Het ware ontstaansverhaal van Wim

Vandaag wordt in het Kinderboekenmuseum in Den Haag een tentoonstelling geopend gewijd aan het werk van Annie M.G. Schmidt. Tot 14 jan. 1996

'Wim is weg. Naverteld door Annie M.G. Schmidt. Getekend door Rogier Boon. Oorspronkelijk Nederlands Gouden Boekje', staat er op het titelblad van het populaire kinderboekje Wim is weg, uitgegeven door De Bezige Bij in 1959.

Dat is, althans wat de mededeling over Annie M.G. Schmidt betreft, een nogal cryptische mededeling, want er staat niet bij wie dan het verhaal schreef dat Annie navertelde.

Door die onduidelijkheid heeft het idee postgevat dat Annie M.G. Schmidt de auteur is van het succesvolle Nederlandse Gouden Boekje, over een jongetje dat van huis wegfietst op zijn nieuwe rode fietsje en zoek raakt.

De overige Gouden Boekjes uit de reeks zijn van oorsprong Amerikaans, en werden bewerkt door Annie Schmidt en Han G. Hoekstra.

Op de Kinderpagina van deze krant die vlak na het overlijden van Annie Schmidt verscheen en gewijd was aan de kinderboekfiguren die zij heeft geschapen, figureerde Wim uit Wim is weg dan ook als creatie van Annie tussen haar Dikkertje Dap, Otje, Pluk, Jip en Janneke en Pieter Hendrik Hagelslag. Bron daarvoor was ondermeer het boek over Annie van uitgeverij Querido, Altijd acht gebleven.

Maar het klopt niet. Annie heeft Wim niet bedacht. Wim is een schepping van tekenaar Rogier Boon (1937-1995). Hij verzon en schreef het verhaal en maakte de tekeningen met plakkaatverf. In 1958, als afstudeeropdracht voor de Kunstnijverheidsschool in Amsterdam, (de latere Rietveldacademie) waar hij met onder anderen Peter van Straaten het vak van illustrator leerde.

Rogier Boon is, net als Annie Schmidt, dit jaar overleden. Op 26 januari. Omdat zowel Boon als Schmidt nu weg is schreef Boons broer Mark een brief naar de krant om het ware ontstaansverhaal van Wim even uit de doeken te doen.

Zowel Rogiers moeder, de schrijfster Lilian Ducelle, als zijn voormalige vrouw, Ellen Derksen, en zijn dochter, Siem Boon, bevestigen het verhaal. Lilian Ducelle schreef er in een recent nummer van het blad Moesson (15 juni 1995) over.

Rogier moest als examenopdracht een verhaal illustreren voor kleuters vanaf vier jaar. Zijn moeder herinnert zich nog hoe hij, nog bij zijn ouders wonend, tot diep in de nacht aan het schilderen was aan Wim is weg. En hoe hij het verhaal dat hij zelf gemaakt had liet lezen aan zijn vader, Jan Boon, beter bekend als de Indisch-Nederlandse schrijver Tjalie Robinson, die overigens ook cartoonist was. “Pa Tjalie kwam dat weekeinde thuis van Den Haag, waar hij als een bezetene dag en nacht in de weer was zijn tijdschrift Tong-Tong in leven te houden. Hij bekeek Rogiers tekeningen en zei: 'Very good son!' en toen hij de tekst las: 'Je moet de zinnen korter maken, de woorden eenvoudiger.' En hij schrapte en veranderde en Rogier typte zijn verhaal over.”

Volgens Rogiers moeder heeft Annie Schmidt de tekst nooit zelf onder ogen gehad, en heeft de uitgeverij om commerciële redenen haar naam erbij gezet. Maar Rogiers vrouw en zijn dochter herinneren zich dat hij daar een ander verhaal over vertelde. Hij had het boek De rode fiets genoemd. Annie Schmidt, die de tekst hier en daar aanpaste, heeft, zo vertelde Rogier Boon, de titel Wim is weg gekozen. En het was de directeur van de kunstacademie die het werkstuk van Rogier zo mooi vond, dat hij ervoor zorgde dat het bij de uitgeverij terecht kwam.

Wim Schouten, directeur van De Bezige Bij ten tijde van het uitkomen van Wim is weg, zegt dat het heel wel mogelijk is dat het zo is gegaan. Hij kan het zich allemaal niet meer precies herinneren.

Rogier Boon was rond de twintig toen hij Wim is weg maakte, en was nog nooit in Amerika geweest. Toch ogen zijn illustraties erg Amerikaans. Dat komt, denkt zijn moeder, omdat hij erg op Amerika georiënteerd was (zijn vader verbleef er enige tijd) en, volgens zijn dochter, omdat hij als kind in Indonesië had gewoond, waar je ook bergen en heuvels en huizen zonder verdiepingen hebt, zoals die ook in Wim is weg te zien zijn. “Als jongetje fietste mijn vader daar veel in de heuvels met zijn neefje”, aldus Siem. Rogiers moeder herkent in het interieur van Wims huis haar eigen interieur uit de jaren vijftig.

Rogier Boon heeft na Wim is weg geen kinderboeken meer gemaakt. Hij stelde zijn talenten in dienst van de activiteiten die zijn vader had opgezet om een brug tussen de Indische-Nederlanders en de overige Nederlanders te slaan. Daarvoor had Jan Boon het blad Tong-Tong opgericht, dat tegenwoordig Moesson heet. En daartoe werd ook in Den Haag jaarlijks een grote op Indonesië georiënteerde jaarmarkt georganiseerd, de Pasar Malam Besar.

Rogier ontwierp prachtige omslagen voor Tong-Tong, en maakte honderden illustraties voor het blad, meestal ondertekend met zijn voornaam Rogier. Hij werkte ook incidenteel voor reclamebureaus of maakte boekomslagen, zoals voor Johan Fabricius' De gordel van smaragd. Hij illustreerde boeken die zijn vader schreef, zoals Tjoek. En voor de Pasar Malam ontwierp hij de affiches en de lettering: het beeldmerk van de Pasar, krulletters in een zonnetje, zijn van hem. Die Pasar-affiches hangen momenteel in Den Haag, waar tot 25 juni de 37ste Pasar Malam Besar gehouden wordt. Daar zijn ook nog delen van decors en decoraties die hij ontwierp te zien, zoals bij de ingang een Indisch huis, en waaierachtige decoraties.

Het zou de schepper van de 'kinderbestseller' Wim is weg recht doen, als De Bezige Bij in nieuwe drukken op het titelblad na de mededeling 'Naverteld door Annie M.G. Schmidt' zou vermelden: Bedacht en getekend door Rogier Boon.

    • Paul Steenhuis