Kritiek op groei wachtgelden; Kamer: Ritzen te hard tegen hogescholen

DEN HAAG, 23 JUNI. De Tweede Kamer heeft scherpe kritiek op minister Ritzen (onderwijs). Ze vindt dat de minister de hogescholen te hard aanpakt inzake de wachtgeldproblematiek.

Dit bleek gisteren tijdens een Kamervergadering over de wachtgeldproblemen in het onderwijs.

PvdA-Kamerlid W. van Gelder noemde de plotselinge verhoging door Ritzen van de boete bij ontslag op hogescholen, afgelopen april, broddelwerk. “De minister hanteert te veel de botte bijl”, aldus Van Gelder. Hij betwijfelde ook of Ritzens maximum voor de wachtgelduitgaven in het HBO van drie procent van het totale budget wel haalbaar was.

Ritzen wees echter kritiek op zijn beleid af. Hij wil het HBO alleen tegemoet komen in de toezegging dat de hoge boetes bij ontslag in sommige gevallen, bijvoorbeeld bij de net begonnen reorganisatie van de Noordelijke Hogeschool in Leeuwarden, wellicht verzacht kunnen worden. De HBO-raad liet gisteren weten dat met deze houding het overleg met Ritzen in een impasse dreigt te komen.

De uitgaven voor wachtgelduitkeringen aan ontslagen docenten stegen in het HBO van 161 miljoen gulden in 1990 tot 202 miljoen in 1994 (10,1 procent van het totale budget). In het wetenschappelijk onderwijs stegen de uitgaven van 318 miljoen gulden in 1990 naar 357 miljoen in 1994 (7,3 procent van het totale budget). Ritzen heeft echter de beschikbare budgetten voor wachtgeld in die periode gestaag verlaagd, zodat de wachtgelduitgaven van de hogescholen en universiteiten ten koste gaan van het onderwijs. “De scholen moeten de pijn voelen voor de onnodige wachtgelders”, aldus Ritzen. “Ik zou niet weten hoe ik het anders had moeten doen.”

De Algemene Rekenkamer had vorige week in een rapport over de wachtgelden van de universiteiten scherpe kritiek op deze houding. De Rekenkamer vindt dat Ritzen de hoogte van het wachtgeldbudget slordig heeft berekend en te laat heeft ingegrepen om de gestage stijging van de uitgaven te remmen. Ritzen verdedigde zich gisteren in de Kamer tegen deze kritiek met een beroep op de autonomie van hogescholen en universiteiten. Misschien had hij eerder kunnen ingrijpen, zei Ritzen, maar dat had betekent dat zijn ministerie twee keer zo groot zou moeten zijn geworden om alle ontslagen en wachtgeldtoekenningen te controleren.

De stijging van de wachtgelduitgaven van de universiteiten blijkt vooral te worden veroorzaakt door de stijging van uitkeringen aan ontslagen assistenten in opleiding (AIO). “Dat is een zaak van eigen beleid van de universiteiten”, aldus Ritzen, die dan ook niet van plan was om de huidige regelingen voor AIO's te veranderen. Als de universiteiten willen, kunnen ze de AIO's ook een beurs bieden in plaats van een dienstverband. Ritzen: “De universiteiten hebben mij altijd zeer zelfbewust gezegd dat ze het zelf wel aankunnen. Misschien is er wel een crisis nodig om afdoende maatregelen te nemen. Het wachtgeld wordt vaak volstrekt onnodig toegekend, maar zo lang we van bovenaf geld blijven bij geven, verandert er niets.”

De Kamer wil meer duidelijkheid over de aantallen wachtgelders in alle sectoren van het onderwijs. Ritzen zegde zo'n nieuw onderzoek toe, maar hij waarschuwde dat hij pas nieuw beleid kan overwegen als er in september duidelijkheid is over bredere veranderingen in het hoger onderwijs.