Een valpartij is mooi meegenomen; Spelregels bestaan niet in de dronkemansnacht van Assen

ASSEN, 26 JUNI. Vijf rondes voor het einde van de 250 cc begint het te regenen. Dikke druppels veranderen de laatste bocht voor de finish in een spekgladde kronkel. Hier heeft het publiek op gewacht; de motorcoureurs gunnen zich geen tijd meer de banden te verwisselen en nemen, in hun hang naar een hogere plaats, aan het eind van de race extra risico. Regen, tijdsdruk en begeerte - het blijkt de ultieme combinatie voor valpartijen. Bij de eerste val veert het publiek overeind, bij de derde val klimmen ze op de stoelen, bij de vijfde val gaan de armen in de lucht. In een paar seconden is de Geert Timmer-bocht bezaaid met tengere coureurs en zware motoren.

Natuurlijk komt het publiek naar de TT in Assen om hoge snelheden en spannende gevechten om de eerste plaats te zien, maar een valpartij is nog altijd mooi meegenomen. Als de renner overeind krabbelt, joelen en fluiten de toeschouwers. Behalve bij de coureur die opstaat, groggy op zijn benen zwaait, om zijn as tolt en vervolgens weer ter aarde stort. Dan wordt het stil op de tribune. Maar als de man in een auto met zwaailichten is afgevoerd, worden de blikken bier weer open getrokken.

Een deel van het publiek dat naar Assen trekt, is vast besloten dit weekeinde een ongeluk te zien. Is het niet op het circuit, dan tarten ze het lot door de avond voor de races - de beroemde nacht van Assen - stomdronken op hun motor te klimmen en op de menigte in te rijden. Spelregels bestaan niet: de truc is weg te springen voor de machine je raakt. Op camping De Haar, een stuk weiland vlak bij het circuit, klimt een jongen met pukkels op een motor om er aan de andere kant weer af te vallen. Zijn vriendin sjouwt hem overeind. Twee mannen laten de motor loeien van hun Crazy Car - een open laadbak op enorme tractorwielen - en rijden vol gas tussen de tenten door.

Het carnaval van het noorden wordt het TT-weekend ook wel genoemd, maar camping De Haar biedt meer de aanblik van een science fiction film als Mad Max beyond Thunderdome. Uitlaatgassen en zwartgeblakerde barbeques trekken een mist op waarin langharige mannen in zwart leer rondrijden, vrouwen laveloos tegen auto's aanvallen, jongens elkaar voor de lol om de oren slaan en de toiletwagen vooral wordt gebruikt om tégen te plassen. Uit twee speakers klinkt onafgebroken het geluid van optrekkende racemotoren. Om kwart voor elf worden de wagens van de mobiele eenheid in slagorde opgesteld, om half twaalf steekt iemand een duizendklapper af, om twaalf uur richten dronkaards hun vuurpijlen op voorbij rijdende motoren.

De volgende dag zijn deze 'kampeerders' weinig waard. Ze waggelen richting races, hun ogen dicht knijpend tegen het felle licht. De betere plaatsen zijn dan al ingenomen door liefhebbers die in de vroege ochtend hun klapstoelen hebben neergezet. Zij zien de oppermachtige Biaggi in de 250 cc klasse, zo zeker van zijn zaak dat hij regelmatig een wheelie maakt waarbij het voorwiel van de grond komt. Het rondtrekkende Grand-Prixcircus blijkt de Italiaan van ieder tijdsbesef te hebben beroofd als hij even later verklaart deze overwinning te zien als het mooiste verjaardagscadeau. Morgen wordt hij immers 24, zegt hij. In werkelijkheid is de man pas maandag jarig en danig in de war omdat in Assen de Grand Prix op zaterdag wordt gereden in plaats van op zondag, zoals in de rest van de wereld.

In de daaropvolgende 500 cc klasse kijken de toeschouwers naar een felle strijd om de eerste plaats, die de Brit Doohan uiteindelijk wint. Hij is bij publiek en organisatie niet erg geliefd, nadat hij het circuit van Assen vorig jaar vergeleek met “een weg waar men cafés neer zou moeten zetten” en het jaar daarvoor sprak over “een stratenparcours dat gevaarlijker is dan Monte Carlo en waar alleen nog geen bomen staan”.

Na de 125 cc klasse, waar de Nederlander Boedelier verstek laat gaan na een ernstig val vrijdag bij de training, eindigen de officiële klassen voor het wereldkampioenschap, maar gaat het publiek er eens goed voor zitten. Aan de start verschijnen de Thunderbikes, race-monsters van 600 cc sterk. Klasse der armen zeggen de journalisten in het rennerskwartier gekscherend, omdat de motoren minder kostbaar zijn dan de geavanceerde 500 cc machines, maar het publiek ziet nu eenmaal graag coureurs van eigen bodem en bij de Thunderbikes rijden maar liefst negen Nederlanders mee. Jeffrey de Vries vecht zich naar voren. Hij wordt tweede en tevens held van de dag.

Dan, nadat de zijspannen de TT hebben afgesloten, begint de eigen parade der kampioenen. Over de snelweg richting Zwolle trekt een stoet van motoren, tot groot vermaak van de Drenthenaren die zich in de bermen hebben verschanst. En tot groot plezier van de politie, die onder meer veertien motorrijders bekeurt voor het maken van een wheelie, tien rijders omdat hun motor een verkeerde uitlaat heeft en tien rijders omdat ze geen helm dragen. In totaal wordt dit weekeinde voor 26.000 gulden aan boetes geïncasseerd. De politie van Assen laat weten erg tevreden te zijn over het verloop van deze 65ste TT.