Krakers verbouwen decor 'kraakfilm' in Amsterdam

AMSTERDAM, 26 JUNI. Zelfs de filmmakers moeten toegeven dat de set er 's middags levensechter uitziet. 's Ochtends lagen nog her en der kwakjes roze en wit, yoghurtachtig, waar je met een heleboel fantasie verf in zou kunnen zien. Een stapeltje planken en een tv, dat was de barricade. Drie ME-bussen stonden te soezen in de zon. De straat was ongeschonden, op het asfalt lagen brokken turfmolm - dat waren de stenen.

Voor een van de sleutelscènes in de verfilming van de roman De advocaat van de hanen van A.F.Th. van der Heijden was in Amsterdam-Oost gisteren de Ruyschstraat afgezet. Onder het dronken oog van advocaat Ernst Quispel (gespeeld door Pierre Bokma) haalt de politie een kraakpand leeg en arresteert de bewoners. Een van hen krijgt een klap op zijn hoofd en zal later in de film overlijden in een politiecel. De roerige kraaktijden herleefden even, zoals dat heet.

Inderdaad. Tijdens de lunchpauze van cast en crew dringt een groep van dertig, veertig actievoerders met op een bakfiets twee enorme geluidsboxen, door de dranghekken en slaan radicaal aan het setdressen. Op de snijdende gangsta-rapklanken van Ice-T: 'The tension mounts. On with the Body Count' bezetten ze het decor, het 'kraakpand' en gooien echte verfbommen naar beneden. Twee vrouwen beklimmen het dak van een ME-bus en slopen het luik er af. Anderen steken de brand in de plankenbarricade en rollen hun eigen spandoeken uit: 'Kraker crepeert. Smeris acteert. Strijd onteerd.'

Het zint de actievoerders niet dat de plot van de film veel weg heeft van een echt gebeurd drama, tien jaar geleden. Na de ontruiming van een pand in het hart van de kraakwereld, de Staatsliedenbuurt, werd een van de krakers, Hans Kok, in een politiecel opgesloten. Zonder matras, zonder dekens en zonder medische zorg. De volgende dag, 25 oktober 1985, was hij dood. De verfilming en de roman van Van der Heijden vatten de actievoerders op als een ontering van de nagedachtenis aan Hans Kok.

Pag. 3: 'Handen af van Hans Kok'

Het is niet voor het eerst dat de kraakbeweging een actie 'Handen af van Hans Kok' op touw zet. In 1986 wilde de VPRO een film maken over de zaak. Scenarioschrijver Harry Hosman en regisseur Pieter Verhoeff hadden gesprekken gevoerd met de rijksrecherche, de advocaat van de familie, activisten uit de kraakwereld, burgemeester Van Thijn en anderen. Plotseling zegden de betrokkenen uit de kraakwereld hun medewerking op, herinnert Hosman zich. “Ze wilden opeens zelf een film maken. Vanaf dat moment kon ik niet meer met de advocaat spreken en ook de vertrouwensarts hield de boot af. Ze vonden het maar niks dat de burgerlijke VPRO die film wilde maken. En helemaal niet toen er sprake was van een rijksrechercheur als hoofdpersoon.”

Eenzelfde bezwaar hadden de actievoerders van gisteren. Dat de produktiemaatschappij Sigma productions politie-agenten had gehuurd om te figureren - als ME'ers èn als krakers - was voor hen het bewijs dat de film niet kan deugen. Produktieleider Kees Groenewegen legde later uit dat politie-agenten ideale figuranten zijn voor actiescènes als deze. “Ze weten wat ze moeten doen en ze zijn gedisciplineerd.”

Wil van der Schalk van ME-peloton Zuid-Holland-Zuid heeft zijn eigen uniform meegenomen. In de ochtend, als er voornamelijk geluidsloze gevechten plaatshebben (het gaat om de dialoog van de hoofdrolspelers), herkent hij niet veel van vroeger. In de jaren tachtig is hij meer dan eens naar Amsterdam gedirigeerd met zijn peloton. De inhuldiging van Beatrix heeft hij meegemaakt, 30 april 1980. “Toen ging het heel erg fout.” Hij komt er nog wel eens een tegen, die toen stenen naar hem moet hebben gegooid. Die is nu dokter in het Merwedeziekenhuis in Dordrecht. Dan groeten ze elkaar met een blik van weet-je-nog.

Sigma had in het vakbondsblad voor de politie een advertentie gezet voor figuranten. De Amsterdamse hoofdcommissaris Nordholt had zijn agenten afgeraden mee te doen. Voor de Amsterdamse politie is elke verwijzing naar Hans Kok zout in een pijnlijke wonde. Maar uit de rest van het land en van de politie-opleiding waren mensen toegestroomd. En zo stond gisteren tussen een en drie uur een heuse politiemacht, deels in ME-uniform, deels met hanekam en palestijnenshawl, op straat toe te kijken hoe de actievoerders hun decor bezetten. Eindelijk leek het wel echt, zou de aanwezige schrijver Van der Heijden later zeggen.

Ingrijpen kunnen de agenten niet, ze zijn allemaal huurlingen van de producent. Namens de crew onderhandelt Groenewegen met de actievoerders. Behalve dat ze het onsmakelijk vinden dat “een lijk wordt gebruikt om geld te verdienen”, vragen ze aandacht voor de strijd van de kraakbeweging.

Eerst eisen ze dat “met de film een standpunt wordt ingenomen tegen het politie-optreden ten aanzien van krakers, zowel in de tijd waarin de film speelt als in het heden”. Later nemen ze genoegen met de toezegging van filmproducent Matthijs van Heijningen dat op de titelrol een verklaring van de kraakbeweging wordt afgedraaid. Tien punten, zoals: 'Deze film plaatst de geschiedenis van de kraakbeweging in een negatief (gewelddadig) daglicht'. En: 'De politie probeert door deelname aan deze film haar naam te zuiveren'. Het laatste punt: 'De kraakstrijd wordt ondanks alle leegstand en hoge huren nog steeds niet serieus genomen'. Dan bakfietsen ze weer weg. “Een typisch Amsterdamse revolutie”, zegt Van Heijningen. “Die beginnen na de lunch en zijn weer afgelopen voor het avondeten.”