Samen naar de maraboet

Rabah Belamri: Geschonden blik. Vert. Truus Boot. Uitg. Ambo/Novib, 135 blz. ƒ 27,50.

Nu de Noordafrikaanse literatuur zich mag verheugen in groeiende internationale belangstelling, verschijnen er steeds regelmatiger Nederlandse vertalingen. Zo is onlangs de tweede roman van Rabah Belamri, waarvoor hij in 1987 de Prix France-Culture ontving, uit het Frans vertaald. In Geschonden blik beschrijft hij, tegen de achtergrond van de Algerijnse onafhankelijkheidsstrijd, hoe een jongen de wereld der volwasssenen betreedt en daarbij verwonderd om zich heen blikt. De hoofdpersoon kent geen hiërarchie in tijd of gebeurtenis: een eerste verliefdheid blijkt net zo wereldschokkend als het verloop van de oorlog en het verdriet om de dood van zijn hond is net zo hevig als de angst voor het geweld van de vechtende partijen. Flarden van verhalen rijgen zich aaneen, de ene gebeurtenis lokt de andere herinnering uit en terwijl de ervaringen zich opeenstapelen, probeert de hoofdpersoon zijn eigen positie te bepalen temidden van turbulente veranderingen.

Hassan is vijftien jaar als de oorlog in 1962 op z'n einde loopt. Terwijl de chaos om zich heen grijpt in de laatste maanden van de strijd, dreigt de jongen zijn gezichtsvermogen te verliezen als gevolg van een hardnekkige oogkwaal. Niet de kwaal zelf, maar de middelen die zijn moeder aanwendt om hem te genezen blijken funest. In een wanhopige poging om de kwade geesten uit zijn lijf te verdrijven sleept ze hem mee van maraboet naar helderziende en van kwakzalver naar welwillende buurvrouw.

Zijn beperkte zicht verhindert hem overigens niet om een haarscherpe en onverbiddelijke blik te werpen op de mensen en gebeurtenissen om hem heen. De jongen verliest zijn onbevangenheid als hij ervaart hoe volwassenen politieke motieven voorwenden om zich over te kunnen geven aan haat en wrok. Verwarring en angst overvallen hem als niets meer eenduidig blijkt te zijn in het afgelegen Berberdorp. Vroegere vrienden moet hij ineens gaan zien als vijanden, omdat ze dienst nemen in het Franse leger en de fellaga's, de verzetsstrijders die werden onthaald als heroïsche bevrijders, blijken ook niet terug te schrikken voor wreedheden. Door Hassans ogen bezien we een jonge natie aan de wieg van haar zelfstandigheid, vol van idealen, maar met het zicht op de toekomst vertroebeld door verdeeldheid en opportunisme.