Jonas Salk, ontdekker polio-vaccin, overleden

LA JOLLA, 24 JUNI. Dr Jonas Salk, die in 1953 het polio-vaccin ontdekte, is gisteren op 80-jarige leeftijd aan een hartziekte overleden in een ziekenhuis in Californië. Salk werkte de laatste jaren voortvarend aan een vaccin tegen aids.

Salk zette zijn leven lang zijn ideeën door, ook al reageerden andere geleerden sceptisch. “Sommigen moeten hun tijd vooruit zijn”, zo zei hij zelf. “En dat is mijn noodlot”.

Salk werd in de jaren vijftig een held voor veel Amerikanen, toen hij de sceptici in het ongelijk stelde en het eerste polio-vaccin ontwikkelde. Voordien stierven jaarlijks tienduizenden aan polio - de ergste epidemie in de Verenigde Staten was in 1952 - terwijl vele anderen verlamd bleven.

In Nederland zijn na 1956 nog slechts enkele tientallen gevallen van polio vastgesteld, als gevolg van de massale inenting met het Salkvaccin in 1957. Zijn vaccin bestaat uit poliovirus, dat langs chemische weg wordt gedood met formaline en per injectie wordt toegediend. Het vaccin wordt tegenwoordig in combinatie met entstoffen tegen difterie, kinkhoest en tetanus (DKTP) gegeven.

Met name de strijd van de Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt tegen polio vestigde de aandacht op de ziekte. Een van zijn medestanders leidde de stichting die Salks onderzoek hielp financieren.

Salk, zijn vrouw en hun drie zoons waren onder de eersten die indertijd met het nieuwe vaccin tegen polio werden ingeënt - zoals hij in de jaren tachtig ook had beloofd onder de eerste ontvangers van een door hem ontwikkelde aids-inenting te zijn. In 1954 namen meer dan 1,8 miljoen schoolkinderen deel aan een nationale test van het polio-vaccin tijdens het grootste medische experiment in de Amerikaanse geschiedenis.

Veel geleerden vonden dat Salk werd overschat. Zijn werk was “zuivere keukenscheikunde”, aldus zijn rivaal Albert Sabin, die een ander vaccin tegen polio ontwikkelde. Het vaccin van Sabin wordt door de mond opgenomen - het bekende suikerklontje - en volgt zo de natuurlijke weg van het poliovirus. Het gaat daarbij om een levend virus dat uitsluitend enterotope eigenschappen heeft. Het leeft in het darmkanaal, maar bereikt niet het centrale zenuwstelsel. Sabin: “Hij ontdekte helemaal niets”. Salk op zijn beurt schreef dergelijke reacties aan jaloezie toe. Overigens wordt Sabins vaccin door de meeste deskundigen als werkzamer beschouwd en in heel Noord-Amerika, Europa en de voormalige Sovjet-Unie gebruikt. Maar ook Salks vaccin wordt nog toegepast.

Salk werkte sinds 1986 aan een aids-vaccin, dat wil zeggen een behandeling om de ontwikkeling van symptomen bij mensen, die al besmet zijn met het virus te onderdrukken, een soort 'boosting' van de resterende afweer. Maar hij hoopte uiteindelijk een echt vaccin te ontwikkelen om niet-geïnfecteerden tegen aids te beschermen. Daarbij werkte hij ook weer met dood virusmateriaal, naar het model van zijn polio-vaccin. Evenals in de jaren vijftig waren er ook nu de nodige sceptici, maar Salk liet zich daardoor niet uit het veld slaan. “Mijn eigen standpunt is dat we de problemen te boven zullen komen”, zei hij eerder dit jaar.