Golden Earring is thuis op Parkpop

Parkpopfestival. Gehoord: 25/6 Zuiderpark, Den Haag.

Meer dan 400.000 popliefhebbers, zonaanbidders en dagjesmensen vonden zondag de weg naar het Haagse Zuiderpark voor de vijftiende editie van het gratis toegankelijke Parkpop. De stralende festivaldag stond voral in het teken van een terugblik op de popmuziek van de jaren zeventig, met symfonische cafémuziek van Genesis-afsplitsing Mike & The Mechanics, vrolijke reggae van Pato Banton en robuuste bluesrock van Ian Moore, een jonge Amerikaanse gitarist die aanspraak maakt op de artistieke erfenis van de onlangs overleden Rory Gallagher. Net als Gallagher speelt Moore keiharde blues op een afgebladderde Fendergitaar, en zingt hij met een door whisky geruwde stem.

Publieksfavoriet Golden Earring draaide de klok 25 jaar terug met de lange versie van She flies On Strange Wings, en mocht bij deze thuiswedstrijd pas naar huis na de verplichte toegift Radar Love. De melancholieke feestmuziek van Salif Keita paste uitstekend bij het langverwachte zomerweer en veteraan Dick Dale liet met zijn galmende vibrato tot ver in Den Haag horen waarom hij 'the King of the Surf Guitar' wordt genoemd. Het Schotse Stiltskin bracht robuuste rock met invloeden van Keltische volksmuziek en bewees dat het meer om het lijf heeft dan de hit Inside die was te horen in een spijkerbroekenreclame.

Een hoogtepunt was de welkome terugkeer van het synthesizerduo Sparks van de gebroeders Ron en Russell Mael, bijgestaan door een beeldschone actrice die iets onduidelijks deed achter een batterij elektronische percussie. De hemelse discomuziek van het duo klonk nog even fris als in 1974, toen Russells gierende falset van de hit This Town Ain't Big Enough uit menige transistorradio klonk. Zijn stem en voordracht hebben zelfs aan kracht gewonnen en broer Ron kreeg de lachers op zijn hand met een tapdans-act en potsierlijke danspassen. Het optreden was strak geregisseerd, niet in de laatste plaats omdat bijna alle muziek uit de computer kwam. In dat opzicht behoren Sparks tot de pioniers van allerlei moderne dansmuziek, want tegenwoordig kijkt niemand er meer van op als een artiest de machines het werk laat doen.

Na een lange periode van afwezigheid van het podium, presenteerde soulman Terence Trent d'Arby de nieuwe, meer op rock georiënteerde richting die hij is ingeslagen. Hij opende veelzeggend met een funky versie van The Rolling Stones' Jumping Jack Flash en baarde opzien met zijn grijsblonde haar en lichtgevend roze broek. Onbetwiste publiekstrekkers waren dit keer de Nederlandse bands, want naast Golden Earring trok ook De Dijk een enorme mensenmassa.

De Hollandse soul van de Amsterdammers is evenmin als de stoere-mannenmuziek van de Earring aan spectuculaire ontwikkelingen onderhevig, maar in Den Haag toonde zanger Huub van der Lubbe zijn enorme ervaring als middelpunt van massale feestvreugde. Het werd al aardig fris, constateerde hij aan het eind van een kostelijk festival, waar het inmiddels rood zag van de zonverbrande gezichten.