Koers van Philips bereikt hoogtepunt

AMSTERDAM, 24 JUNI. Het elektronicafonds Philips verheugt zich de laatste maanden in grote belangstelling van de belegger. Overigens past dat binnen een algemener beeld: mondiaal doen op de beurzen veel technologiefondsen het thans erg goed.

Drijvende kracht achter de opmars van Philips, dat gistermiddag de week afsloot op een hoogste jaarkoers van 65,80 gulden, is de forse winst die op de fabricage en verkoop van semiconductors wordt behaald. Analist A. Dibbets van zakenbank MeesPierson schat dat deze activiteit in het lopende boekjaar 40 procent van Philips' bedrijfsresultaat zal opleveren. “Die markt voor semiconductors is bovendien een stuk minder cyclisch dan voorheen”, stelt de analist vast. “Want de toepasbaarheid van chips is al lang niet meer beperkt tot de computerindustrie. Ook in de handtelefonie en andere smart toepassingen tref je ze tegenwoordig aan.”

De koers van Philips steeg gisteren naar de hoogste koers tot nu toe dit jaar. Maar Dibbets denkt dat het aandeel nog steeds is ondergewaardeerd. Haalde het elektronicaconcern in 1994 nog een winst per aandeel uit gewone bedrijfsuitoefening van 6,16 gulden, voor dit jaar taxeert de analist 7,99 per aandeel en voor 1996 8,61 gulden. Afgezet tegen de taxatie voor het lopende boekjaar betaalt de belegger dus momenteel voor Philips circa 8 keer de winst per aandeel.

“In het concern zitten een aantal verborgen juwelen, die in de koers onvoldoende tot uitdrukking komen”, meent de analist. Zo heeft Philips een belang van 56 procent in ASM Lithography (produktie van halffabrikaten voor de chipsindustrie). Ook bezit het concern nog een belang van 1,5 procent in de Amerikaanse mediagigant Viacom. Tegen de actuele beurskoers zijn deze pakketten aandelen ruim 700 miljoen gulden waard. Alleen van de stukken Viacom is overigens bekend dat Philips ze niet van strategisch belang vindt, zodat ze mogelijk verkocht worden.

Verder verwerft een koper van het aandeel Philips tegelijkertijd een deel van dochteronderneming Polygram, voor 75 procent in eigendom van Philips. Als de waarde van die drie aandelenpakketten (ASM Lithography, Viacom en Polygram) op de beurswaarde van Philips in mindering wordt gebracht, wordt een indicatie verkregen van de waarde van de zogeheten kern van het elektronicafonds. Het betreft de divisies verlichting, componenten & semiconductors, professionele produkten & systemen, consumentenelektronica en andere consumenteprodukten. Als de waarde van die kern wordt afgezet tegen de geprognotiseerde winst in 1995 (7,99 gulden) blijkt de belegger maar 4 à 4,5 keer de winst per aandeel te betalen, berekende analist Dibbets. “Dat is extreem weinig”, vindt hij. Als belangrijke oorzaak daarvoor noemt hij een bij sommige beleggers levende angst dat binnenkort de Amerikaanse economie - en enige tijd later diverse Europese economiën - in een recessie belanden, wat zijn weerslag op Philips' omzet en winst niet zou missen.

Voor de Amsterdamse beurs was ook deze week geen nieuw record weggelegd, zoals trouwens op Wall Street wederom opnieuw wel het geval was. De graadmeter, de AEX-index, wist tegen het einde van de week wel te stijgen. Belangrijke impuls kwam van Wall Street waar analisten de kans op een rentedaling zien toenemen. Het sentiment op de beurs werd gisteren enigszins gedrukt door inflatievrees in Duitsland, waarna de index sloot op 434,93 punten, ofwel per saldo 4,22 punten hoger dan vorige week.