektekostenverzekering regelen. Maar de Belastingdienst trekt zich niets aan van wat een andere overheidsinstantie zegt. De fiscus houdt vast aan het recht op belastingheffing en aan de mogelijkheid om daarbij maximaal vijf jaar terug te gaan. Ambtelijk gezien is dat volstrekt reglementair, maar mag van de politiek een bredere blik worden verwacht?

Vermeend wordt niet alleen door techneuterij beperkt in zijn mogelijkheden om een handzame oplossing te bieden. Hij heeft ook te maken met het zogenaamde gelijkheidsbeginsel dat de laatste vijf jaar in de fiscale rechtspraak veel aan kracht heeft gewonnen. De overheid mag de ene burger niet weigeren wat zij de ander toestaat: gelijke monniken, gelijke kappen. Als een belastingvrijstelling zou gelden voor een Filippijnse au pair, waarom dan niet ook voor een huishoudelijke hulp uit Ooststellingwerf? Dit beginsel slaat ruim zijn vleugels uit. Dat ondervond een feesttenthouder die tijdens een festival telkens wisselende padvinders had ingeschakeld om glazen op te halen. In ruil daarvoor deed hij een paar duizend gulden in de pot voor een nieuw clubhuis. Vier jaar na dato kwalificeerde de fiscus de man als werkgever van tientallen padvinders. De naheffingsaanslag is overigens onlangs vernietigd door de Amsterdamse belastingrechter Dutmer.

De inspecteur zal zich geïnspireerd hebben gevoeld door het gelijkheidsbeginsel. Waarom padvinders fiscaal vrij laten en werkstudenten wel belasten? Langs dit soort wegen bereikt het fiscale streven naar gelijkheid een ridicuul niveau. Zo wordt belastingheffing wel potsierlijk, maar zeker niet gemakkelijker. De fiscus laat het gelijkheidsbeginsel doorwerken tot in de kleinste nerven van de maatschappij. Maar dit nuttige beginsel komt veel bevredigender tot zijn recht als de overheid tijdelijke en huishoudelijke hulpkrachten compleet buiten schot zou laten. Ingehouden loonbelasting moet nu toch al vaak worden terugbetaald en de bescherming van de sociale zekerheid wordt door de betrokkenen doorgaans niet gewenst. Degene die een au pair als tijdelijk gezinslid in huis wil nemen, wordt dan niet afgeschrikt door de enorme rompslomp van het werkgeverschap.

Wie padvinders een klusje laat doen om zo hun clubhuis te sponsoren, wordt niet vier jaar later als nalatige werkgever aangeslagen. De ridiculiserende werking van het gelijkheidsbeginsel vraagt beslist politieke aandacht. Zelfs veel meer dan een achterhoededebatje op de laatste dag voor het zomerreces.

    • Aertjan Grotenhuis