Gedicht in melk geschreven

Met een gedicht beeïndigt Poetry-deelnemer Benno Barnard zijn korte serie bijdragen over het dichtersfestival Poetry International in Rotterdam, dat afgelopen weekeinde werd afgesloten.

Onderstaand gedicht heb ik afgelopen vrijdagavond op Poetry International voorgelezen, - ik had het twee weken eerder thuis in Antwerpen geschreven. Voor de gelegenheid draag ik het op aan alle buitenlandse deelnemers aan het festival die ik heb horen zeggen dat ze Nederlands zo'n mooie taal vonden, in het bijzonder Jo Shapcott en Michael Donaghy.

NEDERLANDS

In memoriam Christina van Malde, 1919-1995

U hebt het witte gezicht van de melk

die ik dronk in het huis aan de Amstel

waar ik geboren ben. (Zeker paste Parijs u

nog in de lente, maar de zomer barstte uit

uw deux-pièces, het werd november; en nu

vulden regen en schemering de ruit:

een negentiende eeuw legde haar blanke hand

op mijn leven.) Mamma, ik weet het wel

ik was een boze bloem met een roze kelk

en ik ben niet veranderd. Ik ben iemand, niemand

Nederland.

En nog altijd zuigt mijn grote mond

op de consonant die ik zo lekker vond

nog altijd is mijn oudste klinker een en al verbazing

over mijn gulzigheid en mijn verzadiging.

Ik zal mijn hele leven melk hebben gegeten.

U herinnert mij aan dingen die ik nooit geweten heb.

U maakt rijmpjes, zoals vroeger, en vangt mij in het web

van Sebastiaan.

Vandaag was u weer mijn gouvernante met het knotje;

vandaag hebben we redelijkheid, zedelijkheid

de vlucht der vogels en een beetje God gedaan.

Pas hier in Antwerpen ben ik van u gaan houden

als van een verloofde met blauw geslagen ogen

en het hart van een leeuwin. Vaak zit u aan de bar

te babbelen, maar zijn uw naakte benen in elkaar

verstrengeld

om het kleine roofdier te beschermen... Ik slik

uw diftongen als ouwels en noem u Lieve

want iemand moet u zonder ironie zo noemen;

ik neem u

mee naar huis en hoor in mijn slaap uw onzekere hakken

op de glanzende honingraat van de kasseien.

U bent Katinka genoemd door mijn latere vader.

u bent mijn moeder die niet naar me luistert

maar praat dat het gedrukt staat op mijn muren.

O dode moeder

morgen is er weer een nacht waarin ik opschrijf:

ik ben niet alleen van mijzelf.