Regiovorming in de knel

NA DE REFERENDA over de stadsprovincie in Amsterdam en Rotterdam leek de impasse compleet. De lokale moties van afkeuring tegen opdeling van de centrumstad zijn weliswaar niet direct bindend, maar vallen politiek gezien niet te negeren. Het alternatief van een ongedeelde - en overheersende - centrumgemeente is nagenoeg onaanvaardbaar voor de randgemeenten en in elk geval een recept voor tweespalt die de levensvatbaarheid van de nieuwe bestuursvorm niet ten goede komt.

Kabinet en Tweede Kamer hebben na de referenda een adempauze ingelast in de behandeling van de bijzondere wet voor Rotterdam, die als voortrekker van de vernieuwing fungeert. Maar het werd deze week wel duidelijk dat zij voorshands onverkort vasthouden aan het instellen van een nieuwe bestuursvorm voor de grootstedelijke agglomeraties. Dat kan ook moeilijk anders. Het gegroeide woud van intergemeentelijke samenwerkingsvormen is hard aan sanering toe. Ze zijn vaak te versplinterd en in beginsel niet onderworpen aan directe democratische controle. Bovendien is ons land te klein voor een extra bestuurslaag tussen gemeente en provincie.

Veel speelruimte laten deze uitgangspunten staatssecretaris Van de Vondervoort (binnenlandse zaken) niet. De verdeling van bevoegdheden tussen regiobestuur en gemeenten kan wat worden bijgesteld. En wellicht is ondanks de referenda een beperkte herindeling van de centrumgemeente mogelijk. De toevoeging van enkele nieuwe gemeenten aan de regio louter als tegenwicht - zoals de 'Drechtsteden' in het geval van Rotterdam - is wel heel kunstmatig. Een reden temeer om de omvang van de centrumgemeente te bezien is dat dan meteen de dwaze lappendeken van de bestaande deelgemeenten kan worden opgeschoond. De krachtige afwijzing van verregaande opdeling van de stad in beide referenda is niet los te zien van het gebrek aan succes van de deelraden.

Het is niet vrij van ironie dat twee referenda als paradepaardje van de lokale democratie vooral als gevolg hebben dat nu de nationale overheid de knopen moet doorhakken. Deze nieuwe rol heeft niet alleen gevolgen voor de beoogde stadsprovincies Rotterdam en Amsterdam. Op de nominatie voor bestuurlijke vernieuwing staan ook nog de Haaglanden en vier andere stedelijke knooppunten. De sanering van de bestuurlijke hulpstructuren heeft in beginsel consequenties voor het hele land.

HET VORIGE KABINET heeft het eindresultaat nadrukkelijk opengelaten - 'geen blauwdruk' - ter wille van het lokale draagvlak. Dit argument heeft aan kracht ingeboet na de tik op de neus die de inwoners van Amsterdam en Rotterdam per referendum aan hun stedelijke overheden hebben uitgedeeld. Naarmate het zwaartepunt in de bestuurlijke hervorming naar regering en parlement verschuift, wordt de vraag sterker waar zij eigenlijk naar toe willen. Niet de minste les van de referenda is dat een vaag recept niet zonder risico's is.